Angina pectoris

Medische encyclopedie

Pijn op de borst, komt meestal bij inspanning opzetten en verdwijnt weer in rust

Angina pectoris is pijn op de borst die ontstaat als de hartspier harder moet werken, zoals tijdens inspanning, en die in rust snel vermindert. De pijn wordt veroorzaakt door onvoldoende bloedtoevoer naar het hart. Zowel mannen als vrouwen kunnen last hebben van angina pectoris, maar vrouwen onder de zestig hebben er veel minder vaak last van, omdat het hormoon oestrogeen bescherming biedt. Na de menopauze verdwijnt het beschermende effect geleidelijk.

De afgelopen dertig jaar is het aantal gevallen van angina pectoris steeds verder teruggelopen in de westerse wereld, vooral doordat mensen gezonder zijn gaan leven. Daarnaast hebben nieuwe medicijnen en betere chirurgische technieken de kansen van de patiënten flink verbeterd.

De oorzaken

De meest algemene oorzaak van angina pectoris is een coronaire hartziekte, een vernauwing van de kransslagaders die de hartspieren van zuurstof voorzien. Die vernauwing is gewoonlijk het gevolg van vetaanslag op de binnenzijde van de slagaderwanden (zie Arteriosclerose). De bloedstroom door het hart kan genoeg zijn voor het hart in rust, maar onvoldoende bij inspanning. Als er niet genoeg zuurstofrijk bloed door het hart stroomt, krijgt de hartspier te weinig zuurstof, stapelen giftige stoffen zich in de hartspier op en veroorzaken een samentrekkende, krampende pijn. Mensen met een hoog cholesterolgehalte in het bloed (Hypercholesterolemie), jarenlange hoge bloeddruk (Hoge bloeddruk (hypertensie)) of diabetes mellitus hebben een grotere kans in hun leven arteriosclerose en angina pectoris te krijgen. Andere risicofactoren zijn roken en eerstegraads familieleden met angina pectoris.

Angina pectoris kan ook worden veroorzaakt door onwillekeurige samentrekkingen van de kransslagaders, waardoor ze korte tijd nauwer worden, of door een defecte hartklep die de bloedstroom naar de hartspier bemoeilijkt (zie Aortaklepstenose). Zelden is bloedarmoede de oorzaak, waarbij het bloed er niet in slaagt voldoende zuurstof op te nemen.

De symptomen

De pijn van angina pectoris varieert van licht tot ernstig. Meestal komt de pijn tijdens inspanning op en verdwijnt weer na kortdurend rusten. De kenmerken van angina zijn:

  • een drukkend, zwaar, beklemmend gevoel midden in de borst
  • pijn die uitstraalt naar de keel of beide armen, vooral de linkerarm.

Angina pectoris treedt meestal steeds bij een bepaald inspanningsniveau op. Als u bijvoorbeeld regelmatig een heuvel of trap op loopt, zal de pijn steeds op ongeveer hetzelfde punt opkomen. Angina pectoris treedt buitenshuis vaak sneller op als het koud of winderig weer is.

Als u voor het eerst dergelijke pijnen ervaart of als deze steeds vaker voorkomen, moet u onmiddellijk uw huisarts raadplegen. Verergering van de klachten kan op een bloedprop in de kransslagader en een totale afsluiting wijzen, met kans op een hartinfarct (zie Hartinfarct). Een langdurige en zware aanval van angina pectoris kan op een hartinfarct wijzen.

De diagnose

Uw arts zal meestal op grond van uw klachten de diagnose angina pectoris stellen. In sommige gevallen is het echter lastig om zeker te zijn dat de oorzaak van de pijn angina pectoris is of een andere aandoening, zoals reflux naar de slokdarm (Brandend maagzuur (zure-refluxziekte)).

De arts zal uw bloeddruk meten om te kijken of u een hoge bloeddruk hebt. Ook kan de arts bloed onderzoeken op bloedarmoede of een hoge cholesterolwaarde. Met een ECG wordt de elektrische activiteit van het hart in rust vastgelegd. Dit kan worden herhaald na inspanning (zie Inspanningstest). Het ECG in rust kan normaal zijn, maar het inspannings-ECG zal als u angina pectoris hebt waarschijnlijk abnormaal zijn. Het ECG kan ook aantonen dat u een hartinfarct hebt gehad. Als de testen uitwijzen dat er een aanzienlijke beperking is in de bloedtoevoer naar het hart, kan er een coronair angiogram (zie Coronaire angiografie) worden gemaakt. Hierbij wordt contrastvloeistof in de kransslagaders gespoten om de vernauwing op een röntgenfilm te kunnen lokaliseren.

