Versmalling van de uitgang van de maag bij baby’s, met hevig braken tot gevolg
Bij pylorushypertrofie wordt de kringspier die de uitgang van de maag naar de twaalfvingerige darm vormt (het eerste deel van de dunne darm) dikker en smaller ten gevolge van overtollig spierweefsel. Hierdoor kan er maar een klein beetje melk de twaalfvingerige darm in, en de rest verzamelt zich in de maag tot de baby gaat braken. Deze aandoening komt vijf keer vaker voor bij jongetjes. De oorzaak is onbekend, maar het zit soms in de familie.
De symptomen ontwikkelen zich geleidelijk, meestal tussen drie en acht weken na de geboorte:
- aanhoudend braken, soms projectielbraken (met kracht uitgestoten);
- na het braken onmiddellijk weer honger hebben;
- onregelmatige ontlasting;
- sterke vermagering en uitdroging.
Als het braken aanhoudt en bij projectielbraken gaat u direct naar uw huisarts.
De arts zal de buik van uw baby onderzoeken, meestal tijdens een voeding, om te kijken of er peristaltiekgolven zichtbaar zijn. Er wordt een echo van de maag gemaakt.
Als men aan pylorushypertrofie denkt, zal uw kind waarschijnlijk worden opgenomen, omdat deze baby’s vaak uitdrogen en dan per infuus moeten worden gevoed. De behandeling voor pylorushypertrofie bestaat uit een kleine operatie, waarbij de maaguitgang wijder wordt gemaakt. De voedingen kunnen geleidelijk worden opgevoerd tot normaal niveau. Na de operatie herstelt de baby meestal volledig; de aandoening komt niet terug.
- Leeftijd
- De symptomen treden meestal 3-8 weken na de geboorte op
- Zit dikwijls in de familie
- Geen factor van betekenis
- Geslacht
- Komt vijf keer vaker voor bij jongetjes
- Erfelijkheid
- Zit dikwijls in de familie
- Leefwijze
- Geen factor van betekenis