U gebruikt een verouderde webbrowser, wij raden u aan over te schakelen naar een van onderstaande moderne internetbrowsers.

Anticonvulsivas

Medische encyclopedie

Middelen ter preventie en behandeling van epileptische en andere insulten

Veelgebruikte middelen

Benzodiazepinen

  • clonazepam
  • clobazam
  • diazepam

Overige anticonvulsiva

  • carbamazepine
  • ethosuximide
  • felbamaat
  • fenobarbital
  • fenytoïne
  • gabapentine
  • lamotrigine
  • levetiracetam
  • oxcarbazepine
  • topiramaat
  • valproïnezuur
  • vigabatrine

Anticonvulsiva worden voornamelijk gebruikt ter preventie van insulten bij epilepsie (Epilepsie) en als spoedeisende behandeling bij aanhoudende insulten en spierspasmen. Een aanhoudend insult kan, indien niet behandeld, leiden tot hersenletsel. In zeldzame gevallen kan een anticonvulsivum ook worden aangewend bij een insult dat niet door epilepsie is ontstaan, zoals een koortsconvulsie (Koortsstuipen). Sommige anticonvulsiva worden tevens gebruikt tegen pijn door zenuwschade, zoals bij een trigeminusneuralgie (Aangezichtspijn (trigeminusneuralgie)) waarbij pijn in het gezicht ontstaat.

Werking

Anticonvulsiva werken direct op de elektrische activiteit in de hersenen. Een insult ontstaat door een overmaat van elektrische activiteit in een bepaald deel van de hersenen die zich uitbreidt naar andere delen, met als gevolg ongecontroleerde stimulatie van verschillende zenuwen met verschillende verzorgingsgebieden in het lichaam. Anticonvulsiva verlagen die abnormaal hoge mate van activiteit en voorkomen of verminderen zo de spierspasmen die kenmerkend zijn voor een insult.

Gebruik

Wie steeds terugkerende insulten doormaakt, heeft waarschijnlijk anticonvulsiva nodig gedurende langere tijd, om de frequentie en de ernst van de aanvallen te verminderen of, zo mogelijk, geheel te laten verdwijnen. De arts zal in eerste instantie een enkel middel voorschrijven afgaande op het soort insulten. Bij epileptische absences (petit mal) bijvoorbeeld, waarbij iemand korte perioden van afwezigheid heeft, zal de arts valproïnezuur voorschrijven. Gaat het om tonisch-klonische insulten (gekenmerkt door ongecontroleerde bewegingen van de ledematen en de romp) of om partiële insulten (met lokale trekbewegingen of specifiek gedrag), dan kan de behandeling bestaan uit valproïnezuur of carbamazepine. Middelen zoals lamotrigine en gabapentine worden gebruikt als andere anticonvulsiva niet helpen of ernstige bijwerkingen blijken te hebben.

Houdt een insult aan en blijft het slachtoffer bewusteloos, dan kan diazepam intraveneus per injectie worden toegediend, of rectaal als vloeistof. Nadat de aanval onder controle is, kan nog gedurende enkele uren een infuus met fenytoïne of een ander middel worden gegeven, om te voorkomen dat er opnieuw een insult optreedt.

De dosis wordt aangepast dat het middel optimaal werkt zonder dat er bijwerkingen optreden. Het kan voorkomen dat sporadisch toch insulten voorkomen ondanks het gebruik van anticonvulsiva. In dat geval zal de arts een andere soort proberen als aanvulling of in plaats van het gebruikte middel.

Bij veel mensen met epilepsie komen de insulten op zeker moment vanzelf niet meer voor, meestal ongeveer tien jaar na het begin van de aandoening. De arts zal de behandeling gewoonlijk pas stopzetten als de patiënt al twee jaar geen insulten meer heeft gehad. Dan wordt het middel langzaam afgebouwd in een tijdspanne van enkele maanden, om er zeker van te zijn dat de insulten niet toch weer beginnen.

Wie epilepsie heeft, krijgt vaak een kaart, armband of hangertje waarop de bijzonderheden van de aandoening en de behandeling zijn uitgelegd. Deze kan hij het beste altijd bij zich dragen zodat anderen daarover geïnformeerd zijn wanneer een insult optreedt.

Bij een insult dat niet door epilepsie is veroorzaakt, kan ook diazepam rectaal als vloeistof worden toegediend, bijvoorbeeld bij koortsconvulsies. Bij trigeminusneuralgie kan een langdurige behandeling met een oraal anticonvulsivum nodig zijn.

Bijwerkingen

Door anticonvulsiva kunnen problemen met het geheugen en de coördinatie ontstaan. Ook kunnen lethargie (slaapzucht) en concentratiestoornissen optreden. Raadpleeg de arts bij een infectie, omdat sommige anticonvulsiva het immuunsysteem kunnen dempen. Overleg ook met de arts wanneer u zwanger wilt worden, omdat anticonvulsiva schadelijk kunnen zijn voor de foetus. Anticonvulsiva kunnen de ‘pil’ minder betrouwbaar maken.

Pas op

  • I Wie anticonvulsiva gebruikt moet de arts waarschuwen bij enig teken van infectie, zoals een pijnlijke keel of koorts, bij huiduitslag, veel blauwe plekken of bloedingen.
  • Stop niet met het gebruik van een anticonvulsivum zonder overleg met de arts. Bij abrupt stoppen kunnen snel verergerende insulten ontstaan.
  • Anticonvulsiva kunnen schadelijk zijn voor het ongeboren kind. Overleg met de arts over anticonceptie.

Andere gerelateerde onderwerpen

U bevindt zich hier: