Welke effecten alchohol op iemand heeft, wordt hieronder uitgelegd.

- Na 1 of 2 glazen lijkt alcohol stimulerend te werken. Dit komt doordat de verdoving bepaalde remmingen wegneemt. De drinker ontspant zich makkelijker, voelt zich prettiger en gaat zich losser gedragen. Aan de andere kant kunnen mensen ook juist depressiever, angstiger of agressiever worden na gebruik van alcohol.
- Het ontremmende effect van alcohol is nog groter als het gebruikt wordt in combinatie met stimulerende drugs, omdat die middelen de dempende werking van alcohol tegengaan. De combinatie van alcohol en drugs geeft overigens onvoorspelbare effecten en is daarom riskant.
- Na een paar glazen zijn er al lichamelijke reacties. De fijne motoriek raakt verstoord, het reactievermogen vermindert en iemand ziet, hoort en proeft minder.
- Na 3 tot 5 glazen wordt de waarneming van het eigen gedrag minder en de zelfkritiek neemt af. Dit maakt dat mensen die gedronken hebben van zichzelf vinden dat ze nog heel goed kunnen autorijden, terwijl dat niet het geval is.
- Drinkt iemand door, dan raakt hij aangeschoten; hij kan emotioneel worden, de zelfkritiek neemt verder af, hij kan een rood gezicht krijgen en moeite met praten.
- Wanneer iemand nog verder doordrinkt, volgt dronkenschap. Hij heeft grote moeite zijn evenwicht te bewaren, kan bewusteloos raken en weet de volgende dag wellicht niet meer wat hij de vorige avond heeft gedaan. Na een vaak onrustige en korte slaap wacht de kater met hoofdpijn, brandend maagzuur, braakneigingen en een droge mond.
© Trimbos-instituut, 2009