Medische encyclopedie
Samenwerking van verschillende therapievormen met als doel de optimale revalidatie van de patiënt te bereiken
De coördinatie van de diverse therapieën in het revalidatieteam is van het grootste belang. Onder leiding van de revalidatiearts komen daarom, meestal wekelijks, de verpleegkundigen en de therapeuten die een bepaalde patiënt behandelen bij elkaar om de vorderingen van de patiënt te bespreken. Aan de hand van de resultaten wordt tijdens zo’n bespreking het revalidatieprogramma zo nodig bijgesteld, uitgebreid of ingekrompen, tot het optimale programma is bereikt. De patiënt wordt dan optimaal behandeld tot de revalidatiedoelen zijn bereikt.
Tijdens de behandeling vinden ook periodieke controles op het spreekuur van de revalidatiearts plaats, waarbij de resultaten van de behandeling worden besproken. De patiënt kan zijn eventuele wensen kenbaar maken en de revalidatiearts kan er alsnog voor zorgen dat die wensen worden gehonoreerd.
Naar boven
Technische hulpmiddelen
De revalidatiearts kan ook met technici van buiten het team samenwerken om een patiënt te helpen. Dat betreft dan een orthopedisch instrumentmaker of een orthopedisch schoenmaker. Een orthopedisch instrumentmaker maakt beugels, prothesen en korsetten. Meestal is er een gemeenschappelijk spreekuur van de revalidatiearts en de instrumentmaker die samen de patiënten zien die een dergelijk hulpmiddel nodig hebben. In onderling overleg met de patiënt wordt dan het juiste hulpmiddel gekozen. Zodra dit hulpmiddel is vervaardigd, komt de patiënt op dit gemeenschappelijk spreekuur terug en wordt bekeken of het juiste hulpmiddel is gemaakt en of het de hulp biedt die nodig is.
Voor de orthopedisch schoenmaker geldt hetzelfde. Ook deze heeft vaak een gemeenschappelijk spreekuur met de revalidatiearts waarop in onderling overleg wordt vastgesteld welke schoenaanpassing de patiënt nodig heeft. Ook in dat geval komt de patiënt op het spreekuur terug als de schoenen ‘in de pas’ klaar zijn.
Naar boven
Behandelprotocollen
Ook in de revalidatiegeneeskunde bestaan behandelprotocollen en -richtlijnen, die als leidraad voor de op te stellen revalidatieprogramma’s dienen. De aard en omvang van het terrein dat de revalidatiegeneeskunde bestrijkt, maakt het echter onmogelijk alles in richtlijnen vast te leggen. De revalidatiearts zal namelijk bij het opstellen van het revalidatieprogramma rekening moeten houden met de individuele wensen van de patiënt en daarnaast met diens omstandigheden. Het maakt nogal verschil of iemand alleen woont of samenwoont met een partner die nog gezond is en de patiënt zo nodig de helpende hand kan bieden. In dit laatste geval zal de behandeling vaak sneller poliklinisch kunnen plaatsvinden en zijn misschien minder aanpassingen en voorzieningen nodig, wat de duur van de klinische revalidatiebehandeling kan bekorten.
Verdere informatie over revalidatiegeneeskunde is te vinden op de site van de Nederlandse Vereniging van Revalidatieartsen: vra.artsennet.nl. Daar zijn ook veel links te vinden naar andere sites op het gebied van handicap en revalidatie. Op de site van Revalidatie Nederland (www.revalidatie.nl) zijn de adressen van de revalidatiecentra in Nederland te vinden.
Oefentherapie Cesar en Mensendieck zijn methoden die gericht zijn op de behandeling en voorkoming van klachten die het gevolg zijn van een onjuist houdings- en bewegingspatroon, al dan niet veroorzaakt door een bepaalde afwijking of ziekte. Bijvoorbeeld voor mensen die hun rug hebben overbelast door verkeerd tillen of verwaarlozing van hun buikspieren. De basisgedachte van deze therapieën is dat mensen hun verkeerde houding afleren en nieuwe goede houdings- en bewegingsgewoonten aanleren.
Naar boven
Andere artikelen over revalidatiegeneeskundige behandeling
Naar boven
Tekst: © Dorling Kindersley Ltd., 2003
Vertaling en bewerking: © Kosmos-Z&K Uitgevers b.v., 2006
U bevindt zich hier: