Cocaïne

In het kort

Cocaïne is een drug in de vorm van een wit, kristalachtig poeder. Het wordt gehaald uit de bladeren van de cocaplant. Er worden veel namen voor cocaïne gebruikt. De populairste luidt kortweg 'coke'.

'Gewone' cocaïne wordt voornamelijk gesnoven. Door oplossen in water kan het ook in een ader worden geïnjecteerd. Cocaïne kan door een chemisch proces worden bewerkt tot 'crack' of 'basecoke'. Het roken van 'crack' of 'basecoke' wordt 'basen' genoemd. Bij het roken worden een waterpijp, een speciaal pijpje of folie gebruikt.

  • Verslavend? Lichamelijk niet, geestelijke wel.
  • Steeds meer nodig voor zelfde effect? Nee.
  • Effecten korte termijn: Stimulerend, onderdrukking van vermoeidheid en honger.
  • Gevolgen lange termijn: Gewichtsverlies, slapeloosheid, angst, waanvoorstellingen, geprikkeldheid, achterdocht, agressiviteit, depressie na stoppen van intensief gebruik, uitputting van het lichaam.
  • Belangrijk: Rookbare vorm van cocaïne heet 'crack', 'basecoke'of 'gekookte coke'.
naar boven

Wat is het?

Cocaïne is een drug in de vorm van een wit, kristalachtig poeder. Het wordt gehaald uit de bladeren van de cocaplant, die in Zuid-Amerika groeit. De Latijnse naam voor die plant is Erythroxylon Coca.In de omgang worden veel andere namen voor cocaïne gebruikt. De populairste luidt kortweg 'coke'. De concentratie van de werkzame stof in de cocabladeren varieert van 0,5 tot 1%. De cocaïne kan op een vrij eenvoudige manier aan de bladeren worden onttrokken, totdat vrijwel zuiver cocaïnepoeder verkregen is.

naar boven

Waar komt het vandaan?

De cocaplant komt oorspronkelijk uit het hoge Andesgebied. Daar worden de bladeren sinds mensenheugenis gekauwd, omdat ze stimulerend werken en ademhalingsmoeilijkheden op grote hoogte verlichten. De Inca's gebruikten de bladeren alleen voor religieuze doeleinden. Na de verovering van Zuid-Amerika door de Spanjaarden is het gebruik verder verspreid.In de 19e eeuw werd ontdekt wat de werkzame stof in de bladeren is. Cocaïne werd vervolgens populair als stimulerend middel en als middel voor plaatselijke verdovingen. Aan het eind van de 19e eeuw begonnen negatieve rapporten over cocaïne te verschijnen. Na de Eerste Wereldoorlog werd cocaïne verboden. Er waren inmiddels ook stoffen ontwikkeld die cocaïne als verdovingsmiddel konden vervangen.

naar boven

Wat zegt de wet?

In illegale drugs wordt onderscheid gemaakt. Minder gevaarlijke, zoals marihuana en hasj worden 'softdrugs' genoemd. Drugs met een groter risico, zoals heroïne, speed en LSD heten 'harddrugs'. Ook cocaïne wordt tot de harddrugs gerekend. Het produceren, verhandelen en bezitten van harddrugs is strafbaar. Maar het in bezit hebben van een kleine hoeveelheid cocaïne wordt in de praktijk niet met voorrang opgespoord en vervolgd.

naar boven

Hoe wordt het gebruikt?

Dat hangt ervan af in welke vorm de cocaïne wordt gebruikt. 'Gewone' cocaïne wordt voornamelijk gesnoven. Het poeder wordt daarvoor in een 'lijntje' gelegd en met behulp van een kokertje in de neus opgehaald. Door het op te lossen in water kan het ook in een ader worden geïnjecteerd.

Je kunt coke ook samen met tabak in een vloeitje rollen en roken; zo'n sigaret wordt een cokeblow, ploffie of cokejoint genoemd. Het is echter niet erg efficiënt en is bovendien kostbaar: een groot deel is verbrand voordat het in de longen komt.

Wanneer de cocaïne door een chemisch proces wordt bewerkt tot crack of basecoke, dan geeft het roken ervan wel een optimaal effect. Het roken van crack of basecoke in een pijpje wordt basen genoemd. Roken van cocaïne vanaf folie wordt chinezen genoemd.

naar boven

Wie gebruiken het?

