Repetitive Strain Injury (RSI) is een verzamelnaam voor aandoeningen aan de nek, bovenrug, schouders, armen, polsen en handen. In uw werk kunt u hiermee te maken krijgen. Risicofactoren voor RSI zijn onder meer: voortdurend werken in dezelfde houding, herhalende bewegingen, overmatig uitoefenen van kracht. Indirect spelen ook factoren als werkstress en kou en tocht mee bij het ontstaan van RSI. Tegenwoordig wordt voor RSI ook wel de term CANS gebruikt. Dit is een Engelse afkorting voor klachten aan arm, nek en/of schouders.

Als u RSI hebt, hebt u last van uw armen, nek of schouders. U kunt op verschillende plaatsen tegelijk last hebben. De klachten kunnen zich ook verplaatsen van één lichaamsdeel naar een ander lichaamsdeel. Krampen en tintelingen kunnen de eerste symptomen voor RSI zijn. RSI kan er uiteindelijk toe leiden dat u aanhoudende pijn hebt en nauwelijks nog kracht in armen en handen.
Als u denkt dat u last hebt van Repetitive Strain Injury (RSI), moet u direct maatregelen nemen. Hoe langer uw klachten duren, hoe moeilijker het is om er van af te komen. Er is geen medicijn of erkende behandeling voor RSI. Wel is er een aantal tips om RSI te voorkomen:
- Wissel werkzaamheden en werkhouding af.
- Neem regelmatige pauzes. U kunt uw werkgever vragen naar pauzesoftware.
- Weer alert bij een hoge werkdruk.
- Vermijd kou, tocht, lawaai en slechte verlichting.
- Neem uw klachten serieus en meld ze bij uw werkgever of bedrijfsarts.
Meer weten over RSI? Ga naar de site van het ministerie van SZW.
© Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, 2009