Prenatale screening downsyndroom

Vervolgonderzoek

Vervolgonderzoek

Als uit prenatale screening blijkt dat u een verhoogde kans heeft op een kind met Downsyndroom, kunt u vervolgonderzoek laten doen. Vóór u beslist over prenatale screening is het belangrijk om na te denken of u dit vervolgonderzoek wel of niet zou willen.

Na vervolgonderzoek weet u zeker of uw kind Downsyndroom heeft. Het vervolgonderzoek bestaat uit 1 van de volgende twee onderzoeken:

  1. Vlokkentest – het wegnemen en onderzoeken van een stukje weefsel van de placenta (moederkoek) (tussen 11 en 14 weken zwangerschap). Klik hier voor film vlokkentest
  2. Vruchtwaterpunctie – het wegnemen en onderzoeken van wat vruchtwater (na 15 weken zwangerschap). Klik hier voor de film vruchtwaterpuntie.

Deze vervolgonderzoeken worden prenatale diagnostiek genoemd. Overigens kunt u in sommige gevallen ook direct kiezen voor prenatale diagnostiek. Dit is het geval als u 36 jaar of ouder bent, of als u daar een medische reden voor heeft.

Kans op een miskraam

De vlokkentest en de vruchtwaterpunctie kunnen een miskraam veroorzaken. Dit gebeurt bij ongeveer 4 van de 1000 onderzoeken. Deze kans is iets hoger bij de vlokkentest dan bij de vruchtwaterpunctie. U moet zelf beslissen of u dit risico wilt nemen.

U kunt op elk moment stoppen

Bij prenatale screening en bij vervolgonderzoek kunt u op elk moment stoppen met het onderzoek. U bepaalt zelf bij elk onderzoek of u dit wilt en wat u doet met de uitslag. Bij elke stap kunt u overleggen met uw verloskundige, huisarts of gynaecoloog.

Als Downsyndroom wordt vastgesteld

Het vervolgonderzoek kan aantonen dat u zwanger bent van een kind met Downsyndroom of een andere aandoening. U moet dan beslissen of u de zwangerschap wilt uitdragen of voortijdig wilt beëindigen. Dit kan tot 24 weken zwangerschap.

Meer informatie over voortijdig beëindigen en uitdragen van de zwangerschap kunt u hier lezen.

Afweging

Het is moeilijk om te bedenken wat de kansen voor uzelf betekenen. Hoe zou het voor uw gezin zijn als u een kind met Downsyndroom zou krijgen? Hoe ongerust zou u zijn als u hoort dat u een verhoogde kans hebt op een kind met Downsyndroom? Vindt u een kans van ongeveer 4 van de 1000 op een miskraam na een vruchtwaterpunctie acceptabel? Uw persoonlijke situatie en meningen zijn bij deze afweging belangrijk. De keuzehulp helpt u om een afweging te maken bij het onderdeel Uw keuze.

U bevindt zich hier:

U gebruikt een verouderde webbrowser, wij raden u aan over te schakelen naar een van onderstaande moderne internetbrowsers.