Verslapping of verlamming van de aangezichtsspieren aan één kant van het gezicht door beschadiging van de gelijkzijdige aangezichtszenuw (nervus facialis)
De nervus facialis (aangezichtszenuw) bestuurt de spieren die stemming en emotie uitdrukken. De zenuw vervoert ook zintuigprikkels van de voorkant van de tong naar de hersenen. Bij beschadiging, beknelling of ontsteking van de nervus facialis ontstaat verslapping van de gelijkzijdige gelaatsspieren, waardoor het oog niet gesloten en de mondhoek niet opgetrokken kan worden.
Mensen met deze aandoening zijn vaak bang dat ze een beroerte (Beroerte) hebben gehad (de aandoening treedt vaak plotseling op), maar dat is niet waarschijnlijk als alleen het gezicht is aangedaan, en niet de armen en benen. Aangezichtsverlamming treedt altijd maar aan één kant van het gezicht op.
Plotselinge verslapping of verlamming van één zijde van het gelaat staat bekend als verlamming of paralyse van Bell en wordt waarschijnlijk veroorzaakt door het herpes simplexvirus, hetzelfde virus dat ook de koortslip kan veroorzaken. Ook het herpes zoster-virus, vooral bekend vanwege gordelroos, kan aangezichtsverlamming veroorzaken (zie Gordelroos, Gordelroos (herpes zoster)). Andere oorzaken zijn de ziekte van Lyme (tekenbeet) en ontsteking van de aangezichtszenuw door een infectie van het middenoor (zie Middenoorontsteking, Middenoorontsteking). In zeldzame gevallen wordt de aangezichtszenuw samengedrukt door een acusticusneurinoom. Dan ontwikkelen de symptomen zich langzaam.
Beschadiging kan ook ontstaan door een voortschrijdende ziekte van het zenuwstelsel, zoals multipele sclerose, een tumor in een speekselklier (Speekselkliertumoren) of een schedelbasisfractuur.
- Aangezichtsverlamming
- Een aandoening van de nervus facialis heeft verlamming van de spieren van de rechterkant van het gelaat veroorzaakt.

In sommige gevallen, zoals bij de verlamming van Bell, verschijnen de symptomen binnen 24 uur. In andere gevallen, zoals bij aangezichtsverlamming door een acusticusneurinoom, ontwikkelen de symptomen zich langzaam. Ze omvatten:
- gedeeltelijke of volledige verlamming van de spieren aan één kant van het gezicht;
- pijn achter het oor aan de aangedane kant van het gezicht;
- hangen van de mondhoek, soms met kwijlen;
- niet kunnen sluiten van het ooglid aan de aangedane kant en tranen van het oog;
- achteruitgang van de smaakzin.
In ernstige gevallen kunt u moeite hebben met spreken en eten, en soms kunnen geluiden in het oor aan de aangedane kant onnatuurlijk hard klinken. Als het ooglid niet kan worden gesloten, kan het hoornvlies door uitdroging of infectie beschadigd raken. Bij aangezichtsverlamming door gordelroos zijn er ook blaasjes op het oor.
De diagnose kan meestal op basis van de symptomen worden gesteld. Een snel ontstaan binnen 24 uur wijst op de verlamming van Bell. Langzamer verschijnende symptomen wijzen op een andere oorzaak.
Als de huisarts een tumor vermoedt, verwijst deze u naar een neuroloog of KNO-arts voor verder onderzoek, bijvoorbeeld een MRI-onderzoek. Ook kan onderzoek van zenuwen en spieren (Onderzoek van zenuwen en spieren (onderzoek)) worden uitgevoerd om de schade aan de zenuwen te bepalen. De ziekte van Lyme kan worden vastgesteld met bloedonderzoek.
Bij de verlamming van Bell met symptomen niet ouder dan 48 uur kan de arts corticosteroïden en geneesmiddelen tegen het herpesvirus voorschrijven om de ontstekingsreactie te remmen. Of deze middelen helpen, staat nog niet vast. Ook kunnen pijnstillers (Analgetica) worden gegeven. Om schade aan het hoornvlies te voorkomen, kunnen kunstmatige tranen worden gegeven (Geneesmiddelen voor de ogen) en kan het raadzaam zijn het oog voor het slapengaan dicht te plakken of met een ooglap te slapen.
De verlamming van Bell gaat meestal zonder verdere behandeling over. Als er een andere oorzaak is, moet deze worden behandeld. Bij gordelroos wordt een antiviraal middel, zoals aciclovir, gegeven. Een acusticusneurinoom wordt operatief verwijderd om de druk op de zenuw weg te nemen. Als de spierverlamming blijvend blijkt te zijn, kan een chirurg een andere zenuw naar het gezicht omleiden.
Bij de juiste behandeling van de verlamming van Bell verbetert aangezichtsverlamming meestal binnen enkele weken. Volledig herstel kan drie maanden duren. Soms blijven restverschijnselen bestaan of keert de verlamming terug.
- Leeftijd
- Geen factor van betekenis
- Geen factor van betekenis
- Geen factor van betekenis
- Geslacht
- Geen factor van betekenis
- Erfelijkheid
- Geen factor van betekenis
- Leefwijze
- Geen factor van betekenis