Als een baby jonger dan een jaar er levenloos uitziet en er geen hartslag te voelen is, heeft hij cardiopulmonale reanimatie nodig (CPR) om ervoor te zorgen dat zuurstofrijk bloed van het hart naar de organen gaat. CPR bestaat uit het afwisselend toedienen van borstcompressies en mond-op-mondbeademing. Om de baby niet te beschadigen worden de borstcompressies enkel met twee vingers gegeven en met weinig druk. Ook het geven van de ademteugen moet niet te hard gebeuren.
Leg een hand op het hoofdje en zet twee vingers op de onderste helft van het borstbeen, op een afstand van twee vingers onder de tepels. Geef in 3 seconden 5 korte compressies die de borstkas 1 tot 2,5cm indrukken.

- Twee vingers op het borstbeen
Omsluit de mond en neus met uw mond en geef 1 ademteug. Controleer of de baby ademhaalt. Herhaal borstcompressies en ademteugen gedurende 1 minuut. Bel een ambulance. Stop met de CPR als het kind zelfstandig gaat ademhalen en hartslag krijgt, maar blijf beide regelmatig controleren.

- Omsluit de mond en neus met uw mond