Bloeding uit de vagina op ongeacht welk tijdstip tijdens de zwangerschap
Krijgt u tijdens de zwangerschap een bloeding, aarzel dan niet de verloskundige of arts te raadplegen. Bedenk dat bloedverlies in het begin van de zwangerschap nogal eens zonder duidelijke oorzaak voorkomt, en dat dit zeker niet altijd op een miskraam duidt. Bij ernstig bloedverlies, zeker aan het einde van de zwangerschap, spreekt het vanzelf dat zo spoedig mogelijk onderzoek gewenst is.
Er zijn verschillende redenen voor vaginaal bloedverlies tijdens de zwangerschap. Ze zijn afhankelijk van het stadium van de zwangerschap. Sommige aandoeningen, die ook buiten de zwangerschap voorkomen, kunnen ook tijdens de zwangerschap bloedverlies veroorzaken, zoals een poliep van de baarmoedermond, een chlamydia-infectie of een gemakkelijk bloedende erosie van de baarmoedermond (Erosie van de baarmoedermond).
Een bloeding in het begin betekent in ongeveer de helft van de situaties een miskraam. Deze kan gepaard gaan met kramp en menstruatieachtige pijn. Een lichte tot hevige bloeding met ernstige pijn in week 6 tot 7 kan het gevolg zijn van een buitenbaarmoederlijke zwangerschap. Licht, pijnloos bloedverlies houdt soms wel een maand of vier aan, zonder dat er een duidelijke oorzaak voor is.
Na week 16 kan de bloeding duiden op een extreme vroeggeboorte (partus immaturus), met als oorzaak bijvoorbeeld een zwakke baarmoederhals (zie Baarmoederhalsinsufficiëntie). Behalve bloedverlies kunnen dan ook baarmoedercontracties voorkomen, die de vrouw voelt als harde buiken of menstruatieachtig gevoel.
Na week 26 zijn er meer oorzaken voor bloedverlies mogelijk, waaronder ernstige aandoeningen als voorliggende placenta (zie Placenta praevia), loslating van de placenta (zie Solutio placentae) en dreigende vroeggeboorte (partus praematurus). Gelukkig blijkt er meestal geen ernstige oorzaak voor het bloedverlies te zijn bij onderzoek.
De gynaecoloog zal de oorzaak van het bloedverlies willen onderzoeken. Veelal vindt een uitwendig onderzoek plaats, evenals een echoscopie en, afhankelijk van de zwangerschapsduur een CTG (registratie van de hartslag van de baby, -registratie (test)). Inwendig onderzoek wordt meestal pas gedaan als een voorliggende placenta is uitgesloten.
De behandeling hangt af van de oorzaak, de ernst van het bloedverlies en het stadium van de zwangerschap. Bij bloedverlies in het begin van de zwangerschap kan met de echo worden gekeken of de zwangerschap intact is en zich in de baarmoeder bevindt. Bedrust heeft geen zin om een miskraam te voorkomen. Is er sprake van een miskraam (onder), dan is soms een curettage nodig. Wordt de bloeding veroorzaakt door een buitenbaarmoederlijke zwangerschap, dan is ook vaak een operatie noodzakelijk.
- Leeftijd
- Geen factoren van betekenis
- Geen factoren van betekenis
- Erfelijkheid
- Geen factoren van betekenis
- Leefwijze
- Geen factoren van betekenis