U gebruikt een verouderde webbrowser, wij raden u aan over te schakelen naar een van onderstaande moderne internetbrowsers.

Doodgeboorte

Medische encyclopedie

Bevallen van een kind dat na week 16 van de zwangerschap tijdens de zwangerschap of de bevalling is overleden

Het is zeer verdrietig wanneer de foetus in de baarmoeder of tijdens de bevalling sterft. De ouders kunnen naast hun overweldigende verdriet verwarrende gevoelens van woede, shock, schuldgevoel en tekortschieten ervaren. De afgelopen vijftig jaar is het aantal doodgeboren baby’s in de ontwikkelde landen drastisch afgenomen. Toch sterft nog één op de honderd foetussen tijdens de zwangerschap of rond de bevalling.

De oorzaken

Vaak is de precieze oorzaak van het overlijden van de foetus niet bekend. Soms speelt een verminderde zuurstoftoevoer ten gevolge van een probleem met de navelstreng of placenta een rol. De navelstreng kan bijvoorbeeld in een knoop raken, of de placenta kan losraken van de baarmoederwand voordat de baby geboren is (zie Placentaloslating). Bij een ernstig hoge bloeddruk of slecht ingestelde diabetes mellitus neemt de kans op een doodgeboorte toe door het niet optimaal functioneren van de placenta. Doodgeboorte kan optreden als de foetus een ernstige erfelijke of aangeboren afwijking heeft, maar ook een bevalling vóór de levensvatbare periode is een belangrijke oorzaak voor sterfte rond de bevalling. Bepaalde infectieziekten die van de moeder op de foetus worden overgedragen, zoals listeriosis, zijn soms verantwoordelijk voor sterfte van de foetus in de baarmoeder. Soms kan er helemaal geen oorzaak voor het overlijden worden gevonden.

Wat kunt u zelf doen?

Een teken dat kan wijzen op mogelijke sterfte van de foetus in de baarmoeder, is geen leven voelen. Merkt u dat de bewegingen minder worden of stoppen, aarzel dan niet uw verloskundige of arts te bellen. Deze zal naar het hartje van het kind luisteren en, afhankelijk van de zwangerschapsduur, een registratie van de harttonen (CTG) laten maken om na te gaan hoe het kind het in de baarmoeder maakt. Mocht het CTG duiden op een slechte conditie van het kind, dan bepaalt de gynaecoloog aan de hand van de zwangerschapsduur en bijkomende factoren het verdere beleid. Soms blijkt inderdaad dat de baby in de baarmoeder is overleden. Onderzoek naar de reden van de vruchtdood bestaat meestal uit bloedonderzoek, soms uit onderzoek naar infecties, uit onderzoek van de placenta en, als u daar toestemming voor geeft, uit obductie (lijkschouwing) om te zien of er aanwijzingen zijn voor aangeboren afwijkingen.

Voor de emotionele verwerking is het verstandig uitgebreid en op uw eigen wijze afscheid van het kind te nemen. Dit betekent onder andere het kind een naam geven, het vasthouden en er foto’s van maken. Hoewel ouders vaak huiverig zijn hun doodgeboren kind te zien en vast te houden, leert de ervaring dat de ouders dit achteraf niet hadden willen missen. Afhankelijk van de zwangerschapsduur, kan hier ook een begrafenis of crematie bijhoren – een afscheidsceremonie kan zeer troostrijk zijn.

Eenmaal weer thuis wordt u vaak nog sterker geconfronteerd met het gebeurde: de kinderkamer die misschien al klaar was, reacties van buitenstaanders, en ook nog de lichamelijke nasleep van de melkproductie die op gang komt. Meestal zijn eenvoudige maatregelen (strakke beha, weinig drinken) voldoende. Eventueel kan de arts ook medicijnen voorschrijven om de melkproductie te remmen.

Ongeveer zes weken na de bevalling hebt u een nagesprek bij de arts. Resultaten van de onderzoeken en de eventueel verrichte obductie (lijkschouwing) worden dan met u besproken. De arts zal proberen een uitspraak te doen over de doodsoorzaak, maar niet altijd wordt deze duidelijk. Ook kan het beleid bij een eventuele volgende zwangerschap ter sprake komen. Voor dit voor u belangrijke gesprek, kan het verstandig zijn van tevoren uw vragen op te schrijven.

De prognose

Na een doodgeboorte hebt u misschien heel sterk het gevoel dat u zo snel mogelijk weer zwanger wilt worden. Hoewel hier medisch gezien meestal niets op tegen is, kan het verstandig zijn hier nog even mee te wachten tot u emotioneel enigszins bent hersteld. Bijna altijd krijgt u bij een volgende zwangerschap een medische indicatie voor specialistische begeleiding van zwangerschap en baring.

Risicofactoren

Leeftijd
More common over age 35
Risicofactoren afhankelijk van de oorzaak
Leefwijze
Risicofactoren afhankelijk van de oorzaak
Erfelijkheid
Risicofactoren afhankelijk van de oorzaak

Andere gerelateerde onderwerpen

U bevindt zich hier: