zwangerschapsproblemen

Artikelen over zwangerschapsproblemen

Medische encyclopedie

Chronische, reeds bestaande ziekten die het verloop van de zwangerschap of de gezondheid van de foetus kunnen beïnvloeden

Sommige vrouwen hebben een al voor de zwangerschap bestaande ziekte, die extra zorg met zich meebrengt voor de zwangerschap en/of bevalling. Specialistische begeleiding, een medische indicatie, is dan veelal wenselijk. Voor vrouwen met diabetes mellitus (Diabetes mellitus) is het noodzakelijk al voor de bevruchting zo goed mogelijk te worden ingesteld op insuline. Hoge bloedsuikers rond de conceptie en in de eerste maanden van de zwangerschap brengen een verhoogde kans op aangeboren afwijkingen met zich mee.

Ook voor vrouwen met epilepsie is het verstandig al voor de zwangerschap maatregelen te nemen en zo mogelijk over te schakelen op een soort medicijn dat zo min mogelijk kwaad kan tijdens de zwangerschap.

Zeker niet alle voor de zwangerschap bestaande ziekten verergeren tijdens de zwangerschap; sommige, zoals lichte astma, verbeteren vaak, maar kunnen juist weer in het kraambed verergeren.

Sommige ziekten kunnen gevolgen hebben voor de foetus. Hoge bloeddruk (Hoge bloeddruk (hypertensie)) geeft wat meer kans op een te klein kind voor de duur van de zwangerschap (zie Groeiachterstand). Een kind van een vrouw met diabetes mellitus kan na de geboorte een te lage bloedsuikerspiegel hebben.

Hebt u een chronische ziekte en overweegt u zwanger te worden, overleg dan al vóór u zwanger bent met huisarts of specialist.

De behandeling

Hebt u een chronische ziekte, dan kan de huisarts voordat u zwanger wordt mogelijk adviezen geven over bijvoorbeeld medicijngebruik. Zo worden orale antidiabetica bij voorkeur vervangen door insuline (zie Geneesmiddelen bij diabetes mellitus).

Aan vrouwen met epilepsie die anticonvulsiva slikken, wordt geadviseerd een extra hoge dosis foliumzuur te gebruiken om de kans op een open ruggetje bij de foetus zo veel mogelijk te verkleinen (zie Neuraalbuisdefecten). Vaak bestaat er in deze situatie een medische indicatie voor controle van de zwangerschap. De gynaecoloog bespreekt dan met u wanneer welke controles zinvol zijn.

De prognose

Met goede begeleiding is het vaak mogelijk de risico’s van voor de zwangerschap bestaande ziekten voor moeder en kind zo veel mogelijk te beperken. Uiteraard bepaalt de soort ziekte en eventueel medicijngebruik welke extra maatregelen gewenst zijn.

Risicofactoren

Leeftijd
Kan op iedere leeftijd voorkomen, de kans neemt toe bij gevorderde leeftijd
Geen factoren van betekenis
Erfelijkheid
Geen factoren van betekenis
Leefwijze
Geen factoren van betekenis

Medische encyclopedie

Een zwangerschap met meer kans op problemen voor de moeder of de foetus

De meeste vrouwen hebben tijdens hun zwangerschap alleen normale ongemakken (zie Gewone klachten bij een normale zwangerschap), die meestal niet ernstig zijn. Toch verloopt niet elke zwangerschap probleemloos, en soms is er meer kans op gezondheidsproblemen voor moeder en/of kind, die in zeldzame situaties ernstig kunnen zijn. Sommige vrouwen hebben meer kans op problemen dan andere. Daarom is een belangrijk doel van de zwangerschapscontroles mogelijke problemen van moeder of kind tijdig te signaleren, zodat extra controle of behandeling kan volgen.

Zwangerschappen met meer kans op problemen

Er zijn verschillende factoren waardoor problemen in een zwangerschap kunnen ontstaan. Zo hebben vrouwen jonger dan vijftien of ouder dan vijfendertig wat meer kans op problemen. Ook de levensstijl en de voorgeschiedenis van de vrouw spelen een rol: roken, in het verleden problemen met andere zwangerschappen, en, vooral, reeds voor de zwangerschap bestaande ziekten zoals diabetes mellitus of een verhoogde bloeddruk.

