
Een stof is verslavend als het afhankelijkheid en gewenning kan veroorzaken. Er wordt onderscheid gemaakt tussen lichamelijke afhankelijkheid en geestelijke afhankelijkheid. Bij lichamelijke afhankelijkheid protesteert het lichaam wanneer met gebruik van het middel wordt gestopt (ontwenningsverschijnselen). Geestelijke afhankelijkheid houdt in dat de gebruiker steeds sterker naar het middel verlangt en zich niet prettig meer kan voelen zonder. Er is sprake van gewenning als een gebruiker steeds meer nodig heeft om hetzelfde effect te bereiken.
Alcoholgebruik kan leiden tot gewenning en lichamelijke en geestelijke afhankelijkheid.
De meeste gebruikers kennen deze risico's wel, maar denken dat het hun niet zal overkomen. Maar door steeds vaker en steeds meer te drinken is het mogelijk afhankelijk te worden van alcohol.
Door een lange periode helemaal geen alcohol te drinken is goed vast te stellen of er sprake is van geestelijke of lichamelijke afhankelijkheid. Wie daar moeite mee heeft of zich er ellendig bij voelt, bevindt zich in de gevarenzone.
Gewenning en verslaving aan alcohol ontstaan geleidelijk. Het begint met af en toe te veel drinken tot regelmatig doorzakken. Dat maakt het herkennen van probleemgebruik moeilijk. Er is sprake van misbruik als iemand ongeacht de omstandigheden voortdurend alcohol gebruikt, terwijl dat gebruik problemen veroorzaakt of verergert. Als iemand zichzelf herhaaldelijk in gevaar brengt (autorijden onder invloed bijvoorbeeld), is er ook sprake van misbruik.
Belangrijke aanwijzingen voor probleemgebruik zijn:
- Alcohol nodig hebben om te kunnen ontspannen, om in een andere stemming te komen, om een bepaalde angst te overwinnen of zenuwen tot bedaren te brengen.
- Niet genoeg hebben aan 1 of 2 glazen, maar dagelijks meer drinken en vaak situaties opzoeken waar alcohol gedronken wordt.
- Wel willen stoppen of proberen om overdag niet te drinken, maar daar niet in slagen.
- Snel en gulzig drinken, stiekem drinken, vaak naar drank ruiken en kauwgum eten om de dranklucht te verbergen.
- Zonder alcohol ontwenningsverschijnselen krijgen als trillende handen, transpireren en slecht slapen.
- Vaak ruzie maken over drank met de partner of gezinsleden.
- Foutjes maken op het werk of regelmatig verzuimen.
- Vaker onder invloed deelnemen aan het verkeer.
Mensen die alcoholproblemen hebben zullen geneigd zijn dit te ontkennen. Gebruik proberen tegen te gaan of verbieden is niet zinvol. Paniek en dreigementen hebben eerder een averechts effect. Openhartige gedachtewisseling op basis van goede informatie en zonder vooroordelen kan wel helpen.
- Stel in elk geval duidelijke grenzen
- Probeer samen uit te zoeken wat de onderliggende problemen zijn en kijk of daar iets aan gedaan kan worden.
- Zorg dat u goed geïnformeerd bent. Deze tekst geeft de belangrijkste informatie.
- Zowel voor de probleemgebruiker als voor de omgeving geldt: aarzel niet om advies te vragen.
© Trimbos-instituut, 2009