De behandeling

De behandeling van angina pectoris hangt af van de ernst. Medicijnen kunnen de acute pijnaanvallen tegengaan en bovendien het aantal en de zwaarte van de aanvallen verminderen. Een acute aanval van angina behandelt de arts meestal met nitraten, die door vaatverwijding het hart ontlasten en de kransslagaders verwijden. Snel werkende nitraten kan de patiënt als spray of oplosbare tabletten onder de tong nemen. Langzaam werkende nitraten worden gebruikt over een langere periode om aanvallen te voorkomen. Er bestaan ook medicijnen om de zuurstofbehoefte van het hart te verminderen (zie Bètablokkers). Artsen schrijven vaak ook een lage dagelijkse dosis salicylzuur (het kinderaspirientje)voor (zie Bloedverdunnende middelen), omdat salicylzuur de bloedplaatjes remt, waardoor de kans op de vorming van bloedstolsels in de slagaders afneemt. Als een andere aandoening mede een rol speelt bij het ontstaan van de angina pectoris, bijvoorbeeld aortaklepstenose, hoge bloeddruk of diabetes, wordt die behandeld.

Veranderingen in de manier van leven kunnen verergering van angina pectoris voorkomen en meer inspanning mogelijk maken zonder dat er pijn optreedt. Stoppen met roken is van het grootste belang; minder roken is niet voldoende. Ook voeding met weinig verzadigde vetten is belangrijk en u moet, indien nodig, gewicht kwijtraken. Waarschijnlijk krijgt u ook medicijnen om het cholesterolgehalte van uw bloed te verminderen (zie Cholesterolverlagende middelen, Operatie met behulp van een hart-longmachine (techniek)), ook al is dat op een normaal niveau, want ze vertragen het voortschrijden van coronaire hartziekten. Doe regelmatig oefeningen en wel zo veel als u aankunt, maar houd u aan de grenzen die uw arts aangeeft. Zelfs 1,5 tot 3 kilometer lopen per dag vermindert al de kans op een hartinfarct met dodelijke afloop.

Als de angina pectoris erger wordt, ondanks medicijnen, kan de arts tot een operatie besluiten om de slagaders te verwijden of om de bloedstroom naar het hart te verbeteren. Dotteren (zie Dotteren) behoort tot de mogelijkheden. Hierbij wordt een ballonnetje in het vernauwde deel aangebracht en opgeblazen om de slagaders te verwijden. Het is een simpele ingreep, waarbij de patiënt dezelfde of de volgende dag al naar huis mag. Als meer kransslagaders vernauwd zijn, wordt in eerste instantie voor dotteren gekozen. Als dit ontoereikend is, wordt een coronaire bypassoperatie overwogen (Bypassoperatie (behandeling)), waarbij een borstslagader of een ader uit het been wordt gebruikt om een omleiding te leggen om de probleemgebieden in de kransslagaders. Een bypassoperatie is een zware operatie, waarbij een verblijf op de intensive care (Op de intensive care (omgeving)) hoort. Meestal verblijft de patiënt een week in het ziekenhuis en duurt het volledige herstel twee à drie maanden.

De prognose

De vooruitzichten hangen af van het stadium van de coronaire hartziekte. Bij lichte angina pectoris hebt u goede vooruitzichten, als u tenminste veranderingen in uw manier van leven doorvoert en de adviezen van uw arts opvolgt. De meeste mensen hebben geen klachten meer nadat de behandeling is begonnen en kunnen een normaal leven leiden, afgezien van enkele beperkingen bij inspanning. Als u verder in goede gezondheid bent, hebt u een kans van één op twee om nog ten minste tien tot twaalf jaar te leven. Als de slagaders ernstig aangetast zijn, zijn de vooruitzichten minder gunstig.

Risicofactoren

Leeftijd
Meer kans met toenemende leeftijd
Zit vaak in de familie
Roken, vet eten, te weinig beweging en overgewicht zijn risicofactoren
Geslacht
Komt tot 60 jaar bij mannen vaker voor, daarna gelijke kans
Erfelijkheid
Zit vaak in de familie
Leefwijze
Roken, vet eten, te weinig beweging en overgewicht zijn risicofactoren

Andere gerelateerde onderwerpen

U bevindt zich hier:

U gebruikt een verouderde webbrowser, wij raden u aan over te schakelen naar een van onderstaande moderne internetbrowsers.