Leeftijd

Zwangere tieners jonger dan vijftien hebben iets meer kans dat ze voor het einde van de zwangerschap al weeën krijgen (zie Te vroege weeën), en ook is er wat meer kans op bepaalde complicaties, zoals pre-eclampsie en eclampsie, waarbij de bloeddruk te hoog is.

Naarmate de leeftijd vordert, hebben zwangeren meer kans dat ze te maken krijgen met bijkomende problemen, zoals vleesbomen in de baarmoeder (zie Vleesbomen) of andere gezondheidsproblemen. Tevens neemt met toenemende leeftijd de kans op zwangerschapscomplicaties, zoals zwangerschapshypertensie, pre-eclampsie of zwangerschapsdiabetes (zie Zwangerschapsdiabetes) voor een aantal zwangeren toe. Ook de kans op een foetus met een chromosoomafwijking, zoals het syndroom van Down, neemt toe met de leeftijd. Daarom wordt met vrouwen van 36 jaar en ouder onderzoek naar deze aandoening besproken.

Lichamelijke factoren

Vrouwen die klein gebouwd zijn, hebben vaak ook een klein bekken. Hebben ze een kleine partner, dan is de kans groot dat ook hun kind klein zal zijn, maar bij een grote partner bestaat er een kans dat het kind ook groot zal zijn en het bekken relatief te klein, wat problemen kan opleveren tijdens de bevalling. Vrouwen met een zeer laag lichaamsgewicht hebben meer kans op een kleine baby. Vrouwen met overgewicht hebben meer kans om zwangerschapsdiabetes te ontwikkelen, met daarbij ook meer kans op een groot kind, terwijl ook de kans op een hoge bloeddruk (Hoge bloeddruk (hypertensie)) toeneemt.

Leefwijze

Ongezond eten, roken, alcohol- en drugsgebruik tijdens de zwangerschap verhogen de kans op een problematische zwangerschap met bijvoorbeeld groeiachterstand en een voortijdige bevalling als gevolg.

Problemen bij eerdere zwangerschappen

Veel problemen bij een eerdere zwangerschap, zoals vroeggeboorte, ernstige hoge bloeddruk of een doodgeboren kind (Vaginale kunstverlossing (behandeling)), betekenen voor een volgende zwangerschap dat extra zorg noodzakelijk is om zo veel mogelijk te proberen te voorkomen dat het betreffende probleem zich herhaalt. Hoewel een tweede of volgende zwangerschap vaak een gunstiger verloop heeft dan een eerste, is het ondanks extra zorg niet altijd mogelijk om alle problemen te voorkomen.

Reeds bestaande ziekten

Alle reeds bestaande aandoeningen (zie Reeds bestaande ziekten bij zwangerschap), zoals diabetes mellitus, epilepsie of hoge bloeddruk, betekenen dat extra zorg voor moeder en kind tijdens de zwangerschap geboden is. In de praktijk zal dit veelal een medische indicatie oftewel controles door de gynaecoloog tijdens de zwangerschap betekenen.

Wat is eraan te doen?

Bij uw eerste controle zal uw verloskundige of huisarts u onderzoeken en u vragen stellen om te bepalen of er een kans is dat zich bepaalde problemen tijdens de zwangerschap zullen voordoen. In deze laatste situatie krijgt u een medische indicatie voor specialistische begeleiding tijdens de zwangerschap en de bevalling en wordt u verwezen naar een gynaecoloog. De gynaecoloog bepaalt samen met u, aan de hand van uw medische voorgeschiedenis, het controleschema voor de zwangerschap. Bij een verhoogd risico op een kind met een gen- of chromosoomafwijking (zoals bij leeftijd boven de 36) is aanvullend onderzoek mogelijk (zie Prenatale diagnostiek). Indien daar een medische indicatie toe bestaat, kunnen echoscopische controles (Echoscopie bij zwangerschap (test)) gewenst zijn om de groei van de foetus te controleren. Bij bijkomende ziekten kunt u ook door andere specialisten dan de gynaecoloog worden begeleid.

