Roken kan ervoor zorgen dat rokers last krijgen van hun hart- of bloedvaten. Andere rokers kunnen last krijgen van hun longen. Roken kan ook leiden tot verschillende ziekten in de mond. Mensen die werkzaam zijn in de zorg zien de gevolgen van roken van dichtbij. Zij kunnen hun patiënten of klanten adviseren, begeleiden en ondersteunen bij het stoppen. Roken is ongezond voor iedereen. Sommige mensen zijn extra kwetsbaar.
Als iemand rookt, gaat de rook eerst naar de longen. Daar komen een heleboel stoffen uit de rook in het bloed terecht, waaronder nicotine en koolmonoxide. Deze twee stoffen hebben een erg slechte invloed op het hart en de vaten. Jaarlijks gaan er ruim 5000 mensen door aan hart- en vaatziekten die ze hebben gekregen door het roken.
Nicotine zorgt ervoor dat de bloedvaten nauwer worden. Nicotine zorgt ook voor een hogere bloeddruk. Roken als de bloeddruk al te hoog is, is een extra nadeel voor de bloedvaten. Medicijnen tegen hoge bloeddruk werken namelijk minder goed als u rookt.
Nicotine zorgt ervoor dat de binnenkant van de bloedvaten wordt beschadigd. De binnenkant van de bloedvaten wordt ruw. Het lichaam reageert hierop hetzelfde als bij wondjes: er worden korstjes gemaakt. Langzaam raakt het bloedvat verstopt: het bloed kan er niet meer goed door. Dit heet atherosclerose.
Het hart is een spier. Een spier heeft zuurstof nodig om te kunnen werken. Als de hartspier minder zuurstof krijgt, zorgt dat voor pijn op de borst. De pijn op de borst wordt erger door roken. Nicotine zorgt ervoor dat het hart sneller gaat kloppen. Koolmonoxide zorgt dat er minder zuurstof in het bloed zit.
Bij een hartaanval krijgt het hart geen zuurstof meer. Dat komt doordat de bloedvaten die zuurstof naar het hart brengen, zijn verstopt. Rokers hebben twee maal meer kans op een hartaanval.
Rokers krijgen vaker een beroerte dan mensen die niet roken. Dat komt door hoge bloeddruk en veranderingen aan de bloedvaten. Er zijn twee soorten beroerte: een hersenbloeding en een herseninfarct. Bij een hersenbloeding gaat een bloedvat in de hersenen stuk. Bij een herseninfarct zorgt een bloedprop voor een afsluiting van een bloedvat in de hersenen.
Mensen met ‘etalagebenen’ krijgen pijn bij een klein stukje lopen. Ze moeten dan even stilstaan tot de pijn weggaat. Deze mensen lopen alsof ze etalages bekijken. De pijn in de benen komt door veranderingen in de bloedvaten. Mensen die roken hebben vaker last van veranderingen in de bloedvaten.
naar bovenRoken is erg slecht voor de longen. Het is een belangrijke veroorzaker van longziekten. De twee belangrijkste zijn longkanker en COPD. Ieder jaar gaan er door roken ruim 5000 mensen dood aan COPD en 8000 aan longkanker.
In tabaksrook zitten veel chemische stoffen. Bekend zijn: nicotine, koolmonoxide en teer. Verder zitten er in rook nog andere agressieve gassen. In de longen zitten trilhaartjes. De trilhaartjes houden de longen schoon.Door teer plakken trilhaartjes aan elkaar vast. De trilhaartjes kunnen dan de longen niet meer goed schoonhouden. Door het roken worden de longen nog viezer. Teer irriteert de slijmlaag van de longen en ook de agressieve gassen beschadigen het slijm. De normale manier waarop het lichaam zorgt dat het gezond blijft, wordt hierdoor na een tijd verstoord.
COPD is een Engelse afkorting en betekent Chronic Obstructive Pulmonary Diseases (chronische obstructieve longaandoeningen). COPD is een verzamelnaam voor chronische bronchitis en emfyseem. Bij chronische bronchitis zijn de luchtwegen vernauwd door een ontsteking. Bij emfyseem zijn de longen beschadigd. Roken is vaak de belangrijkste oorzaak van deze beschadiging. COPD komt alleen voor bij volwassenen. 75% van de mensen die COPD krijgt, heeft gerookt.
90% van de mensen die longkanker krijgen, hebben gerookt. De bouwstenen van het lichaam zijn cellen. De cellen in het lichaam vernieuwen zich. Dat doen zij door zich te delen. De stoffen in tabaksrook zorgen ervoor dat een cel niet meer ‘weet’ dat hij moet ophouden met delen. Zo ontstaat longkanker.
naar bovenVan roken kun je verschillende ziekten in de mond krijgen, zoals tandvleesontstekingen en kanker in de slokdarm, strottenhoofd of mondholte. Jaarlijks sterven ongeveer 1600 mensen door roken aan een van deze kankersoorten.
Gezond tandvlees is roze. Gezond tandvlees ligt stevig om tanden en kiezen, en bloedt niet. Ontstoken tandvlees bloedt snel. Maar ontstoken tandvlees bij rokers bloedt juist niet. Wordt de ontsteking niet op tijd ontdekt, dan kan ze verder gaan, soms wel tot het kaakbot. Dit heet parodontitis. Tanden en kiezen kunnen los gaan staan, het trekken van een tand of een kies doet meer pijn en de wonden genezen slechter.
Rokers hebben een veel grotere kans op kanker aan de slokdarm, strottenhoofd of mondholte. Roken en drinken samen maakt de kans hierop nog groter. Per jaar gaan ongeveer 1000 mensen dood aan slokdarmkanker doordat ze roken.
naar bovenOogaandoeningen, zoals maculadegeneratie, glaucoom en cataract, komen vaker voor bij rokers dan bij niet-rokers.
Maculadegeneratie (MD) is een oogaandoening. Men kan niet meer scherp kan zien in het midden van het zicht. Dit komt doordat de kegeltjes (lichtgevoelige cellen die kleur en contrast waarnemen) afsterven. De kans op maculadegeneratie neemt toe als mensen ouder worden. Rokers hebben ongeveer een driemaal hoger risico dan niet-rokers. Ook na het stoppen met roken blijft het risico nog lang (zeker 15 jaar) verhoogd.
Glaucoom is een aandoening van de oogzenuw. Vaak komt dit doordat een hoge oogdruk de bloedtoevoer naar de oogzenuw beperkt. Als glaucoom niet wordt behandeld kun je blind worden. Glaucoom komt vaker voor bij rokers dan bij niet-rokers.
Cataract of grijze staar is een aandoening waarbij de lens vertroebelt. Hierdoor kun je uiteindelijk blind worden. Grijze staar komt vaker voor bij rokers en bij vrouwen.
naar bovenBuiten hart-, long- mond- en oogziekten zijn er ook nog veel andere ziekten die vaker voorkomen bij rokers dan bij niet-rokers, zoals de ziekte van Crohn, Alzheimer, Reumatoïde Artritis en diverse kankersoorten.
De ziekte van Crohn is een chronische ontstekingsziekte van het darmkanaal.De ziekte van Crohn komt vaker voor bij rokers. Ook vergroot roken de kans op een kind dat de ziekte van Crohn heeft.
Roken verhoogd de kans op het krijgen van de ziekte van Alzheimer (een vorm van dementie).
Reumatoïde Artritis is een pijnlijke ontsteking in de gewrichten. Er komen steeds meer aanwijzingen dat roken het risico op RA vergroot. Ook na het stoppen met roken blijft het risico nog lang verhoogd (zeker tien tot twintig jaar).
Roken vergroot de kans op het krijgen kanker. De bekendste zijn longkanker en kanker in de mondstreek (slokdarm, strottenhoofd en mondholte). Rokers hebben daarnaast meer kans op het krijgen van maag-, blaas-, nier-, alvleesklier- en rectaalkanker.
naar boven