Astma

Artikelen over astma

Patiëntenbrief

Wat is astma?

Astma is een aandoening van de luchtwegen (in de longen). Normaal zijn de luchtwegen wijd genoeg om gemakkelijk in- en uit te ademen. Bij astma zijn de luchtwegen van tijd tot tijd vernauwd. Er kan minder lucht doorheen, het ademen gaat moeilijker en u wordt benauwd.

astma
  1. Normaal
  2. Longblaasjes
  3. Vernauwing
  4. Vernauwing
  5. Slijm

naar boven

Wat zijn de verschijnselen?

U kunt last hebben van benauwdheid en slijm in de luchtwegen. De ademhaling kan gepaard gaan met piepen, brommen of pruttelen. Het kan zijn dat u wekenlang moet hoesten, vooral 's nachts. Periodes waarin u veel moet hoesten kunnen steeds weer terugkomen. Doordat het ademhalen moeite kost, kunt u zich moe voelen. Uw conditie kan achteruit gaan, waardoor sporten zwaarder is dan voorheen.

naar boven

Hoe ontstaat astma?

Bij astma zijn de luchtwegen overgevoelig voor bepaalde prikkels. Als reactie op deze prikkels trekken de spiertjes rond de luchtwegen samen. Het slijmvlies langs de binnenkant van de luchtwegen raakt ontstoken: het zwelt op en produceert meer slijm. Daardoor worden de luchtwegen nauwer.

Het is niet duidelijk waarom de één astma krijgt en de ander niet. Erfelijkheid speelt een rol. Daardoor komen in één familie vaak meerdere mensen met astma voor.

naar boven

Op welke prikkels reageren de luchtwegen?

Niet iedereen reageert op dezelfde prikkels. U kunt voor een of meer prikkels overgevoelig zijn. Meestal reageren de luchtwegen direct na de prikkel, soms pas na uren.

  • Allergische prikkels: Stoffen die bij veel mensen met astma een reactie van de luchtwegen veroorzaken, zijn

    • huisstofmijt;

    • huidschilfers van huisdieren (katten, honden, knaagdieren en paarden);

    • stuifmeel van bomen, grassen of onkruiden;

    • schimmels.

  • Niet-allergische prikkels: Uw luchtwegen kunnen (ook) op andere prikkels reageren, zoals

    • kou, stoom, mist, rook, luchtvervuiling, baklucht, verflucht en parfumluchtjes;

    • lichamelijke inspanning;

    • infecties van de luchtwegen zoals verkoudheid of griep.

  • Sommige medicijnen kunnen een reactie van de luchtwegen veroorzaken (bijvoorbeeld bepaalde pijnstillers zoals aspirine).

naar boven

Adviezen

Misschien heeft u al gemerkt voor welke prikkels u gevoelig bent. Blijft de oorzaak onduidelijk, dan kan bloedonderzoek aantonen of u allergisch bent en zo ja voor welke stoffen. Als u weet op welke prikkels u reageert, kunt u proberen die te vermijden, zowel thuis als op uw werk.Rook niet en zorg ervoor dat in uw omgeving niet wordt gerookt, vooral niet bij u thuis.

Als u bij inspanning benauwd wordt, betekent dat niet dat u lichamelijke activiteit moet vermijden. Juist bij astma is het belangrijk om in conditie te blijven. Zorg bij het sporten voor een goede ‘warming up’. Adem, als het buiten koud is, zo mogelijk door uw neus. De ingeademde lucht is dan minder koud en daardoor minder prikkelend voor de luchtwegen. Probeer dagelijks een halfuur te bewegen (bijvoorbeeld wandelen, fietsen, zwemmen of fitness)

Mensen met astma kunnen van de griep extra ziek worden. Neem daarom ieder jaar de griepprik.

naar boven

Medicijnen

Astma is meestal goed te behandelen. Medicijnen kunnen astma niet echt genezen. Bij zorgvuldig gebruik van astmamedicijnen kunnen de klachten wel verminderen of langdurig wegblijven. De medicijnen ademt u in zodat ze rechtstreeks inwerken op de luchtwegen. Deze zogenaamde inhalatiemiddelen zijn te verdelen in twee groepen:

  • de luchtwegverwijders: deze werken snel na inhalatie. U wordt binnen tien tot dertig minuten minder benauwd. Er zijn kortwerkende (4 - 6 uur) en langwerkende (12 - 24 uur) luchtwegverwijders. Deze middelen werken alleen op de spiertjes rond de luchtwegen en niet op de slijmvorming en de zwelling van de luchtwegen. Mogelijke bijwerkingen van sommige luchtwegverwijders zijn trillende handen, onrust en hartkloppingen.

  • de ontstekingsremmers (corticosteroïden); deze werken pas na een paar dagen. Ze remmen de slijmvorming en de zwelling van het slijmvlies in de luchtwegen. Ook de spiertjes rond de luchtwegen trekken minder samen. Ontstekingsremmers hebben als bijwerking soms: heesheid en een schrale mond of tong met wit beslag. Door telkens na het inhaleren de mond goed te spoelen (en het spoelwater uit te spugen) kunt u dit voorkomen. Wanneer u een hoge dosis van de ontstekingsremmers gebruikt kunt u blauwe plekken krijgen. Vooral op uw armen en benen.

  • Mensen met ernstig astma gebruiken vaak een ontstekingsremmer en een langwerkende luchtwegverwijder tegelijk. Deze twee middelen zitten dan samen in hetzelfde inhalatie-apparaatje.

naar boven

Hoe gaat het verder?

Astma is heel goed te behandelen maar gaat niet echt over. Het kan zijn dat u jarenlang geen klachten heeft, maar de aanleg voor astma blijft aanwezig. Met de genoemde adviezen en medicijnen kunt u ervoor zorgen dat u zo weinig mogelijk last heeft van uw astma.

Als u alleen af en toe kortwerkende luchtwegverwijders gebruikt dan is controle niet nodig. Bel voor een afspraak, zodra u de kortwerkende luchtwegverwijder meer dan tweemaal per week nodig heeft.

Als u voor het eerst ontstekingsremmers krijgt, controleren we na twee tot vier weken hoe het gaat. Werkt het middel goed, dan komt u om de drie tot zes maanden voor controle. Soms lukt het om de medicijnen af te bouwen, maar als de benauwdheid regelmatig terugkomt, dan blijven ontstekingsremmers nodig.

Wanneer u ontstekingsremmers gebruikt wordt er jaarlijks een longfunctieonderzoek (‘blaastest’) gedaan.

Als regelmatig bewegen of sporten niet goed lukt, bijvoorbeeld omdat u bang bent voor de benauwdheid, bespreek het dan op de praktijk. Schrijf vooraf op op welke momenten u benauwd wordt. Noteer ook hoeveel u wel kunt bewegen (bijvoorbeeld een korte wandeling) en waar u tegenop ziet.

naar boven

Wanneer contact opnemen?

Neem contact op als de klachten niet verminderen of als u problemen heeft met de medicijnen.

Neem ook contact op als u drie of meer keer per week extra luchtwegverwijdende medicijnen nodig heeft. Neem uw longmedicijnen altijd mee als u naar de praktijk komt. Vaak is het handig om even te bekijken hoe u de inhalatie-apparaatjes gebruikt.

naar boven

Heeft u nog vragen?

Als u na het lezen van deze brief nog vragen heeft, kunt u daar bij een volgend contact op terugkomen.

naar boven

Patiëntenbrief

Wat is astma?

Astma is een aandoening van de luchtwegen. Normaal zijn de luchtwegen wijd genoeg om gemakkelijk in en uit te ademen. Bij astma zijn de luchtwegen van tijd tot tijd vernauwd. Er kan dan minder lucht doorheen stromen, het ademen gaat moeilijker en uw kind wordt benauwd.

astma
  1. Normaal
  2. Longblaasjes
  3. Vernauwing
  4. Vernauwing
  5. Slijm

naar boven

Wat zijn de verschijnselen?

Astma kan zich op verschillende manieren uiten. Het belangrijkste kenmerk is een piepende ademhaling. Uw kind kan ook last hebben van slijm in de luchtwegen. U kunt bij de ademhaling brommende, zagende of pruttelende geluiden horen. Uw kind kan soms wekenlang hoesten, vooral ’s nachts. Het ademhalen kost veel moeite en uw kind raakt gauw uitgeput. Voor baby’s met astma kan een huilbui al vermoeiend zijn. Kleuters worden vaak hangerig en lusteloos. Kinderen kunnen vaak hun vriendjes niet bijhouden bij het rennen of fietsen. Veel jonge kinderen hebben deze verschijnselen, maar niet alle kinderen hebben astma. Vaak is pas vanaf het zesde levensjaar goed uit te zoeken of uw kind wel of geen astma heeft.

naar boven

Hoe ontstaat astma?

Bij astma zijn de luchtwegen overgevoelig voor bepaalde prikkels. Als reactie op deze prikkels trekken de spiertjes rond de luchtwegen samen. Het slijmvlies aan de binnenkant van de luchtwegen zwelt op en produceert meer slijm. Daardoor worden de luchtwegen nauwer. Het is niet duidelijk waarom het ene kind astma krijgt en het andere niet. Erfelijkheid speelt een rol. Daardoor komen in één familie vaak meerdere mensen met astma voor.

naar boven

Op welke prikkels reageren de luchtwegen?

Belangrijke prikkels die een reactie van de luchtwegen kunnen veroorzaken, zijn: huisstofmijt, huidschilfers van huisdieren, schimmels en stuifmeelpollen van bomen, planten of gras. We noemen dit ook wel allergische prikkels. De luchtwegen kunnen ook op andere prikkels reageren, zoals rook, chloorlucht, baklucht, kou, stoom en mist. Ook lichamelijke inspanning en verkoudheid of griep zijn prikkels die benauwdheid kunnen veroorzaken. Meestal reageren de luchtwegen direct na de prikkel, soms pas na uren. Niet elk kind reageert op dezelfde prikkels.

naar boven

Is astma erfelijk?

Bij astma speelt erfelijkheid een rol, dus komen binnen één familie vaak meerdere mensen voor met astma. Als een of beide ouders astma hebben, dan is er een grotere kans dat hun kind ook astma krijgt.

naar boven

Adviezen

Rook nooit in de omgeving van kinderen met astma, en zeker niet bij hen thuis.

Als u weet voor welke prikkels uw kind gevoelig is, kunt u die proberen te vermijden. Een allergietest kan aantonen of bepaalde allergische prikkels bij uw kind een rol spelen.

Soms is het nodig om een huisdier weg te doen. Soms helpt het om de slaapkamer van uw kind zo aan te passen dat er minder huisstofmijt is.

Als uw kind bij inspanning benauwd wordt, betekent dat niet dat het lichamelijke activiteit moet vermijden. Juist bij kinderen met astma is lichaamsbeweging belangrijk.

naar boven

Medicijnen

  • Medicijnen kunnen astma niet genezen. Bij zorgvuldig gebruik van astmamedicijnen kunnen de klachten wel verminderen of zelfs langdurig wegblijven. Doordat uw kind de medicijnen inademt, werken ze rechtstreeks op de luchtwegen. Deze zogenaamde inhalatiemiddelen zijn te verdelen in drie groepen:Luchtwegverwijdende middelen; deze werken snel na inhalatie. Uw kind wordt binnen 10 tot 30 minuten minder benauwd. Er zijn kortwerkende (2 uur) en langwerkende (12 -24 uur) luchtwegverwijdende middelen. Deze middelen werken alleen op de spiertjes rond de luchtwegen en niet op de slijmvorming en de zwelling van de luchtwegen.

  • Ontstekingsremmende middelen; deze werken pas na een paar dagen. Ze remmen de slijmvorming en de zwelling van het slijmvlies in de luchtwegen. Ook de spiertjes rond de luchtwegen trekken minder samen.

  • Combinatiemiddelen; hierbij wordt een ontstekingsremmend middel gecombineerd met een langwerkend luchtwegverwijdend middel. Combinatiemiddelen worden gegeven bij ernstiger astma, als de ontstekingsremmers alleen niet genoeg helpen.

Wanneer welke medicijnen?
  • Als uw kind hooguit eens in de week klachten heeft en verder gewoon actief kan zijn, is het voldoende zo nodig een kortwerkende luchtwegverwijder te gebruiken. Als u of uw kind weet wanneer klachten kunnen optreden, bijvoorbeeld bij sporten, kan uw kind de luchtwegverwijder een kwartier van tevoren inhaleren.

  • Is uw kind meerdere malen per week benauwd, dan is het beter dagelijks een ontstekingsremmend middel te gebruiken. Hiermee verdwijnen geleidelijk de ontstekingsverschijnselen van de luchtwegen. Ook de benauwdheid gaat dan over. In het begin heeft uw kind naast de ontstekingsremmer ook nog de luchtwegverwijder nodig. Als de benauwdheid over is, blijft uw kind daarna de ontstekingsremmer dagelijks gebruiken. De luchtwegverwijder gebruikt het dan alleen nog maar op momenten dat het nodig is.

  • Als ontstekingsremmers niet genoeg helpen kunnen combinatiemiddelen gegeven worden.

  • Bij een ernstige aanval van astma wordt een ontstekingsremmer soms in de vorm van tabletten, capsules of drankje ingenomen (gedurende een tot twee weken).

naar boven

Hoe gaat het verder?

Kinderen met astma moeten vaak meerdere jaren ontstekingsremmers gebruiken. Als uw kind voor het eerst ontstekingsremmers krijgt, controleren we na twee of vier weken hoe het gaat. Werkt het middel goed, dan wordt uw kind om de drie tot zes maanden gecontroleerd. Soms lukt het om de medicijnen af te bouwen, maar als de benauwdheid regelmatig terugkomt, dan blijven ontstekingsremmers of combinatiemiddelen nodig.

Als uw kind alleen kortwerkende luchtwegverwijdende middelen gebruikt, dan wordt het eens in de drie of zes maanden gecontroleerd.

Bij bijna de helft van de kinderen met astma verdwijnen de klachten rond de puberteit. Bij een aantal komen de klachten echter op latere leeftijd weer terug.

Neem contact op als de klachten niet verminderen of als uw kind problemen heeft met de medicijnen. Neem de medicijnen altijd mee als u naar de praktijk komt. Dan kunnen we bekijken hoe goed uw kind met inhalatie-apparaatjes kan omgaan.

naar boven

Heeft u nog vragen?

Als u na het lezen van deze brief nog vragen heeft, kunt u daar bij een volgend contact op terugkomen.

naar boven

Patiëntenbrief

Wat is allergie?

Men spreekt van allergie als bepaalde prikkels een sterke afweerreactie van het lichaam oproepen. De allergie kan zich op verschillende manieren uiten. Voorbeelden zijn jeuk, vlekjes, gezwollen oogleden, tranende ogen, een loopneus, niezen en benauwdheid.Astma en allergie

Bij veel mensen met astma speelt allergie een belangrijke rol. Uw luchtwegen reageren op contact met een allergische prikkel. De spiertjes rond de luchtwegen trekken samen en de slijmvliezen van de luchtwegen raken ontstoken: ze zwellen op en produceren meer slijm. De luchtwegen worden daardoor nauwer, er kan minder lucht doorheen en u krijgt het benauwd.

astma
  1. Normaal
  2. Longblaasjes
  3. Vernauwing
  4. Vernauwing
  5. Slijm

naar boven

Hoe ontstaan de klachten?

Wanneer het lichaam met stoffen (prikkels) in aanraking komt die het als schadelijk herkent, gaat het antistoffen maken. Bij een volgend contact proberen de antistoffen de prikkel onschadelijk te maken. Dit noemt men een afweerreactie. Dat is normaal.

Als u allergisch bent, ontstaat er een afweerreactie tegen prikkels waar andere mensen gewoonlijk niet op reageren. De afweerreactie is versterkt en dat veroorzaakt uw klachten. Het is niet duidelijk waarom de een allergisch is en de ander niet. Erfelijkheid kan hierbij een rol spelen.

naar boven

Op welke prikkels reageren de luchtwegen?

Stoffen (prikkels) die bij veel mensen een allergische reactie veroorzaken zijn huisstofmijt, huidschilfers van huisdieren, en stuifmeel (pollen) van bomen, planten of gras. Iemand met astma kan voor een of meerdere prikkels overgevoelig zijn. Meestal reageren de luchtwegen direct bij contact met de prikkel, soms pas na uren. Stuifmeel geeft vaak ook een allergische reactie van de neus en de ogen. We spreken dan van hooikoorts.

naar boven

Adviezen

Als u weet welke prikkels uw klachten veroorzaken, kunt u proberen die te vermijden, zowel thuis als op u werk.

  • Bij een allergie voor huisstofmijt kan het helpen uw slaapkamer zoveel mogelijk stofvrij en droog te houden. Soms zijn extra maatregelen nodig om huisstofmijt te bestrijden. Dan bespreken we dit met u.

  • Laat huisdieren niet op uw slaapkamer als u er overgevoelig voor bent. Soms is het nodig een huisdier weg te doen. Het heeft geen zin uw huisdier tijdelijk uit huis te doen. De huidschilfers van het dier kunnen nog wel een halfjaar in huis aanwezig blijven, ook al stofzuigt u goed. U kunt dus nog enige maanden klachten houden nadat u uw huisdier heeft weggedaan.

  • Bij een allergie voor stuifmeel (pollen) is het vermijden van de prikkel moeilijker. In het pollenseizoen kunt u het beste uw ramen gesloten houden (ook ‘s nachts en in de auto). Ga niet zelf grasmaaien, en laat uw wasgoed niet buiten drogen want dan komen er pollen in. Bij het plannen van buitenactiviteiten en vakanties kunt u eventueel rekening houden met het weerbericht. Een speciaal ‘hooikoorts-weerbericht’ op teletekst en internet meldt wanneer er pollen in de lucht zijn. Kijk bijvoorbeeld op teletekstpagina709 (alleen in het pollenseizoen), op www.KNMI.nl, of meld u via internet aan voor een pollen SMS service. In de bergen en aan zee, en in de nazomer, herfst en winter, heeft u minder last van pollen.

  • Soms ontstaan allergische klachten door contact met bepaalde stoffen op het werk. Bespreek dan of het mogelijk is uw werkomgeving aan te passen.

naar boven

Medicijnen

Allergisch astma is meestal goed te behandelen met twee soorten medicijnen:

  • Een luchtwegverwijder: dit zorgt ervoor dat de spiertjes in de luchtwegen ontspannen;

  • Een ontstekingsremmer: dit remt de ontsteking van het slijmvlies in de luchtwegen, waardoor de zwelling en de slijmvorming afnemen.

