Hartritmestoornissen

Artikelen over hartritmestoornissen

Encyclopedie over hartritmestoornissen

Medische encyclopedie

Middelen ter behandeling van een abnormale hartfrequentie of hartritme

Veelgebruikte middelen

Bètablokkers (Bètablokkers)

Calciumantagonisten (Calciumantagonisten)

  • diltiazem
  • verapamil

Middelen met digitalis

  • digoxine

Overige anti-arrhythmica

  • adenosine
  • amiodaron
  • disopyramide
  • flecaïnide
  • ibutilide
  • lidocaïne
  • procaïnamide
  • propafenon
  • sotalol
  • kinidine

Een abnormaal hartritme, een hartritmestoornis (Hartritmestoornissen), wordt veroorzaakt door een stoornis in de elektrische signalen die het hart besturen. Voor lichte verstoringen is meestal geen behandeling nodig. Sommige vormen van ritmestoornissen moeten worden behandeld om weer een normaal ritme te verkrijgen en zo symptomen te verminderen als hartkloppingen, kortademigheid, lichtheid in het hoofd en pijn op de borst.

Deze zogenoemde anti-aritmica worden vooral gebruikt bij de behandeling van boezemfibrilleren (Boezemfibrilleren) en boezemtachycardie (Boezemtachycardie), twee hartritmestoornissen die ontstaan in de boezems (atria) waarbij het hart zeer snel, en in geval van boezemfibrilleren onregelmatig, slaat. Verder worden ze gebruikt tegen ritmestoornissen van de hartkamers, wat onder andere kan ontstaan na een hartinfarct (Hartinfarct) en kan leiden tot een hartstilstand als het niet wordt behandeld.

De meestgebruikte middelen tegen ritmestoornissen zijn bètablokkers (inclusief sotalol met extra anti-aritmische eigenschappen), de calciumantagonist verapamil en het uit digitalis afkomstige middel digoxine.

Gebruik

Wie eenmaal een anti-aritmicum nodig heeft, moet dat soms de rest van zijn leven gebruiken. Bij een langdurige behandeling worden de middelen oraal ingenomen, in het begin vaak meermalen per dag. Als de hartslag stabiel is, zal de arts soms aan de hand van bloedonderzoek vaststellen wat de beste onderhoudsdosis is om de huidige concentratie van het middel in het bloed te behouden.

Het soort middel dat de arts kiest, hangt af van het soort ritmestoornissen. Voor het verlagen van een snelle hartslag door boezemfibrilleren kunnen bijvoorbeeld bètablokkers, een calciumantagonist of digoxine nuttig zijn. Met andere middelen, zoals kinidine of procaïnamide, kan de hartslag weer regelmatig worden.

Bij een ernstige ritmestoornis die plotseling is ontstaan, kan intraveneus een middel zoals adenosine gegeven worden bij wijze van spoedeisende behandeling om de normale hartactiviteit te herstellen. Zijn de eerste symptomen onder controle, dan kan de arts een middel voorschrijven voor de lange termijn, om een volgende aanval te voorkomen.

Bijwerkingen

Anti-aritmica kunnen ritmestoornissen die uitgaan van de hartkamers verergeren en moeten daarom zorgvuldig worden toegepast. Veel middelen tegen ritmestoornissen verlagen de bloeddruk, wat tot duizeligheid bij het opstaan kan leiden. Ook misselijkheid en wazig zien komen voor.

Andere bijwerkingen horen specifiek bij bepaalde middelen. Zo kan amiodaron overgevoeligheid van de huid voor de zon veroorzaken en kan het de functie van de schildklier en de longen aantasten. Wie digoxine gebruikt, moet direct de arts waarschuwen bij verschijnselen zoals misselijkheid, diarree, braken of een gezichtsstoornis. Dat kan namelijk betekenen dat de dosis te hoog is.

Zorg er ook altijd voor dat de arts op de hoogte is van eventuele andere middelen die u gebruikt, zodat hij daarmee rekening kan houden. Stop niet zomaar zonder overleg met de arts.

U bevindt zich hier:

U gebruikt een verouderde webbrowser, wij raden u aan over te schakelen naar een van onderstaande moderne internetbrowsers.