Een erfelijke, progressieve degeneratie in het netvlies, het lichtgevoelige vlies achter in het oog
Retinitis pigmentosa is een zeldzame aandoening, waardoor steeds meer cellen in het lichtgevoelige netvlies verloren gaan. Het gaat met name om de staafjes (zie Boulimie) die verantwoordelijk zijn voor het zien van contrasten. Er vormen zich donkere pigmentvlekken in het netvlies en het gezichtsvermogen neemt af. De aandoening komt meer voor bij mannen en is erfelijk, meestal op autosomale recessieve wijze (zie Erfelijke aandoeningen). De symptomen treden vaak pas later in het leven op. Beide ogen worden gelijkelijk getroffen.
Als u retinitis pigmentosa hebt, is het eerste symptoom vaak slecht zien bij schemerlicht (nachtblindheid). Later gaan de randen van het blikveld, het zogenoemde perifere gezichtsveld, verloren en wordt het gezichtsvermogen geleidelijk slechter tot alleen nog maar het centrale gezichtsvermogen overblijft (‘tunnelvisie’). Tunnelvisie leidt zelden tot volledige blindheid. Retinitis pigmentosa wordt geconstateerd door het netvlies te onderzoeken met de oogspiegel (Oogspiegelen (test)), gezichtsveldonderzoek en elektroretinografie.
Hoewel de aandoening onbehandelbaar is, kan een optisch hulpmiddel helpen als de slechtziendheid ernstig wordt. De aandoening op verschillende manieren overerven.
- Retinitis pigmentosa
- In dit beeld van de oogachtergrond zijn op een deel van het netvlies pigmentatiegebieden zichtbaar als gevolg van retinitis pigmentosa. De aandoening leidt tot slechtziendheid.

- Normaal gebied van het netvlies
- Pigmentatie
- Leeftijd
- Begint meestal bij jongvolwassenen
- Veroorzaakt door een afwijkend gen van een of beide ouders
- Geen factor van betekenis
- Geslacht
- Komt meer voor bij mannen
- Erfelijkheid
- Veroorzaakt door een afwijkend gen van een of beide ouders
- Leefwijze
- Geen factor van betekenis