U gebruikt een verouderde webbrowser, wij raden u aan over te schakelen naar een van onderstaande moderne internetbrowsers.

Postpartumdepressie

Medische encyclopedie

Soms ook postnatale depressie (PND) genoemd; depressieve gevoelens of psychische stoornissen in de eerste paar weken of maanden na de bevalling

Het komt voor dat een jonge moeder zich de eerste paar dagen of weken na de bevalling af en toe somber of ongelukkig voelt, en dat het minste of geringste aanleiding is om in huilen uit te barsten.

Een (nieuw) kind zorgt voor ingrijpende en emotionele veranderingen. Deze lichte stemmingswisseling wordt ook wel de babyblues genoemd, en acht van de tien vrouwen hebben er na de bevalling last van. Klassiek is de ‘huildag’ op de derde dag na de bevalling.

Een wisseling tussen blije en sombere gevoelens komt ook later na de bevalling veel voor, een wisseling tussen blijdschap met de baby en een ‘is dit nou alles?’-gevoel. Schuldgevoel over de negatieve gevoelens kan dan soms de overhand nemen. Dit alles wordt nog eens versterkt door de vermoeidheid door het gebrek aan slaap die de zorg voor een jonge baby met zich meebrengt. Ook de relatie met de partner, die een nieuw evenwicht moet vinden, kan aan spanningen onderhevig zijn. Dat kan soms de voorbode zijn van een postpartumdepressie, waarbij sombere gevoelens het geluk overheersen en vrouwen soms zelfs de neiging krijgen hun kind wat aan te doen. Spelen dergelijke gevoelens bij u, aarzel dan niet hierover met de huisarts te spreken, ook al schaamt u zich er misschien over. Vaak biedt een aantal gesprekken met een hulpverlener, eventueel aangevuld met extra ondersteuning thuis en zo nodig medicijnen, voldoende mogelijkheden om de depressie te overwinnen. Voor veel vrouwen is het plezierig hun gevoelens te kunnen delen met anderen die soortgelijke emoties hebben meegemaakt.

Ongeveer één op de duizend vrouwen krijgt te maken met een ernstige psychische aandoening, een postnatale psychose. Er zijn dan onder meer waandenkbeelden, en veelal is opname noodzakelijk.

De oorzaken

De stemmingswisselingen na een bevalling worden toegeschreven aan hormoonwisselingen. Deze verklaring ligt voor de hand, maar eveneens ligt voor de hand dat de ingrijpende verandering in het leven van de moeder een grote rol speelt.

Sommige vrouwen met een postpartumdepressie hebben al eerder een depressie gehad, of een postpartumdepressie komt in de familie voor. Vrouwen met een incestvoorgeschiedenis hebben mogelijk ook wat meer kans op postpartumdepressieve klachten.

Ook andere factoren, zoals gevoel van isolement en tekortschieten, en zorgen over de nieuwe verantwoordelijkheden van het moederschap, tezamen met het gevoel weinig steun te krijgen van de partner, kunnen stress veroorzaken en aan een depressie bijdragen. Slaaptekort, vermoeidheid door een lange bevalling of een in emotioneel opzicht tegengevallen bevalling kunnen bijkomende factoren zijn.

Sommige vrouwen zijn angstig na de bevalling en kunnen paniekaanvallen krijgen, in combinatie met hartkloppingen en kortademigheid (Angststoornissen). Hoewel de precieze oorzaak van een postpartumdepressie niet bekend is, wordt het risico ervan aanzienlijk groter als men in het verleden afwisselend perioden van depressieve en manische gevoelens (zie Manisch depressieve stoornis (MD)) heeft gehad. Sommige vrouwen met een postpartumpsychose hebben naaste familieleden die een bipolaire affectiestoornis of een depressie hebben gehad.

De symptomen

De symptomen bij de babyblues beginnen drie tot tien dagen na de bevalling. Rond de vijfde dag zijn ze meestal het ergste. Het zijn onder andere:

  • stemmingswisselingen;
  • huilen;
  • vermoeidheid en prikkelbaarheid;
  • concentratieverlies.

De postpartumdepressie kan op ieder tijdstip in het eerste halfjaar na de bevalling beginnen. De aandoening lijkt op de babyblues, maar is veel ernstiger; in tegenstelling tot de babyblues is het mogelijk dat de moeder hierdoor niet meer in staat is haar dagelijkse bezigheden te doen. De symptomen zijn:

  • voortdurend doodmoe zijn;
  • weinig of geen interesse voor de baby;
  • gevoel van anticlimax.
  • het gevoel tekort te schieten en overweldigd te zijn door nieuwe verantwoordelijkheden;
  • slecht slapen;
  • verminderde eetlust;
  • schuldgevoelens.

De symptomen van een postnatale psychose treden meestal twee à drie weken na de bevalling op. Deze zijn onder andere:

  • slapeloosheid en overdreven activiteit;
  • extreme stemmingswisselingen;
  • ten onrechte denken dat mensen u niet mogen en u achtervolgen;
  • hallucinaties;
  • verwarring.

Bij een echte postnatale psychose bestaat er een reëel gevaar voor zelfmoord en/of levensgevaar voor de baby.

Wat kunt u zelf doen?

Probeer na de bevalling zoveel mogelijk steun te organiseren, zowel van uw partner als van vrienden en familie. Zorg ervoor dat u pas alleen bent als u het fijn vindt voor uw kind te zorgen en probeer zo veel mogelijk te rusten. Misschien vindt u het prettig naar een plaatselijke zelfhulpgroep of naar een jongemoedergroep te gaan. Misschien is nog wel het belangrijkste dat u zich realiseert dat negatieve gevoelens erbij horen.

Babyblues-gevoelens hoeven niet te worden behandeld; de ervaring leert dat ze met emotionele steun na verloop van tijd vanzelf weer overgaan. Als u een ernstige depressie krijgt en u uw dagelijkse bezigheden niet kunt doen en dus niet voor uw baby kunt zorgen, aarzel dan niet uw huisarts te raadplegen.

De behandeling

Als u een postpartumdepressie hebt en geruststelling en steun niet helpen, kan uw arts u antidepressiva voorschrijven en u aanraden in gesprekstherapie te gaan of anderszins psychologische hulp te verkrijgen.

Bij een postpartumpsychose is opname bijna altijd noodzakelijk. Vaak, niet altijd, is het mogelijk naar een afdeling te gaan waar uw kind ook kan verblijven. De arts zal u waarschijnlijk antipsychotica voorschrijven.

De prognose

Een postpartumdepressie zal binnen twee tot vier weken op de antidepressiva reageren, maar volledig herstel duurt meestal wel een jaar.

Risicofactoren

Erfelijkheid
Komt in sommige families vaker voor
Geen factor van betekenis
Leefwijze
Gebrek aan emotionele steun en bijkomende stressvolle gebeurtenissen zijn risicofactoren
Leeftijd
Geen factor van betekenis

Andere gerelateerde onderwerpen

U bevindt zich hier: