Beenmergpunctie en botboring (test)
Bij een beenmergpunctie wordt in het beenmerg geprik, meestal in het borstbeen (sternumpunctie). Met een dikke naald en een injectiespuit worden cellen opgezogen. Bij een botboring wordt met een nog grotere naald, meestal uit het bekken, een stukje been met merg erin weggenomen. De plaats waar het materiaal (monster) is genomen, kan enkele dagen beurs aanvoelen. Met beenmergonderzoek kunnen bloedziekten zoals leukemie en ernstige bloedarmoede worden vastgesteld. Het onderzoek kan bij verblijf in een ziekenhuis of poliklinisch worden gedaan.
- Botboring
- Onder plaatselijke verdoving wordt met een naald in de beenholte bij de bovenkant van het heupbeen (darmbeenkam) een monster genomen.

- Darmbeenkam
- Plaats van het monster
- Biopsienaald
- Beenmergpunctie
- Dit microscopische beeld van een botboring laat grote aantallen abnormale witte bloedlichaampjes zien. Chronische myeloïde leukemie is een mogelijk oorzaak.

- Beenmerg met abnormale cellen
- Beenmergruimte
- Been
Andere gerelateerde onderwerpen