Pertussis: een bacteriële infectie die hoestaanvallen veroorzaakt
Kinkhoest is een nare en zeer besmettelijke ziekte die wordt veroorzaakt door de bacterie Bordetella pertussis en waarbij de luchtpijp en de bronchiën ontstoken zijn. De bacteriën zitten in druppeltjes die in de lucht zweven en die worden gevormd als een geïnfecteerd iemand hoest en niest. Bij kinkhoest ontstaan hevige hoestbuien die eindigen in een kenmerkend hoog blafje als de patiënt weer inademt.
Kinkhoest is het ernstigst bij kinderen onder de twaalf maanden en kan levensbedreigend zijn bij nog niet gevaccineerde baby’s. Voordat er een vaccin was, was kinkhoest verantwoordelijk voor veel sterfte onder kinderen. Door vaccinatie tegen de ziekte (DKTP) komt kinkhoest nauwelijks meer voor, maar doordat de effectiviteit van vaccinatie met de jaren langzaam afneemt, ziet men toch regelmatig epidemietjes van een wat milder verlopende kinkhoest.
De eerste symptomen verschijnen meestal twee tot drie weken na infectie. Deze klachten zijn licht, lijken op die van verkoudheid en bestaan uit een droge hoest, een loopneus en niezen. In deze eerste fase, die ongeveer zeven tot veertien dagen duurt, is de ziekte zeer besmettelijk. Na deze periode worden de symptomen ernstiger en omvatten:
- hoestbuien gevolgd door heftig inademen, wat het kenmerkende geluid geeft;
- het hoesten is ’s nachts vaak erger; lvorming van veel slijm bij het hoesten;
- overgeven als gevolg van het hoesten.
Door het vele hoesten kunnen haarvaten knappen, wat resulteert in rood worden rond het gezicht, de ogen en de haargrens. Ook kunnen neusbloedingen optreden als gevolg van het knappen van bloedvaatjes in de neus.
Tot de complicaties behoren longontsteking en bronchiëctasieën, waarbij de luchtwegen abnormaal verwijd zijn. Baby’s kunnen na een hoestbui stoppen met ademen, wat toevallen en hersenbeschadiging kan veroorzaken.
De arts kan bij een kind de diagnose waarschijnlijk al stellen aan de hand van het kenmerkende hoesten. Bij volwassenen zijn de symptomen niet zo duidelijk. Er zal een neus- of keeluitstrijkje worden gemaakt om op kinkhoestbacteriën te controleren. Ook kan bloed worden onderzocht, maar de uitslagen hiervan zijn meestal pas bekend als de patiënt niet meer besmettelijk is voor zijn omgeving.
Er wordt behandeld met antibiotica. Deze werken alleen als ze vroeg worden toegediend. In latere stadia zijn ze echter nog nuttig om te voorkomen dat anderen worden besmet. Ernstig zieke kinderen moeten naar het ziekenhuis en kunnen daar zuurstof toegediend krijgen, evenals intraveneus vocht met antibiotica. Ook degenen die in contact met de zieke zijn geweest, kunnen antibiotica krijgen om verdere besmetting te voorkomen.
Kinkhoest gaat meestal binnen vier tot tien weken over, maar er kan nog maanden tot zelfs jaren daarna een droog hoestje blijven bestaan.
Het kinkhoestvaccin is onderdeel van het DKTP-vaccin (Vaccins en immunoglobulinen) dat alle kinderen dienen te krijgen. Inenting met DKTP-vaccin gaat in een zeer klein aantal gevallen gepaard met complicaties. Kinkhoest zelf houdt een veel groter risico in dan de vaccinatie. Uw kind moet het volledige inentingsprogramma afmaken.
- Leeftijd
- Komt op iedere leeftijd voor, maar vooral onder de 5 jaar
- Geen factoren van betekenis
- Geen factoren van betekenis
- Geslacht
- Geen factoren van betekenis
- Erfelijkheid
- Geen factoren van betekenis
- Leefwijze
- Geen factoren van betekenis