Een bypass is een operatie waarbij de chirurg een omleiding om een of meer vernauwde kransslagaders legt met behulp van bloedvaten die uit de borst of benen worden gehaald. De operatie duurt ongeveer twee uur. Eventueel wordt het hart stilgelegd. Dan neemt een hart-longmachine de functie van het hart tijdens de operatie over (zie TECHNIEK: Operatie met behulp van een hart-longmachine). Tegenwoordig worden steeds vaker de minder ingrijpende operaties zonder hart-longmachine uitgevoerd. Na de ingreep blijft de patiënt één tot enkele dagen op de intensive care.
Als slechts één kransslagader vernauwd is of helemaal dicht zit, wordt een van de borstslagaders, meestal de linker, als bypass gebruikt. Een slagader is geschikter voor een omleiding dan een ader, want slagaders zijn gebouwd op de bloeddruk die ook in de kransslagaders heerst en ze raken minder snel geblokkeerd.
PLAATS VAN DE OPERATIE
- 1
- De linkerborstslagader wordt doorgesneden. Het bovenste deel blijft aan de ondersleutelbeenslagader bevestigd, het onderste deel wordt afgebonden.
- Ondersleutelbeenslagader
- Borstslagader
- Vernauwing in kransslagader
- Plek snede
- 2
- Het vrije einde van de borstslagader wordt voorbij de vernauwing op de kransslagader aangesloten om het hart op dat punt van bloed te voorzien.
- Vernauwing
- Omgeleide slagader aangesloten op de kransslagader
- Afgebonden einde van de borstslagader
Als er langs een aantal vernauwingen in de kransslagaders omleidingen moeten worden gelegd of als de borstslagaders niet geschikt zijn, worden stukjes van de beenader gebruikt. Soms wordt de beenader als aanvulling op de borstbeenslagader gebruikt, al raakt een omleiding van een ader sneller afgesloten dan een omleiding van een slagader.
PLAATS VAN DE OPERATIEWONDEN
- 1
- De chirurg maakt een lange incisie in het been om de beenader te verwijderen. De ader wordt in stukjes verdeeld, zodat er omleidingen langs diverse kransslagaders kunnen worden gelegd
- Snede
- Beenader
- Snede
- 2
- De chirurg gebruikt stukjes beenader om langs de vernauwingen omleidingen te leggen. Het ene uiteinde wordt aan de aorta bevestigd, het andere aan de kransslagader.
- Aorta
- Stukjes ader
- Vernauwingen in de kransslagaders