De zogenaamde inhalatiemiddelen ademt u in zodat ze rechtstreeks inwerken op de luchtwegen. Bij zorgvuldig gebruik van de medicijnen kunnen de klachten verminderen of langdurig wegblijven. Medicijnen kunnen astma niet echt genezen. Ook als u lange tijd geen klachten heeft, blijft de aanleg voor astma bestaan.

Medicijnen tegen allergische reacties van de neus en ogen (zoals bijvoorbeeld hooikoorts) zijn niet geschikt voor de behandeling van astma. Wanneer iemand hooikoorts en astma heeft, kan een goed behandelde hooikoorts meehelpen de astmaklachten te verminderen.

naar boven

Hoe gaat het verder?

We bespreken welke maatregelen u kunt nemen om prikkels te vermijden. We spreken af wanneer u welk medicijn gaat gebruiken en hoe u het middel moet inhaleren.

Neem contact op als de klachten niet verminderen of als u problemen heeft met de medicijnen. Neem uw astmamedicijnen altijd mee als u naar de praktijk komt. Vaak is het handig om even te bekijken hoe u de inhalatie-apparaatjes gebruikt.

naar boven

Heeft u nog vragen?

Als u na het lezen van deze brief nog vragen heeft, kunt u daar bij een volgend contact op terugkomen.

naar boven

Patiëntenbrief

Wat is allergie?

Allergie betekent dat bepaalde prikkels een sterke afweerreactie van het lichaam oproepen. De allergie kan zich op verschillende manieren uiten, bijvoorbeeld met jeuk, vlekjes, gezwollen oogleden, tranende ogen, een loopneus, niezen en benauwdheid.

astma
  1. Normaal
  2. Longblaasjes
  3. Vernauwing
  4. Vernauwing
  5. Slijm

naar boven

Astma en allergie

Bij kinderen met astma speelt allergie meestal een belangrijke rol. De luchtwegen van uw kind reageren op contact met een allergische prikkel. De spiertjes rond de luchtwegen trekken samen en de slijmvliezen van de luchtwegen zwellen op en produceren meer slijm. De luchtwegen worden nauwer, er kan minder lucht doorheen en uw kind krijgt het benauwd.

naar boven

Hoe ontstaan de klachten?

Wanneer het lichaam met stoffen in aanraking komt die het als schadelijk herkent (prikkels), gaat het antistoffen maken. De antistoffen proberen de prikkel onschadelijk te maken. Dit noemt men een afweerreactie.

Bij een allergie ontstaat er een sterke afweerreactie op prikkels die op zich niet schadelijk zijn.

naar boven

Op welke prikkels reageren de luchtwegen?

Prikkels die vaak een allergische reactie veroorzaken zijn: huisstofmijt, huidschilfers van huisdieren, schimmels, en stuifmeel van bomen, planten of gras. Een kind met astma kan voor een of meerdere prikkels overgevoelig zijn. Meestal reageren de luchtwegen direct na de prikkel, soms pas na uren. Stuifmeel geeft vaak ook een allergische reactie van de neus en de ogen (dit noemen we hooikoorts).

naar boven

Adviezen

Misschien heeft u al gemerkt voor welke prikkels uw kind gevoelig is.Een allergieonderzoek kan aantonen of uw kind gevoelig is voor bepaalde prikkels. Als bekend is voor welke prikkels uw kind gevoelig is, moet uw kind proberen die te vermijden. Bij een allergie voor huisstofmijt betekent dit dat u de kinderslaapkamer zoveel mogelijk stofvrij en droog moet houden. Soms is het nodig een huisdier weg te doen. Bedenk wel dat de huidschilfers van het dier nog enkele maanden in huis aanwezig zullen zijn.

naar boven

Medicijnen

Medicijnen kunnen de astma niet genezen. Bij zorgvuldig gebruik kunnen de klachten wel verminderen of zelfs langdurig wegblijven. Uw kind ademt de medicijnen in zodat ze rechtstreeks inwerken op de luchtwegen. Deze zogenaamde inhalatiemiddelen zijn te verdelen in drie groepen.

  • Luchtwegverwijdende middelen: deze werken snel na inhalatie. Uw kind wordt binnen 10 tot 30 minuten minder benauwd. Er zijn luchtwegverwijdende middelen die kort werken (2 uur) en die langer werken (12 –tot 24 uur). Deze middelen werken alleen op de spiertjes rond de luchtwegen, en niet op de slijmvorming en de zwelling van de luchtwegen.

  • Ontstekingsremmende middelen: deze werken pas na een paar dagen. Zij remmen de zwelling van het slijmvlies en de vorming van slijm; ook trekken de spiertjes rond de luchtwegen minder samen.

  • Combinatiemiddelen: hierbij wordt een ontstekingsremmer gecombineerd men een langwerkend luchtwegverwijdend middel. Deze middelen worden gegeven bij ernstiger astma, als de ontstekingsremmers alleen niet genoeg helpen.

naar boven

Hoe gaat het verder?

Veel kinderen met astma hebben meerdere jaren ontstekingsremmers nodig. Als uw kind voor het eerst ontstekingsremmers krijgt, controleren we na twee tot vier weken hoe het gaat. Werkt het middel goed, dan wordt uw kind om de drie tot zes maanden gecontroleerd. Soms lukt het om de medicijnen af te bouwen, maar als de benauwdheid regelmatig terugkomt, dan blijven ontstekingsremmers nodig.

Als uw kind alleen kortwerkende luchtwegverwijdende middelen gebruikt, dan wordt het eens in de drie tot zes maanden gecontroleerd.

Bij bijna de helft van de kinderen verdwijnen de astmaklachten rond de puberteit. Soms komen de klachten echter op latere leeftijd weer terug.

naar boven

Wanneer contact opnemen?

Neem contact op als de klachten niet verminderen of als uw kind problemen heeft met de medicijnen.

Neem de medicijnen altijd mee als u naar de praktijk komt, dan kunnen we bekijken hoe goed uw kind met het inhalatieapparaatje kan omgaan.

naar boven

Heeft u nog vragen?

Als u na het lezen van deze brief nog vragen heeft, kunt u daar bij een volgend contact op terugkomen.

naar boven

Encyclopedie over astma

Medische encyclopedie

Terugkerende vernauwing van de luchtwegen, wat kortademigheid en piepende ademhaling veroorzaakt

Mensen met astma hebben aanvallen van benauwdheid en piepende ademhaling die van dag tot dag en van maand tot maand in ernst kunnen variëren. Sommige mensen krijgen slechts af en toe een lichte aanval, terwijl andere dagenlang erg ziek zijn. Bij de meeste patiënten zitten de symptomen ergens tussen deze uitersten in, maar als een aanval optreedt, is deze onvoorspelbaar in hevigheid en lengte. Een zware astma-aanval kan zonder onmiddellijke medische behandeling levensbedreigend zijn.

Hoewel astma op iedere leeftijd kan beginnen, hebben de meeste volwassenen de aandoening al in de jeugd ontwikkeld. Omdat astma bij kinderen zo zijn eigen problemen meebrengt, wordt astma bij kinderen besproken in het deel over kinderziekten (zie Astma bij kinderen). De behandeling bij kinderen is overigens gelijk aan de behandeling van de aandoening bij volwassenen.

Hoe vaak komt het voor?

In westerse landen is astma de afgelopen twintig jaar toegenomen, voor een deel ook omdat de diagnostische mogelijkheden groter zijn en de ziekte vaker wordt herkend. Wat vroeger vaak ‘bronchitis’ werd genoemd, blijkt thans toch het predicaat ‘astma’ te verdienen. Geschat wordt dat 20 procent van alle mensen in meer of mindere mate last van gevoeligheid van de luchtwegen heeft (hyperreactiviteit) en dus onder bepaalde omstandigheden (lichte) astmaklachten kan hebben. In Nederland is astma de meest voorkomende chronische aandoening bij kinderen. Ongeveer 5 tot 15% van alle kinderen lijdt aan een lichte of ernstigere vorm van astma. De meest voorkomende klachten zijn regelmatig terugkerende perioden met hoesten en piepende uitademing.

De oorzaken

Bij een astma-aanval trekken de spieren in de wand van de bronchiën zich samen, waardoor deze nauwer worden. De bekleding van de luchtwegen raakt opgezet en scheidt meer slijm af, wat de kleinere luchtwegen kan verstoppen.

Bij sommige mensen wordt de verandering van de luchtwegen door een allergie aangezet. Dit allergische type astma komt vooral in de kindertijd voor en kan zich samen met constitutioneel eczeem en andere allergieën ontwikkelen, zoals hooikoorts (zie Allergische rhinitis). Vatbaarheid hiervoor komt in sommige families meer voor en kan erfelijk zijn. Een aantal stoffen geeft vaak aanleiding tot allergische astma. Tot deze allergenen behoren pollen, huisstofmijt, schimmelsporen en huidschilfers en speeksel van huisdieren. In zeldzame gevallen geven voedingsmiddelen zoals melk, eieren, noten en tarwe een allergische astmatische reactie. Sommige mensen met astma zijn gevoelig voor aspirine en/of hieraan verwante pijnstillers: NSAID’s, en kunnen bij inname hiervan een aanval krijgen.

Als astma zich op volwassen leeftijd ontwikkelt, is er meestal geen aanwijsbare allergie. De eerste aanval wordt vaak veroorzaakt door een infectie van de luchtwegen. Tot de factoren die een aanval bij iemand met astma kunnen uitlokken, behoren koude lucht, lichamelijke inspanning, rook en soms geestelijke spanningen. Hoewel luchtvervuiling door de industrie en auto’s gewoonlijk geen astma veroorzaakt, verergert dit wel de symptomen en kan het een aanval opwekken.

In sommige gevallen kan een stof die geregeld op de werkplek wordt ingeademd, bij een verder gezonde persoon astma veroorzaken. Dit heet beroepsastma en is een van de weinige beroepslongziekten (Beroepslongziekten) die nog steeds toeneemt. Als u last krijgt van benauwdheid en een piepende adem en deze klachten worden minder als u buiten de werkomgeving bent, dan kunt u beroepsastma hebben. De diagnose van deze aandoening is vaak moeilijk te stellen, doordat iemand vaak weken tot jaren aan de verantwoordelijke stof kan worden blootgesteld voor zich astma voordoet. Er zijn momenteel ongeveer tweehonderd stoffen waarvan bekend is dat ze astma kunnen veroorzaken, zoals meel bij bakkers, maar ook lijmen, harsen, latex en isocyanaten, die in talloze materialen zijn verwerkt.

Effect van astma op de luchtwegen
Normaal stroomt lucht vrij door de luchtwegen. Bij een astma-aanval trekken de spieren van de bronchiën zich samen en hoopt zich slijm op, wat de luchtstroom belemmert.
Effect van astma op de luchtwegen
  1. Dunne laag slijm
  2. Slijmvormende cel
  3. Normaal kanaal
  4. Ontspannen spier
  5. Normale luchtwegen
  6. Te veel slijm
  7. Vernauwd kanaal
  8. Samengetrokken spier
  9. vernauwde luchtwegen

De symptomen

De klachten bij astma kunnen zich geleidelijk ontwikkelen en kunnen onopgemerkt blijven totdat de eerste aanval door een allergeen wordt opgewekt. Blootstelling aan een allergeen of een infectie kan de volgende klachten veroorzaken:

  • piepende adem;
  • intrekkingen boven het borstbeen en gebruikmaken van hulpademhalingsspieren in de hals;
  • benauwdheid;
  • moeite met in- maar vooral uitademen;
  • (hardnekkige) droge hoest;
  • paniekgevoelens;
  • zweten.

Deze symptomen worden vaak ’s nachts en in de vroege ochtend erger.

Sommige mensen hebben een enigszins piepende ademhaling bij verkoudheid of een infectie van de luchtwegen, maar meestal wijst dit niet op astma. Het voornaamste kenmerk dat astma van andere aandoeningen van de luchtwegen onderscheidt, is de wisselende ernst van de aanvallen en de klachtenvrije periode tussen de aanvallen in.

Als astma ernstig wordt, kunnen zich de volgende klachten ontwikkelen:

  • bemoeilijkt ademen dat onhoorbaar is, doordat de luchtwegen dichtzitten;
  • door ademnood niet in staat zijn zinnen af te maken;
  • blauwe lippen, tong, vingers en tenen door zuurstofgebrek;
  • uitputting, verwarring en coma.

Als iemand in uw omgeving een ernstige astma-aanval heeft of uw eigen symptomen erger worden, bel dan de huisarts of 112.

De diagnose

Als u onlangs ademhalingsklachten hebt gehad, maar geen symptomen hebt op het moment dat u bij de dokter bent, vraagt hij/zij u de problemen te omschrijven en zal hij u onderzoeken. Er kunnen ook tests zoals spirometrie worden uitgevoerd om de mate van een eventuele uitademingsstoornis van de luchtwegen te meten (zie Longfunctietest). Ook kan de arts een lichte astma-aanval uitlokken door u histamine, een lichaamseigen stof, te laten inhaleren of door u inspanning te laten verrichten. Als u dan een aanval krijgt, zal hij medicijnen voorschrijven.

Als u op het spreekuur van de arts een lichte aanval hebt, kan hij de ademhalingssnelheid meten met een piekstroommeter (zie Ademcapaciteit meten) en u vervolgens een bronchusverwijdend middel (Bronchusverwijdende middelen) laten inhaleren. De diagnose astma kan worden gesteld als de piekstroom na inademing van een bronchusverwijder meer dan 20 procent toeneemt.

Als u een ernstige aanval hebt, wordt u wellicht in het ziekenhuis opgenomen voor behandeling. Het zuurstofgehalte van het bloed kan worden bepaald (zie Bloedgas meten, Bloedgas meten (test)) en een röntgenopname van de borst worden gemaakt om andere ernstige longaandoeningen, zoals pneumothorax, uit te sluiten.

Als de diagnose astma is gesteld, kan de arts u op allergieën laten onderzoeken. Indien beroepsastma wordt vermoed, wordt geprobeerd de verantwoordelijke stof op de werkplek op te sporen.

De behandeling

Sommige mensen met astma hoeven niet te worden behandeld als ze de prikkels kunnen vermijden die de klachten uitlokken (zie Leven met astma). Er zijn echter zo veel van die factoren dat het moeilijk is ze allemaal te vermijden, waardoor behandeling toch vaak nodig is.

Tegenwoordig kunnen astma-aanvallen worden behandeld met (kortwerkende)medicijnen. Bovendien kan langetermijnbehandeling het ontstaan van de aanvallen voorkomen. De huidige benadering is de patiënt de kennis en het zelfvertrouwen te geven waarmee hij in overleg met de arts de aandoening onder controle kan houden. Het belangrijkste aspect hiervan is het zorgvuldig plannen van de medicatie en regelmatige controle.

Het doel van de medicatie is het bestrijden van de symptomen en het verminderen van de frequentie en de hevigheid van de aanvallen, zodat een gang naar de huisarts of de eerstehulpafdeling van het ziekenhuis niet meer nodig is. Levensgevaarlijke aanvallen ontstaan zelden zonder waarschuwing. Het opmerken van een sterke verandering van uw toestand en het ondernemen van onmiddellijke actie door het bijstellen van de medicatie of contact op te nemen met de arts, zijn essentieel om een ernstige aanval voor te zijn.

Soorten medicijnen

De medicijnen tegen astma zijn in twee groepen te verdelen: snelwerkende en preventieve. Aanvallen van benauwdheid worden gewoonlijk behandeld met de snelwerkende bronchusverwijders. Er zijn verschillende soorten bronchusverwijders die de spieren van de luchtwegen ontspannen. Deze middelen werken als ze worden geïnhaleerd meestal binnen enkele minuten, maar het effect kan variëren van enkele uren tot een half etmaal (nieuwe langwerkende bronchusverwijders). Ze moeten worden gebruikt zodra de symptomen opkomen of, als dat door de arts is voorgeschreven, voor u zich gaat inspannen.

De tweede groep bestaat uit medicijnen waarmee aanvallen op termijn kunnen worden voorkomen. Dit zijn met name de inhalatiecorticosteroïden (zie Corticosteroïden bij aandoeningen van de luchtwegen), die de ontstekingsreactie tegengaan en ervoor zorgen dat er minder slijmproductie is en de luchtwegen zich bij blootstelling aan de prikkel minder vernauwen. Deze middelen moeten dagelijks worden geïnhaleerd en hun werking is pas na enkele dagen optimaal.

Beide soorten medicijnen worden geïnhaleerd vanuit een dosisinhalator of als poeder. De arts, longverpleegkundige of apotheker kan demonstreren hoe het voorgeschreven medicijn met bijbehorend apparaat moet worden geïnhaleerd. Voor acute aanvallen zijn bij hevig benauwde mensen de snelwerkende medicijnen het effectiefst als ze worden geïnhaleerd vanuit een voorzetkamer aan de inhalator of via een vernevelaar. Hiermee wordt een fijne wolk van het medicijn door een mondstuk of masker geïnhaleerd (zie Astmamedicijnen nemenn). Voorzetkamers zijn ook nuttig als u het moeilijk vindt om het apparaatje te gebruiken en tegelijk in te ademen. Ook bij kleine kinderen is een voorzetkamer nodig.

Mensen met ernstige astma kunnen lage doses corticosteroïden in tabletvorm krijgen. Deze middelen worden ook bij een ernstige aanval gegeven.

Dagelijkse behandeling

Volwassenen hebben tegenwoordig zelf de verantwoordelijkheid voor hun dagelijkse behandeling, in overleg met hun arts. Het belangrijkste bij astma is dat u de symptomen in de gaten houdt. U kunt eventueel een piekstroommeter gebruiken om de ademcapaciteit te meten. Astma kan van dag tot dag of over langere perioden in ernst variëren. De arts zal een behandelplan op uw situatie toesnijden.

Dit plan wordt regelmatig bijgesteld aan de hand van de huidige symptomen en de piekstroommetingen. Wellicht moet de hoeveelheid medicijnen worden aangepast of de manier van inname worden veranderd, bijvoorbeeld via een andere manier van inhaleren met een ander apparaatje; misschien moet er een ander middel worden gebruikt of moet de frequentie van inname worden veranderd. Als de ene methode niet werkt, moet u een andere proberen.

Bij volwassenen bij wie zojuist astma is geconstateerd, worden vaak eerst alleen snelwerkende middelen voorgeschreven. De preventieve inhalatiesteroïden worden gegeven als blijkt dat de snelwerkende middelen vaker dan enkele malen per week moeten worden gebruikt. Als u dagelijks een piekstroommeter gebruikt om de longfunctie te meten, merkt u een verandering van de toestand sneller op en kan de behandeling sneller worden aangepast. Laat u goed door uw arts over het behandelplan informeren. U moet ook weten wat u bij een ernstige aanval moet doen.

Spoedbehandeling

Bij een plotselinge ernstige astma-aanval moet u snelwerkende bronchusverwijdende medicijnen nemen, zoals voorgeschreven door de arts. Als dit niet werkt, moet u uw huisarts of in ernstige gevallen het alarmnummer 112 bellen. Probeer kalm te blijven en ga in een gemakkelijke houding zitten. Plaats uw handen op uw knieën om uw rug te steunen; ga niet liggen. Probeer de ademsnelheid te vertragen om te voorkomen dat u uitgeput raakt.

In het ziekenhuis krijgt u wellicht zuurstof en corticosteroïden toegediend, eerst met een infuus en daarna mogelijk oraal. Ook krijgt u waarschijnlijk een hoge dosis bronchusverwijders, met een vernevelaar of als een injectie.

Als deze middelen niet helpen, is mechanische beademing met zuurstofrijke lucht nodig. Hiermee moet worden doorgegaan tot de medicijnen werken en de luchtwegen zich ontspannen.

De prognose

Ten minste 50-70% van alle kinderen met astma zal ook op volwassen leeftijd symptomen blijven houden. Wel daalt het aantal klachten tussen de leeftijd van tien en twintig jaar, maar een aanzienlijk percentage krijgt na deze klachtenvrije periode later opnieuw astma. Er lijken twee soorten astma te bestaan. De eerste soort betreft kinderen jonger dan vier jaar, die door virusinfecties uitgelokte perioden van benauwdheid hebben. Bij deze groep komt later weinig astma voor, maar de kinderen hebben wel een grotere kans om op oudere leeftijd chronische obstructieve longaandoening (COPD) te krijgen.

Daarnaast is er een groep kinderen vanaf vier jaar bij wie de astma meer aanvalsgewijs voorkomt over een periode van vijf tot tien jaar. Deze kinderen hebben nogal eens een allergische (atopische) aanleg. Ze kunnen ook benauwd worden ten gevolge van een virale luchtweginfectie en hebben dus een verhoogde prikkelbaarheid van de luchtwegen. Deze groep blijft vaak astma houden of krijgt het op volwassen leeftijd weer terug. Bij hen bestaat geen relatie met COPD.

Risicofactoren

Leeftijd
Alle leeftijden, maar de helft van de nieuwe gevallen betreft kinderen onder 10 jaar
Komt in sommige families meer voor
Blootstelling aan tabaksrook is een risicofactor
Geslacht
Komt meer voor bij mannen
Erfelijkheid
Komt in sommige families meer voor
Leefwijze
Blootstelling aan tabaksrook is een risicofactor

Medische encyclopedie

Aanvallen van ademnood, hoesten en/of piepend ademhalen bij kinderen, ten gevolge van een terugkerende vernauwing van de luchtwegen

Bij kinderen met astma zijn de luchtwegen overgevoelig voor bepaalde prikkels. Als reactie op deze prikkels trekken de spiertjes rond de luchtwegen samen. Het slijmvlies langs de binnenkant van de luchtwegen zwelt op en produceert meer slijm. Daardoor worden de luchtwegen nauwer.

In Nederland is astma de meest voorkomende chronische aandoening bij kinderen. Ongeveer 5 tot 15% van alle kinderen lijdt aan een lichte of ernstigere vorm van astma of astmatische bronchitis. Het aantal kinderen met astma is de afgelopen jaren fors gestegen. De reden hiervoor is niet bekend, maar allergie en andere milieufactoren kunnen hierbij een rol spelen.

De oorzaken

Bij astma speelt erfelijkheid een rol. Als een of beide ouders astma hebben, is er een grotere kans dat hun kind ook astma krijgt. Hierbij spelen overerving van allergie en overgevoeligheid van de luchtwegen een belangrijke rol. Andere ademhalingsziekten, met name die bij een premature geboorte (zie Problemen bij de premature baby) verhogen het risico dat het kind later astma-achtige klachten krijgt. Regelmatige blootstelling aan sigarettenrook thuis en luchtvervuiling door uitlaatgassen kunnen een reactie van de luchtwegen veroorzaken.

Bij kinderen onder de vijf jaar worden de aanvallen meestal opgeroepen door een virusinfectie, zoals een verkoudheid. Bij oudere kinderen zijn de boosdoeners naast virusinfecties, ook allergische reacties op bepaalde stoffen, zoals pollen, schimmels, stofmijt, en huidschilfers van dieren, zoals katten en honden. Lichamelijke inspanning, vooral in koude, droge lucht, kan ook benauwdheid veroorzaken. In een enkel geval kan bepaald voedsel, zoals melk, noten en eieren, astmasymptomen uitlokken. Bij sommige kinderen wordt benauwdheid door emoties uitgelokt.

De symptomen

De symptomen variëren qua ernst van dag tot dag en van week tot week naargelang de leeftijd van het kind. Ze treden snel op en kunnen een paar uur of langer aanhouden. De symptomen kunnen zijn:

  • piepend ademhalen;
  • kortademigheid;
  • beklemd gevoel op de borst;
  • droge hoest die ’s nachts erger is, waardoor het kind slecht slaapt.

Heel jonge kinderen met astma hebben vaak ’s nachts een droge hoest en verder geen symptomen. Oudere kinderen kunnen moe zijn door slaaptekort of kunnen door hun kortademigheid moeite hebben met inspannende sporten. Kinderen met astma hebben vaak ook andere allergische aandoeningen zoals eczeem (zie Eczeem bij kinderen) en hooikoorts (zie Allergische rhinitis).

Bij een ernstige aanval kan er een snelle ademhaling optreden met intrekken van de borstwand; het praten is dan moeilijk. Als het zuurstofgehalte in het bloed laag is, kunnen lippen en tong blauw worden, ook wel cyanose genoemd. Als uw kind zo’n aanval heeft, moet u met spoed uw huisarts of 112 bellen, want ernstige astma-aanvallen kunnen levensbedreigend zijn.

Bij zorgvuldig gebruik van astmamedicijnen kunnen ernstige astma-aanvallen worden voorkomen.