Het hedendaagse cocaïnegebruik is begonnen in de jaren '60. En wel in trendy kringen die zich deze dure drug konden veroorloven: de reclame, de mode, de jetset. Tegenwoordig komt cocaïnegebruik in alle lagen van de bevolking voor. Het middel is de laatste tien jaren duidelijk populairder geworden in het uitgaansleven, maar zeker ook in de traditionele harddrugs-scene.

naar boven

Wat voelt de gebruiker?

Cocaïne stimuleert het centrale zenuwstelsel, versnelt de hartslag en ademhaling en verhoogt de bloeddruk. Wat de gebruiker voelt, is afhankelijk van de dosis en de manier waarop hij gebruikt. Ook de lichamelijke conditie, het lichaamsgewicht en het verwachtingspatroon spelen een rol. Maar in grote lijnen zijn de effecten als volgt. Het uithoudingsvermogen wordt groter, hongergevoel en vermoeidheid verdwijnen. Pijn wordt minder snel voelbaar. De gebruiker wordt opgewekt en vrolijk, voelt meer energie en denkt de hele wereld aan te kunnen. Deze effecten doen zich voor, als de gebruiker af en toe cocaïne neemt. En niet te veel tegelijk. De effecten zijn binnen een half uur verdwenen. Als de gebruiker het gevoel terug wil krijgen, moet hij opnieuw nemen. Zwaardere gebruikers worden vaak rusteloos en raken snel geïrriteerd. Zelfvertrouwen kan doorslaan tot overmoed. En de zware gebruiker gaat in een schijnwereld leven. De contacten met anderen zijn oppervlakkig, alle drukte gaat om niets en ook intieme gevoelens blijken achteraf schijn. Matig gebruik van cocaïne kan seksueel stimulerend werken. Bij toenemend gebruik neemt dat effect af en kan de zin in seks helemaal verdwijnen. Cocaïnegebruik kan zich tot een probleem gaan ontwikkelen, als het moet dienen om een ander mens van de gebruiker te maken. Iemand met meer zelfvertrouwen bijvoorbeeld. Wie daar gevoelig voor is, kan na 'een keertje proberen' al snel in de verleiding komen om het nog eens te doen.

naar boven

Kun je er verslaafd aan raken?

Je kunt onderscheid maken tussen lichamelijke afhankelijkheid en geestelijke afhankelijkheid.

We spreken van lichamelijke afhankelijkheid, als het lichaam protesteert wanneer met gebruik van een middel wordt gestopt (er treden dan ontwenningsverschijnselen op). Bij het gebruik van cocaïne treedt dit nauwelijks op.

Van geestelijke afhankelijkheid spreekt men wanneer de gebruiker steeds sterker naar het middel verlangt en zich eigenlijk niet meer prettig kan voelen zonder. Cocaïnegebruik kan wel leiden tot geestelijke afhankelijkheid. Want als iemand vaker of meer gaat gebruiken dan is dat vanwege de aangename effecten die cocaïne kan hebben, bijvoorbeeld op de stemming maar ook op je zelfbeeld. De gebruiker kan dan cocaïne nemen om zijn zelfvertrouwen op te krikken, bijvoorbeeld in stressvolle situaties.

Een dergelijke situatie kan een toename van gebruik in de hand werken; de drempel om elke onzekere situatie met behulp van cocaïne te lijf te gaan wordt dan steeds lager. Het vervelende daarbij is, dat onzekerheidsgevoelens toenemen naarmate vaker gebruikt wordt. Zo kan de gebruiker in een vicieuze cirkel terechtkomen. De meeste gebruikers zien dat gevaar wel, maar denken dat het hen niet zal overkomen. Ze maken zichzelf wijs, dat ze elk moment kunnen stoppen.

Problemen met cocaïne worden onder meer veroorzaakt doordat de gebruiker een lage dunk van zichzelf heeft: hij denkt dingen niet aan te kunnen. Cocaïne geeft het gevoel van 'alles onder controle hebben'. Dat lijkt een mooie oplossing, maar is het niet. Want dat gevoel is maar schijn. De gebruiker heeft het alleen niet zo in de gaten.

