Zo werken SSRI’s (geneesmiddelwerking)

Medische encyclopedie

SSRI’s worden vaak ingezet bij een depressie. Sommige zenuwcellen in de hersenen scheiden serotonine uit en nemen het ook weer op. SSRI’s verminderen die heropname.

Vóór inname
Zenuwsignalen stimuleren het vrijkomen van serotonine uit de zenuwuiteinden van hersencellen. Die serotonine stimuleert andere hersencellen. Vervolgens vindt heropname plaats in dezelfde zenuwuiteinden.
Vóór inname
  1. Heropname van serotonine
  2. Hersencel
  3. STIMULATIE: Serotonine stimuleert hersencellen
  4. SEROTONINE KOMT VRIJ: Zenuwsignalen stimuleren het vrijkomen van serotonine
  5. Plaats voor heropname
  6. Zenuwsignaal
  7. Zenuwuiteinde
Na inname
Het geneesmiddel verlaagt de heropname van serotonine in de zenuwuiteinden, door de plaatsen voor de heropname te blokkeren.
Na inname
  1. Zenuwuiteinde
  2. Geneesmiddel
  3. HOGERE CONCENTRATIE SEROTONINE: De serotonine die niet opnieuw wordt opgenomen, verhoogt de stimulatie van de hersencellen
  4. Hersencel
  5. ANTIPSYCHOTICA GENEESMIDDELEN TER BEHANDELING VAN: schizofrenie en andere ernstige psychotische stoornissen
  6. Plaats voor heropname geblokkeerd

Andere gerelateerde onderwerpen

U bevindt zich hier:

U gebruikt een verouderde webbrowser, wij raden u aan over te schakelen naar een van onderstaande moderne internetbrowsers.