De diagnose

Wanneer u met uw kind bij de arts bent, kunnen symptomen afwezig zijn. De diagnose wordt dan gesteld aan de hand van een beschrijving van de symptomen. De arts zal met een stethoscoop naar de borst van uw kind luisteren. Een ouder kind moet waarschijnlijk op een piekstroommeter blazen om een schatting van de longfunctie te maken (zie TEST: Ademcapaciteit meten). Met dit apparaat wordt de uitademcapaciteit van het kind gemeten. Om de diagnose te bevestigen zal uw arts bij wijze van proef een luchtwegverwijdend medicijn voorschrijven (zie Bronchusverwijdende middelen). Als de symptomen worden veroorzaakt door astma, kunnen die na toediening van het medicijn sterk verbeteren.

Als de diagnose eenmaal is gesteld, kan er via bloedonderzoek een allergietest worden gedaan om te kijken of er allergieën zijn die de astma-aanvallen op gang brengen.

De behandeling

De behandeling is erop gericht uw kind een zo actief mogelijk leven te laten leiden met zo min mogelijk medicijnen. De arts zal u gedetailleerd uiteenzetten hoe u de astma van uw kind onder controle kunt houden, met advies over wanneer u op een andere behandeling moet overgaan en wat u moet doen als uw kind plotseling een aanval heeft. Het is belangrijk dat uw kind de ziekte begrijpt en dat hij weet wat hij bij symptomen moet doen. Sommige kinderen moeten thuis regelmatig een boekje bijhouden om de ernst van hun astma gedurende een bepaalde periode te kunnen registreren. De lengte van uw kind zal zo nu en dan gemeten worden, aangezien de normaalwaarden van de piekstroom worden bepaald aan de hand van de lengte van het kind.

Aanpassen van de omgeving

U kunt de omgeving van het kind op diverse manieren zodanig aanpassen dat er minimale kans bestaat op contact met factoren die tot een aanval leiden (zie De kans op een astma-aanval bij kinderen beperken).

Medicijnen

De medicijnen waarmee kinderen met astma worden behandeld, vallen uiteen in twee groepen: medicijnen die snel verlichting brengen (luchtwegverwijders) en medicijnen die de ziekte onder controle houden (onderhoudsmedicijnen), meestal inhalatiecorticosteroïden (zie Corticosteroïden bij aandoeningen van de luchtwegen), De eerste groep opent snel de luchtwegen om de benauwdheid en een piepende ademhaling tegen te gaan. Meestal werken ze binnen tien minuten, maar hun effect duurt maar een paar uur. Kinderen met licht astma moeten een dergelijk medicijn bij de hand hebben en gebruiken als er symptomen optreden.

Kinderen die regelmatig symptomen hebben, moeten ook iedere dag hun onderhoudsmedicijnen nemen. Deze middelen zijn pas effectief na één à twee weken, en moeten iedere dag geïnhaleerd of ingenomen worden, ook als er geen symptomen zijn. Deze medicijnen gaan ontsteking van de luchtwegen tegen en voorkomen dat er symptomen optreden. Vaak schrijft men inhalatiecorticosteroïden als onderhoudsmedicijn voor. De medicijnen worden meestal met een inhalator toegediend. Jonge kinderen hebben daar soms moeite mee en dan wordt er een voorzetkamer gebruikt (zie Inhalatiemedicijnen toedienen). Een vernevelaar is een apparaat dat medicijnen in nevelvorm via een mond-neusmasker toedient; dit wordt vaak bij een ernstige aanval gebruikt. Het is heel belangrijk dat bij inhalatoren en vernevelaars de juiste techniek wordt toegepast. De arts of verpleegkundige zal u en uw kind tonen hoe deze apparaten moeten worden gebruikt. Bij een ernstige aanval kan het kind naast de inhalatiemedicijnen ook corticosteroïden in tabletvorm krijgen voorgeschreven.

Een astma-aanval doorstaan

Om een aanval te kunnen bestrijden moet u of uw kind altijd een inhalator met een luchtwegverwijder bij zich hebben. Ook op school moet uw kind de beschikking over een dergelijke inhalator hebben. Als de symptomen van het kind niet door een enkele dosis van dit medicijn afzwakken, moet er nog een dosis worden gegeven. Als ook dit niet werkt, moet u contact opnemen met uw huisarts of de dichtstbijzijnde eerste hulp. Blijf vooral kalm en stel uw kind gerust. Zodra u in het ziekenhuis bent, zal uw kind zo nodig zuurstof krijgen en met een vernevelaar een hoge dosis van een luchtwegverwijder toegediend krijgen om de symptomen te verlichten. Uw kind zal soms een paar dagen in het ziekenhuis moeten blijven om helemaal van de ernstige aanval te herstellen. Waarschijnlijk krijgt uw kind ook een kuur met corticosteroïden.

De prognose

Kinderen met astma kunnen met zorgvuldig medicijngebruik en door de factoren te mijden die een aanval uitlokken, zoals contact met harige dieren, een actief leven leiden. Bij bijna de helft van de kinderen verdwijnen de astmaklachten voor of rond de puberteit. Bij een aantal komen de klachten echter op latere leeftijd weer terug (zie Astma).

Jaarlijks sterven naar schatting in Nederland vier tot vijf kinderen ten gevolge van astma, met name nul- tot vierjarigen. In de meeste gevallen komt dat doordat men (ouders, kind, artsen) de symptomen niet goed onderkent, waardoor de behandeling te laat adequaat wordt gestart of doordat de astma-aanval zich dermate snel ontwikkelt dat men te laat in het ziekenhuis aankomt.

Risicofactoren

Leeftijd
Komt voor bij 10 procent van de kinderen
Zit soms in de familie
Blootstelling aan onder andere sigarettenrook, huidschilfers van dieren, huisstofmijt en luchtvervuiling kan een reactie van de luchtwegen veroorzaken
Geslacht
Komt vaker voor bij jongens
Erfelijkheid
Zit soms in de familie
Leefwijze
Blootstelling aan onder andere sigarettenrook, huidschilfers van dieren, huisstofmijt en luchtvervuiling kan een reactie van de luchtwegen veroorzaken

U bevindt zich hier:

U gebruikt een verouderde webbrowser, wij raden u aan over te schakelen naar een van onderstaande moderne internetbrowsers.