Kunstmatige voortplantingstechnieken (behandeling)

Medische encyclopedie

Behandelingen van verminderde vruchtbaarheid waarbij men eicellen en zaadjes buiten het lichaam bij elkaar brengt, zijn: in-vitrofertilisatie (IVF), en intracytoplasmatische sperma-injectie (ICSI). Ze worden bij zeer ernstige overdraagbare genetische afwijkingen ook toegepast om het embryo voor het inbrengen in de baarmoeder te onderzoeken (pre-implantatiediagnostiek).

In-vitrofertilisatie

Tot IVF kan men overgaan als de oorzaak van de onvruchtbaarheid niet bepaald of behandeld kan worden of als er problemen met de eileiders zijn. Ongeveer 15 procent van de IVF-pogingen heeft succes.

1

De vrouw krijgt medicijnen zodat diverse eicellen tegelijk tot rijping komen. Onder echoscopische begeleiding worden de eicellen opgepakt met een naald die door de vaginawand de eierstok aanprikt.

1
  1. Eileider
  2. locatie
  3. FOLLIKELS: Hierin zitten de eicellen die klaar liggen voor de eisprong
  4. Holle naald
  5. Vagina
  6. ECHOSONDE: Deze begeleidt de holle naald naar de eicellen
  7. Baarmoeder
  8. Eierstok

2

Er wordt wat sperma van de partner bij de eicellen gedaan en men laat ze samen 48 uur op normale lichaamstemperatuur (37 °C) rusten, zodat er een bevruchting kan plaatsvinden.

2
  1. Kern
  2. Eicel
  3. Zaadcel dringt eicel binnen
  4. Zaadcel

3

De bevruchte eicellen worden in de baarmoeder gebracht. Maximaal drie eicellen worden door een dun slangetje dat aan een injectiespuit vastzit, door de baarmoederhals ingebracht en geïnjecteerd. Deze ingreep duurt ongeveer 20 minuten.

3
  1. Eileider
  2. VOCHT: met daarin de bevruchte eicellen
  3. Eierstok
  4. HOLLE SLANG: Bevruchte eicellen worden met behulp van een slangetje in de baarmoeder ingebracht
  5. Baarmoederhals
  6. Vagina

Andere methoden

De technieken GIFT en ZIFT kunnen worden gebruikt als de eileiders normaal functioneren. Eicellen en bewerkt zaad worden verkregen zoals bij IVF, maar worden teruggebracht in de eileiders. De kans op zwangerschap is 25 tot 30 procent.

Bij GIFT
Bij GIFT (gamete intrafallopian transfer) worden eicellen en zaadcellen via de vagina in de eileider ingespoten. Bij ZIFT (zygote intrafallopian transfer) wordt een bevruchte eicel in de eileider teruggeplaatst. Deze methoden worden weinig meer toegepast.
Bij GIFT
  1. VOCHT IN DE EILEIDER: Vocht met daarin bevruchte eicellen of sperma en eicellen wordt in de eileider ingebracht
  2. Baarmoeder
  3. Eierstok
  4. Holle slang

Andere gerelateerde onderwerpen

U bevindt zich hier:

U gebruikt een verouderde webbrowser, wij raden u aan over te schakelen naar een van onderstaande moderne internetbrowsers.