gehoorscreening

Artikelen over gehoorscreening

Medische encyclopedie

Een gehooronderzoek dient om de mate van slechthorendheid en doofheid vast te stellen en een idee te krijgen over de oorzaak. Het onderzoek kan uit verschillende tests bestaan: de fluisterspraaktest, stemvorkproeven en gehooronderzoek met behulp van een koptelefoon (audiometrie). Sommige testen stellen het soort slechthorendheid vast. Andere stellen vast hoe goed u geluiden van uiteenlopende frequentie en volume kunt horen. Kinderen moeten regelmatig worden getest, vooral als ze laat beginnen te praten (zie Gehoortests bij kinderen).

Voorbereidende testen

De eerste test is er op gericht onderscheid te maken tussen geleidingsslechthorendheid, door een aandoening aan het uitwendige oor of het middenoor, en perceptieslechthorendheid, door een aandoening aan het binnenoor of de zenuwen of hersendelen die auditieve informatie verwerken.

Weber-test
Er wordt een trillende stemvork tegen uw voorhoofd gehouden. Bij geleidingsslechthorendheid zal het geluid in het aangedane oor harder lijken. Bij perceptieslechthorendheid klinkt het geluid harder in het betere oor.
Weber-test
  1. Trillende stemvork
Rinnetest
Er wordt een trillende stemvork bij uw oor en daarna tegen een bot achter uw oor gehouden. Als het geluid op die tweede plek harder klinkt, heeft u geleidingsslechthorendheid. Als het op de eerste plek harder klinkt, is het oor gezond of de slechthorendheid perceptief.
Rinnetest
  1. Trillende stemvork

Tympanometrie

Tympanometrie geeft gedetailleerde informatie over de bewegingen van het trommelvlies en de beentjes in het middenoor als de druk in de uitwendige gehoorgang verandert. De test wordt vooral gebruikt om ophoping van vocht in het middenoor aan te tonen of uit te sluiten. Anders dan bij andere gehoortesten is de uitslag niet afhankelijk van uw reacties en daardoor uiterst betrouwbaar.

Tijdens de test
Een sonde met een toongenerator, een microfoon en een luchtpomp wordt in de gehoorgang gebracht. Terwijl de luchtdruk in het oor wordt gevarieerd, krijgt u geluiden te horen.
Tijdens de test
  1. Sonde
  2. Tympanometer
  3. Afdruk van het testresultaat
Hoe de test werkt
De geluiden kaatsen terug van het trommelvlies en worden opgevangen door de microfoon. Het patroon van de teruggekaatste geluiden varieert afhankelijk van de luchtdruk en laat zien of het trommelvlies normaal beweegt.
Hoe de test werkt
  1. Sonde
  2. Gehoorgang
  3. Geluidsgolven
  4. Trommelvlies

Audiometrie

Het audiogram meet hoe hard een geluid moet zijn, wilt u het kunnen horen. Geluiden van verschillende toonhoogten en sterkte worden via een hoofdtelefoon naar een van de oren geleid. Beide oren worden afzonderlijk getest. Soms krijgt u tegelijkertijd aan het andere oor een ruis horen. Voor elke frequentie wordt het volume verhoogd tot u het hoort en de resultaten worden in kaart gebracht. Zo wordt een drempel bepaald van de geluiden van verschillende toonhoogten die nog net worden waargenomen, de zogenoemde toondrempels. Voor het spraakaudiogram krijgt u een serie eenlettergrepige woorden te horen, die steeds zachter worden uitgesproken. Per geluidssterkte wordt het percentage goed nagezegde woorden aangeduid. Het is vooral dit spraakaudiogram dat nodig is voor de goede aanpassing van een hoortoestel.

Tijdens de test
U wordt verzocht een knop in te drukken wanneer u een geluid in een van beide oren hoort. Het zachtste geluid dat u bij elke frequentie hoort, wordt in kaart gebracht.
Tijdens de test
  1. Knop
  2. Audiometer
  3. Hoofdtelefoon
  4. Grafiek

RESULTATEN

Audiogram
Deze grafiek is van iemand met een normaal gehoor in het linkeroor en perceptieslechthorendheid in het rechteroor. Bij hogere frequenties kan het rechteroor alleen geluid waarnemen als het niveau veel hoger is dan normaal.
Audiogram

Medische encyclopedie

Iedere pasgeboren baby krijgt een gehoortest aangeboden. Dat gebeurt in de eerste weken na de geboorte. In de meeste regio’s wordt de gehoortest in combinatie met de hielprik uitgevoerd tussen de vierde en zevende levensdag. Dat gebeurt meestal thuis door een medewerker van het consultatiebureau. In sommige regio’s in Zuid-Holland en Gelderland wordt de gehoorscreening afgenomen op het consultatiebureau als het kind enkele weken oud is.

