Niet-ulcereuze of functionele dyspepsie

Medische encyclopedie

Pijn of naar gevoel in bovenbuik, waarvoor via endoscopie of ander afbeeldend onderzoek geen oorzaak kan worden gevonden

De term dyspepsie wordt gebruikt voor aanhoudende of telkens terugkerende indigestie zonder aanwijsbare oorzaak of afwijking in het spijsverteringskanaal. Het komt vaker voor bij volwassen mannen en kan verergeren door stress, overgewicht, roken en slechte eetgewoonten.

De klachten zijn: pijn in de bovenbuik, vaak erger wordend door eten, en misselijkheid, vooral ’s morgens. Men heeft er vaak maandenlang enkele keren per week last van. Raadpleeg uw huisarts als u deze klachten hebt, want de oorzaak kan ernstig zijn, bijvoorbeeld een maagzweer (Ulcus pepticum (peptische zweer)).

De behandeling

Meestal wordt een proefbehandeling met zuurremmers ingezet. Als de klachten daardoor verdwijnen, is er een onschuldige oorzaak. Uw huisarts kan een test doen om oorzaken uit te sluiten. Een bloedonderzoek kan aangeven of het maagslijmvlies is aangetast door de bacterie H. pylori (zie Helicobacter pylori-infectie). Ook kunnen met endoscopie van het eerste deel van het spijsverteringskanaal of röntgencontrastfoto’s afwijkingen in het spijsverteringskanaal worden opgespoord. Over de beste wijze van onderzoek verschillen de meningen. Als geen andere oorzaak wordt gevonden, luidt de diagnose functionele dyspepsie.

U kunt zelf maatregelen nemen om de frequentie of ernst van de symptomen te verminderen. Als het probleem blijft bestaan, kan uw huisarts u een middel voorschrijven dat maagzuur neutraliseert of de productie ervan afremt (zie Antacida, en Middelen tegen een Geneesmiddelen tegen een maagzweer). Ook kunt u een medicijn krijgen waardoor de maag efficiënter wordt geleegd, zoals metoclopramide of domperidon.

Risicofactoren

Leeftijd
Komt meer voor bij volwassenen
Stress, overgewicht, roken en bepaalde eetgewoonten zijn risicofactoren
Geen factor van betekenis
Geslacht
Komt meer voor bij mannen
Leefwijze
Stress, overgewicht, roken en bepaalde eetgewoonten zijn risicofactoren
Erfelijkheid
Geen factor van betekenis

U bevindt zich hier: