Een zwakke baarmoederhals, waardoor een zeer vroege vroeggeboorte kan optreden
De baarmoederhals blijft normaal gesproken gesloten tot de weeën beginnen. Bij verzwakking, wat ook wel baarmoederhalsinsufficiëntie wordt genoemd, kunnen het gewicht van de foetus en het omringende vruchtwater ervoor zorgen dat de baarmoederhals zich te vroeg opent, met een extreme vroeggeboorte tot gevolg.
De baarmoederhals kan verzwakt zijn door een operatie, zoals bij een exconisatie (zie BEHANDELING: Cervicale dysplasie). Ook DES-dochters hebben een vergrote kans, evenals vrouwen met een aanlegstoornis van de baarmoeder.
Vaak zijn er geen symptomen van de baarmoederhalsinsufficiëntie tot de bevalling aan de gang is. De zwangere voelt dan een druk in de onderbuik of een ‘brok’ in de vagina.
Als u al eerder heel veel te vroeg bent bevallen, kan men tijdens de zwangerschap de lengte en het gesloten zijn van de baarmoedermond controleren met een echo. De echo wordt via de vagina gemaakt.
Als de baarmoederhals zwak is, kan een cerclage (bandje om de baarmoedermond) worden aangelegd. Dit doet men meestal onder algehele narcose of met de ruggenprik in het begin van de zwangerschap. Rond week 37 haalt men het bandje weg, voor de weeën beginnen. Helaas is het aanleggen van zo’n bandje geen garantie dat er niet opnieuw een extreme vroeggeboorte optreedt.
Baarmoederhalsinsufficiëntie kan bij volgende zwangerschappen opnieuw een probleem zijn. Men hoopt dit met echo-onderzoek tijdig op te sporen en dan zo nodig in tweede instantie een bandje aan te leggen (secundaire cerclage)
- Baarmoederhalsinsufficiëntie
- Een zwakke baarmoederhals kan al vroeg tijdens de zwangerschap opengaan. Dit kan leiden tot een extreme vroeggeboorte.
- Verzwakte baarmoederhals
- Vagina
- Uitpuilende vliezen
- Leeftijd
- Geen factoren van betekenis
- Geen factoren van betekenis
- Erfelijkheid
- Geen factoren van betekenis
- Leefwijze
- Geen factoren van betekenis