Behandeling met geneesmiddelen

Medische encyclopedie

Geneesmiddelen zijn stoffen met een genezend, vertragend of preventief effect op ziekte, of met een verlichtend effect op symptomen. Zij worden ook toegepast bij de diagnose van bepaalde aandoeningen. In de afgelopen vijftig jaar is het aantal beschikbare geneesmiddelen enorm toegenomen.

De moderne farmacotherapie (behandeling met geneesmiddelen) begon met de ontdekking van een manier om de actieve bestanddelen uit planten te isoleren en na te maken met synthetische middelen. Dankzij de nieuwe technologie en het groeiende inzicht in het functioneren van zieke en gezonde lichamen, zijn er middelen ontwikkeld die specifiek op bepaalde lichaamsprocessen ingrijpen.

Voordat een nieuw geneesmiddel wordt toegelaten, doorloopt het een uitgebreid onderzoek. Daarbij wordt de werking van het middel bij mensen vergeleken met de werking van een standaardbehandeling en/of een placebo (een niet-actief middel dat er hetzelfde uitziet en smaakt als het onderzochte middel).

Toelating van geneesmiddelen op de markt is in Europees verband geregeld met een vergunningenstelsel. De registratie van geneesmiddelen in Nederland is geregeld in de Wet op de Geneesmiddelenvoorziening. De geneesmiddelen worden beoordeeld door het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen of door de Europese Commissie op advies van het Committee for Proprietary Medicinal Products (de Europese registratie). Een nieuw geneesmiddel wordt alleen geregistreerd als het bewezen veilig is en werkzaam. Alleen geregistreerde middelen mogen worden voorgeschreven en verkocht. Een registratie kan altijd weer door de autoriteiten worden ingetrokken, bijvoorbeeld als blijkt dat het middel onacceptabele bijwerkingen heeft.

Bacteriedodend
geneesmiddel Staphylococcus aureus
Bacteriedodend

Werking van geneesmiddelen

Een geneesmiddel kan op vele manieren werkzaam zijn. Sommige middelen werken door het doden of tegenhouden van verspreiding van infectieuze organismen, zoals bacteriën, schimmels en virussen. Deze noemt men antibacteriële, antimycotische of antivirale middelen. Andere middelen doden cellen die zich in een stadium van deling (en dus vermeerdering) bevinden of voorkomen dat zij zich kunnen delen. Deze cytostatica worden vooral toegepast bij de behandeling van kanker.

Sommige geneesmiddelen vullen een tekort aan of een totaal gebrek aan bepaalde natuurlijke stoffen in het lichaam, zoals hormonen en vitaminen. Weer een andere groep geneesmiddelen verandert iets aan de werkzaamheid van bepaalde lichaamseigen stoffen. Dat doen ze ofwel door de werking van de bedoelde stoffen na te doen zodat het gewenste effect toeneemt, ofwel door die werking juist te blokkeren zodat het effect afneemt (zie Middelen die aangrijpen op receptoren. Zo danken de bekende bètablokkers, die de hartfrequentie verlagen, hun werking aan het feit dat ze het effect van hartslagversnellende stoffen blokkeren.

Geneesmiddelen kunnen ook aangrijpen op een deel van het zenuwstelsel waar een bepaald proces wordt gereguleerd. Een aantal antibraakmiddelen grijpt bijvoorbeeld aan op het braakcentrum in de hersenen.

Andere gerelateerde onderwerpen

U bevindt zich hier:

U gebruikt een verouderde webbrowser, wij raden u aan over te schakelen naar een van onderstaande moderne internetbrowsers.