Het risico van afhankelijkheid is bij elke vorm van gebruik aanwezig. Met name bij het gebruik van basecoke is het risico groot. Het effect komt heel snel en hevig maar is ook weer snel verdwenen. Wil de gebruiker het gevoel weer ervaren, dan moet hij al heel snel weer gebruiken.

naar boven

Wat zijn de risico's?

Naast afhankelijkheid brengt cocaïne de volgende risico's met zich mee:

  • Wie regelmatig en veel cocaïne gebruikt, verliest eetlust, vermagert en doet een aanslag op de lichamelijke conditie. De weerstand tegen infecties neemt af, er doen zich trillingen, bewegingsstoornissen en verstoringen van het hartritme voor.
  • Cocaïne neemt vermoeidheidsgevoelens weg. De gebruiker kan daardoor energie gaan gebruiken ten koste van zijn reserves, omdat hij de natuurlijke grens niet meer voelt. Samen met slapeloosheid leidt dat tot uitputting: voor een deel van de gebruikers een reden om opnieuw te gebruiken.
  • Dat risico speelt extra bij de combinatie cocaïne-alcohol. De alcohol verdooft en maakt dronken, de cocaïne pept weer op. Dat lijkt een welkome combinatie voor een lang avondje uit, maar gezond is anders: het is extra belastend voor het hart en de lever. Je voelt minder goed hoeveel je gedronken hebt en gaat dus gewoon door.
  • Zwaar gebruik kan leiden tot waanvoorstellingen die beangstigend zijn. De gebruiker wordt achterdochtig en voelt zich bedreigd. Dat kan omslaan in agressie.
  • Wie vaak cocaïne gebruikt, kan het gevoel krijgen dat er beestjes onder zijn huid zitten en gaat tot bloedens toe krabben.
  • Door het snuiven van cocaïne trekken de bloedvaten in de neus samen. Bij frequent gebruik kan het slijmvlies in de neus hierdoor beschadigen. Dat geeft een heftige pijn in de neus. Als cocaïne bij het snuiven in de voorhoofdsholte terechtkomt, kan het daar verstoppingen en hoofdpijn veroorzaken.
  • Door het niet steriel spuiten van cocaïne kunnen spuitabcessen ontstaan.
  • Gebruik van crack brengt extra lichamelijke risico's met zich mee, zoals aantasting van de longen.
  • Mensen met een zwak hart, zwakke vaten, hoge bloeddruk, suikerziekte of epilepsie lopen extra risico's.
  • Voordat het bij de gebruiker terechtkomt, is cocaïne vaak vermengd met andere stoffen. Die zijn meestal niet gevaarlijk, maar het betekent wel dat een gebruiker niet krijgt waarvoor hij (veel) betaalt.
naar boven

Kun je zien of iemand gebruikt?

Het is niet echt te zien. Cocaïnegebruik brengt wel bepaalde symptomen met zich mee, ze worden in deze tekst beschreven. Maar die kunnen ook het gevolg zijn van iets anders. Gebruik wordt waarschijnlijker, naarmate meer symptomen tegelijk voorkomen. Eigenlijk kan alleen een open gesprek duidelijk maken of iemand wel of niet gebruikt.

naar boven

Omgaan met gebruikers

Verbieden of gebruik proberen tegen te houden is niet zo zinvol. Paniek en dreigementen hebben eerder een averechts effect. Openhartige gedachtewisseling op basis van goede informatie en zonder vooroordelen kan wel helpen. Deze tekst geeft de belangrijkste informatie. Op die manier is het mogelijk om ter sprake te brengen hoeveel en waarom de ander eigenlijk gebruikt. Regelmatig gebruik duidt op problemen waar wellicht iets aan gedaan kan worden. Door de gebruiker zelf en zo nodig met (professionele) hulp van anderen. Zowel voor de probleemgebruiker als zijn omgeving geldt: schroom niet om advies te vragen en hulp te zoeken.

© Trimbos-instituut, 2009

naar boven

U bevindt zich hier:

U gebruikt een verouderde webbrowser, wij raden u aan over te schakelen naar een van onderstaande moderne internetbrowsers.