Astma

Artikelen over astma

Medische encyclopedie

Bij astma trekken de spieren in de wand van de luchtwegen zich samen, waardoor deze nauwer worden. Dit veroorzaakt aanvallen van benauwdheid en een piepende ademhaling. Bij sommige mensen ontstaat astma door een allergie. Dit allergische type astma komt vooral in de kindertijd voor.

Astmamedicijnen

Er zijn twee soorten astmamedicijnen:

  • Snelwerkende bronchusverwijders, die de spieren van de luchtwegen ontspannen.
  • Medicijnen waarmee aanvallen op termijn kunnen worden voorkomen, zoals corticosteroïden.

Beide medicijnen worden meestal geïnhaleerd. De medicijnen bereiken dan snel de luchtwegen. Ook zijn er weinig bijwerkingen, omdat er maar een kleine dosis nodig is. Voor het inhaleren wordt een dosisinhalator gebruikt. Deze geeft een afgemeten dosis als hij wordt ingedrukt. Gebruik een dosisinhalator bij voorkeur met een voorzetkamer. In Nederland wordt ook vaak met inhalatie van medicijnen in poedervorm gewerkt. Bij patiënten met ernstige aanvallen kan een vernevelaar worden gebruikt. Hiermee kan de patiënt een hoge dosis van het medicijn inhaleren zonder dat het veel kracht kost.

De dosisaërosol bestaat uit een metalen busje met vulling en een plastic houder. Het is belangrijk de aërosol steeds te schudden voor gebruik. Houd het apparaatje zo dat het mondstuk onderaan zit en het metalen busje omhoog wijst. Wanneer u het busje in de houder aandrukt, komt een wolkje medicijn vrij (één dosis). Na elke dosis moet u de aërosol opnieuw schudden.

Een aërosol werkt het best als u er een inhalatiekamer bij gebruikt. De aërosol past precies in de opening van de inhalatiekamer. Tegenover die opening zit het mondstuk. Het medicijn wordt in de inhalatiekamer gespoten en via het mondstuk ingeademd. Lees de instructies goed door. Voor baby’s zijn er inhalatiekamers met een zacht rubberen masker dat over de neus en mond past.

Toediening van één dosis met inhalatiekamer

  • schud de aërosol;
  • zet de aërosol in de opening van de inhalatiekamer;
  • zet uw tanden op het mondstuk en sluit de lippen eromheen;
  • plaats bij kinderen het maskertje over de mond en neus van uw kind, zodat het goed afsluit (laat oudere kinderen de tanden op het mondstuk zetten en de lippen er omheen sluiten);
  • druk één keer op de aërosol zodat er een wolkje medicijn vrijkomt;
  • adem vijf keer rustig diep in en uit, zonder uw mond van het mondstuk te halen;
  • bij kinderen: laat uw kind rustig vijf keer diep in en uitademen, terwijl u het kapje goed (afsluitend) op zijn plaats houdt. Controleer bij grotere kinderen (ouder dan vier jaar) dat de lippen goed rond het mondstuk sluiten.

Hoe werkt een poederinhalator?

Het poeder uit een poederinhalator moet krachtig worden ingeademd. Meestal kunnen kinderen vanaf zes jaar dit al. In de meeste inhalatoren zit een voorraad voor vijftig, zestig, honderd of tweehonderd inhalaties. Sommige inhalatoren werken met poedercapsules, waarvan u er elke keer weer één in het apparaatje moet stoppen. Bij elk apparaatje staat op de gebruiksaanwijzing hoe het werkt. Tijdens het inhaleren kan het poeder kriebel in de keel veroorzaken. Soms helpt het om vlak voor het inhaleren een slok koud water te drinken.

Toediening van één dosis met een poederinhalator

  • maak de poederinhalator gebruiksklaar;
  • adem goed uit;
  • zet de tanden op het mondstuk en sluit de lippen er omheen;
  • adem krachtig en diep in, terwijl u de poederinhalator horizontaal houdt;
  • na het inademen moet u of uw kind de adem vijf seconden inhouden (tel rustig van één tot vijf);
  • adem daarna langzaam uit, liefst door de neus;
  • herhaal de handelingen zodat u zeker weet dat alle restjes poeder zijn ingeademd;
  • na het inademen van een ontstekingsremmer moet u de mond of die van uw kind goed spoelen (water uitspugen) om restjes medicijn te verwijderen. Na inademen van een luchtwegverwijder is spoelen niet nodig.
Dosisinhalator
Dosisinhalator
  1. Dosisinhalator
  2. Mondstuk
  3. In voorzetkamer verdeeld medicijn
  4. Dosisinhalator
Vernevelaar
Vernevelaar
  1. Pomp
  2. Slang
  3. Medicijnkamer
  4. Mondstuk

Medische encyclopedie

Bij astma trekken de spieren in de wand van de luchtwegen zich samen, waardoor deze nauwer worden. Dit veroorzaakt aanvallen van benauwdheid en een piepende ademhaling. Astma-aanvallen worden vaak uitgelokt door contact met stoffen waar iemand allergisch voor is, zoals kattenhaar of pollen.

Met de volgende maatregelen kunt u zelf de kans op een astma-aanval verkleinen:

  • Vervang harige vloerbedekking door bijvoorbeeld zeil, parket, laminaat of tegels.
  • Rook niet in huis.
  • Voorkom vocht in huis door goede ventilatie.
  • Hou geen harige dieren of vogels als uw kind er allergisch voor is. Soms is het nodig om een huisdier weg te doen.
  • Soms helpt het om de slaapkamer van uw kind zo aan te passen dat er minder huisstofmijt is. Stof meubels met een vochtige doek af.
  • Gebruik geen harige dekens. Zorg voor synthetische dekbedden, kussens en matrassen.
  • Hou de ramen dicht als er veel pollen in de lucht zitten en deze een probleem vormen.
  • Gebruik geen sterk geurende producten zoals luchtverfrissers, mottenballen en parfum.
  • Als u weet voor welke prikkels uw kind gevoelig is, kunt u die proberen te vermijden. Een allergietest kan aantonen of bepaalde allergische prikkels bij uw kind een rol spelen.
  • Als uw kind bij inspanning benauwd wordt, betekent dat niet het kind moet stoppen met bewegen. Juist bij kinderen met astma is lichaamsbeweging belangrijk.
  • Een allergieonderzoek kan aantonen of uw kind gevoelig is voor bepaalde prikkels. Als bekend is voor welke prikkels uw kind gevoelig is, moet uw kind proberen die te vermijden. Bij een allergie voor huisstofmijt betekent dit dat u de kinderslaapkamer zoveel mogelijk stofvrij en droog moet houden.

U bevindt zich hier:

U gebruikt een verouderde webbrowser, wij raden u aan over te schakelen naar een van onderstaande moderne internetbrowsers.