Waarom is er een gehoortest?

Een goed gehoor is belangrijk voor de ontwikkeling van de taal en het goed leren praten. Als een kind niet goed heeft leren praten, kan dat grote gevolgen hebben voor zijn of haar ontwikkeling. Een kind heeft namelijk taal nodig om op school te kunnen leren en om bijvoorbeeld sociale contacten te kunnen leggen.

Hoe eerder een slecht gehoor wordt ontdekt, hoe sneller uw baby kan worden behandeld. De gevolgen voor het kind blijven hierdoor zo beperkt mogelijk. Daarom krijgt uw baby de gehoortest al in de eerste maand na de geboorte.

gehoortest bij baby

Zacht dopje in het oor

Uw baby krijgt bij de test een klein, zacht dopje in het oor. Via dit dopje wordt een zacht, knetterend geluid het oor in gezonden. Een gezond oor reageert hierop door geluidjes te produceren. Een kleine microfoon in het dopje vangt deze reactiegeluidjes op. Het dopje is verbonden met een apparaat dat aan de hand van de reactiegeluidjes beoordeelt of het oor goed werkt. De test is pijnloos en duurt meestal maar een paar minuten.

Meteen na de test krijgt u de uitslag te horen. Als de uitslag van de eerste test niet voldoende is aan beide oren, wordt een afspraak gemaakt om de gehoortest te herhalen. Als ook deze tweede test geen voldoende resultaat aan beide oren geeft, krijgt uw baby een derde test.

Derde test andere methode

Bij de derde test wordt een andere methode gebruikt. De baby krijgt hierbij een plastic kapje op elk oor. Hierdoor wordt een geluidje aangeboden aan het oor. Ook krijgt het kind drie plakkertjes op de huid. De plakkertjes worden geplaatst op het voorhoofd, in de nek en op de schouder. In deze plakkertjes zitten elektrodes. De elektrodes kunnen meten of het geluidssignaal goed in de hersenen aankomt. Dat wordt door het apparaat aangegeven. Als dat zo is weten we dat het oor en de gehoorzenuw goed werken. Deze test is ook pijnloos, maar duurt meestal iets langer dan de vorige testen. Ook na deze test krijgt u meteen de uitslag.

baby met plastic kapje op oor voor gehooronderzoek

Na de derde test: audiologisch centrum

Als ook de derde test geen voldoende uitslag geeft, wil dat nog niet zeggen dat uw baby niet goed hoort. Er kan bijvoorbeeld sprake zijn van een tijdelijk gehoorverlies, bijvoorbeeld als uw baby verkouden is. Of uw baby was tijdens de test onrustig, waardoor de test geen goed beeld geeft. Om vast te stellen wat er aan de hand is, wordt uw kind verwezen naar een audiologisch centrum, waar een vervolgonderzoek plaatsvindt.

Zo kunt u zich voorbereiden

De gehoortest verloopt het beste als uw baby rustig is en slaapt. Uw baby zal nauwelijks iets van de test merken en waarschijnlijk rustig doorslapen.

Speciale test voor te vroeg geborenen

Voor kinderen die in één van de Intensive Care Units voor pasgeborenen (NICU's) liggen of waren opgenomen, bestaat een apart testprogramma. Dit wordt uitgevoerd door de NICU medewerkers in het ziekenhuis en niet door medewerkers van het consultatiebureau.

Toonaudiometrie

Het gehoor van kinderen vanaf 4 jaar (of soms ook al eerder) testen onderzoekers met behulp van toonaudiometrie. Net als bij volwassenen. Lees meer over audiometrie en andere gehoortesten.

Bij naar schatting 1 op 1000 kinderen wordt een blijvend gehoorverlies aan beide oren aangetoond.

Meer informatie over de gehoorscreening bij pasgeborenen vindt u op www.rivm.nl/gehoorscreening. Daar vindt u ook animaties waarin getoond wordt hoe de gehoortest werkt.

U bevindt zich hier:

U gebruikt een verouderde webbrowser, wij raden u aan over te schakelen naar een van onderstaande moderne internetbrowsers.