De prognose

Met zorgvuldige begeleiding kunnen veel problemen tijdens de zwangerschap zo goed als mogelijk worden behandeld. Hoewel de kans op complicaties bij een problematische zwangerschap groter is, is over het algemeen de uitkomst voor moeder en kind bevredigend.

Risicofactoren

Leeftijd
Zwangerschappen onder 15 jaar en boven 35 jaar brengen soms, maar niet altijd, extra problemen met zich mee
De risicofactoren hangen samen met de oorzaak
Leefwijze
Roken en alcohol- of drugsgebruik tijdens de zwangerschap vormen risicofactoren
Erfelijkheid
De risicofactoren hangen samen met de oorzaak

Medische encyclopedie

Bloeding uit de vagina op ongeacht welk tijdstip tijdens de zwangerschap

Krijgt u tijdens de zwangerschap een bloeding, aarzel dan niet de verloskundige of arts te raadplegen. Bedenk dat bloedverlies in het begin van de zwangerschap nogal eens zonder duidelijke oorzaak voorkomt, en dat dit zeker niet altijd op een miskraam duidt. Bij ernstig bloedverlies, zeker aan het einde van de zwangerschap, spreekt het vanzelf dat zo spoedig mogelijk onderzoek gewenst is.

De oorzaken

Er zijn verschillende redenen voor vaginaal bloedverlies tijdens de zwangerschap. Ze zijn afhankelijk van het stadium van de zwangerschap. Sommige aandoeningen, die ook buiten de zwangerschap voorkomen, kunnen ook tijdens de zwangerschap bloedverlies veroorzaken, zoals een poliep van de baarmoedermond, een chlamydia-infectie of een gemakkelijk bloedende erosie van de baarmoedermond (Erosie van de baarmoedermond).

Bloeding voor week 16

Een bloeding in het begin betekent in ongeveer de helft van de situaties een miskraam. Deze kan gepaard gaan met kramp en menstruatieachtige pijn. Een lichte tot hevige bloeding met ernstige pijn in week 6 tot 7 kan het gevolg zijn van een buitenbaarmoederlijke zwangerschap. Licht, pijnloos bloedverlies houdt soms wel een maand of vier aan, zonder dat er een duidelijke oorzaak voor is.

Bloeding in week 16-26

Na week 16 kan de bloeding duiden op een extreme vroeggeboorte (partus immaturus), met als oorzaak bijvoorbeeld een zwakke baarmoederhals (zie Baarmoederhalsinsufficiëntie). Behalve bloedverlies kunnen dan ook baarmoedercontracties voorkomen, die de vrouw voelt als harde buiken of menstruatieachtig gevoel.

Bloeding na week 26

Na week 26 zijn er meer oorzaken voor bloedverlies mogelijk, waaronder ernstige aandoeningen als voorliggende placenta (zie Placenta praevia), loslating van de placenta (zie Solutio placentae) en dreigende vroeggeboorte (partus praematurus). Gelukkig blijkt er meestal geen ernstige oorzaak voor het bloedverlies te zijn bij onderzoek.

De behandeling

De gynaecoloog zal de oorzaak van het bloedverlies willen onderzoeken. Veelal vindt een uitwendig onderzoek plaats, evenals een echoscopie en, afhankelijk van de zwangerschapsduur een CTG (registratie van de hartslag van de baby, -registratie (test)). Inwendig onderzoek wordt meestal pas gedaan als een voorliggende placenta is uitgesloten.

De behandeling hangt af van de oorzaak, de ernst van het bloedverlies en het stadium van de zwangerschap. Bij bloedverlies in het begin van de zwangerschap kan met de echo worden gekeken of de zwangerschap intact is en zich in de baarmoeder bevindt. Bedrust heeft geen zin om een miskraam te voorkomen. Is er sprake van een miskraam (onder), dan is soms een curettage nodig. Wordt de bloeding veroorzaakt door een buitenbaarmoederlijke zwangerschap, dan is ook vaak een operatie noodzakelijk.

Risicofactoren

Leeftijd
Geen factoren van betekenis
Geen factoren van betekenis
Erfelijkheid
Geen factoren van betekenis
Leefwijze
Geen factoren van betekenis

U bevindt zich hier:

U gebruikt een verouderde webbrowser, wij raden u aan over te schakelen naar een van onderstaande moderne internetbrowsers.