De spijsvertering begint in de mond, waar het voedsel met de kiezen wordt gekauwd en met behulp van de tong wordt gemengd met speeksel. Door te slikken komt het voedsel in de slokdarm, waar het door spierbewegingen naar de maag wordt gevoerd. Mond, tong en slokdarm staan constant bloot aan irritatie en infecties door allerlei deeltjes in het voedsel en de lucht.
Dit hoofdstuk begint met aandoeningen aan de mond en de tong. Deze variƫren van aften, een naar verhouding niet ernstige aandoening die veel voorkomt, tot mondkanker. Ook worden hierin aandoeningen behandeld die ontstekingen veroorzaken, zoals glossitis, of witte plekjes in de mond, zoals orale leukoplakie. Daarna worden twee aandoeningen van de speekselklieren beschreven. Speekselklierstenen kunnen erg pijnlijk zijn, maar zijn meestal gemakkelijk te verwijderen. De meeste gezwellen in de speekselklieren zijn niet kwaadaardig en de prognose is meestal gunstig, maar ze kunnen terugkeren. Het laatste deel van dit hoofdstuk gaat over aandoeningen van de slokdarm, waarvan zure-refluxziekte (zuurbranden) het meeste voorkomt. Ook slokdarmkanker, dat veel minder vaak voorkomt, wordt besproken. Aandoeningen aan het gebit en het tandvlees worden op Gebit en Tandvlees behandeld.
- Speekselklieren
- Slokdarm
- Maag
- Tong
- Mond
Zie Spijsverteringsstelsel voor meer informatie over de mond, de tong en de slokdarm.