Doorligwonden

Medische encyclopedie

Zweren op plaatsen waar druk op de huid wordt uitgeoefend, vaak bij bedlegerige mensen

Als iemand verlamd is of zich slecht kan bewegen, drukt het lichaamsgewicht voortdurend op een beperkt deel van de huid. Deze druk kan de normale doorbloeding belemmeren. Als de druk lang aanhoudt, kunnen gevoelige rode plekken, blaren en wonden ontstaan. Dit zijn doorligwonden of decubitus.

Het komt vooral voor bij oudere mensen die weinig of geen beweging krijgen, Bijvoorbeeld iemand die in bed moet liggen (door ziekte, een operatie of een ongeval) en zelf niet goed kan verliggen (door pijn, zwakte, verlamming of coma), of iemand die de hele dag in een (rol)stoel zit en niet goed kan verzitten. Schuiven of onderuitzakken van het lichaam maakt de huid extra kwetsbaar. Bij decubitus op de stuit kan incontinentie voor urine het probleem verergeren, doordat de huid van de billen vochtig blijft. Andere risicoplekken zijn de heupen, de hielen en de enkels.

Symptomen

Doorligwonden komen vooral voor op de heupen, de onderkant van de rug, de billen, de hielen en de enkels. De symptomen treden in fasen op:

  • De aangetaste huid wordt rood en gevoelig, de roodheid is niet wegdrukbaar.
  • De pijnlijke delen worden paarsrood.
  • De huid gaat stuk en er ontstaat een doorligwond.

Als het niet behandeld wordt, worden de wonden groter en dieper en kunnen ze geïnfecteerd raken. Ernstige doorligwonden kunnen de spieren, de pezen en zelfs de botten onder de beschadigde huid aantasten.

Diagnose

De diagnose decubitus wordt gesteld aan de hand van een lichamelijk onderzoek. Er zijn geen verdere onderzoeken noodzakelijk. Bij patiënten die een verhoogd risico lopen op decubitus wordt de huid (bij voorkeur) elke dag onderzocht op aanwezigheid van decubitus. Hierdoor kan de diagnose in een vroeg stadium worden gesteld.

Behandeling

Decubitus kan het best worden voorkomen door schuiven en langdurige druk op één plaats zo veel mogelijk te vermijden door een goede lig- of zithouding en door regelmatig van ligging of zit te veranderen. Hangen in een stoel moet worden voorkomen omdat het bloedvaten als het ware afknikt. Ook als eenmaal decubitus is ontstaan, blijven deze maatregelen het belangrijkst.

Wat kunt u zelf doen?

Bedlegerige mensen en mensen met beperkte mobiliteit moeten hun huid regelmatig laten controleren op roodheid en gevoeligheid, bijvoorbeeld bij het aan- en uitkleden. Let op gevoelige lichtrode plekjes, waarvan de roodheid niet verdwijnt als u erop drukt. Vraag uw partner of verzorger de plekken te controleren die u niet goed kunt zien (billen, stuit, hielen, schouderbladen). Als u zit, moet u ten minste eens per twee uur het zitvlak liften of indien mogelijk gaan staan of verzitten. Bij liggen moet ten minste eens per vier uur een andere houding worden aangenomen (wisselligging) om de druk te verplaatsen. Het is belangrijk dat u op een goede ondergrond ligt/zit, een ondergrond die lokaal geen extra druk geeft. Vermijd bijvoorbeeld plooien in het beddengoed. Het is belangrijk de huid schoon, droog en soepel te houden.

Goede wondverzorging en controle zijn noodzakelijk. Meestal is lokale verzorging van de wond voldoende, maar een enkele keer kan bij een infectie antibiotica nodig zijn. Meestal genezen de wonden door behandeling, maar diepe wonden kunnen maanden blijven bestaan. Als een groot oppervlak is aangetast, kan plastische chirurgie de genezing bespoedigen. Verondersteld wordt dat een gezonde voeding bijdraagt aan het voorkomen en genezen van decubitus.

Risicofactoren

Leeftijd
Vooral ouderen
Leefwijze
Mensen die verlamd of bedlegerig zijn, lopen meer risico
Geslacht
Geen factoren van betekenis
Erfelijkheid
Geen factoren van betekenis

Andere gerelateerde onderwerpen

U bevindt zich hier:

U gebruikt een verouderde webbrowser, wij raden u aan over te schakelen naar een van onderstaande moderne internetbrowsers.