Schizofrenie

Medische encyclopedie

Een ernstige psychische aandoening waarbij verlies van realiteitszin optreedt en sociaal functioneren moeilijk wordt

Schizofrenie is een ernstige en ontwrichtende psychiatrische stoornis die ongeveer 1 procent van de wereldbevolking treft. Iemand met schizofrenie heeft geen gespleten persoonlijkheid. Toch is schizofrenie een ernstige stoornis van de realiteitszin die tot zeer irrationeel gedrag en verstoord gevoelscontact met de omgeving leidt. Schizofrenie bestaat uit terugkerende en soms chronische psychotische perioden: verwardheid met hallucinaties (stemmen horen) of wanen (irrationele denkbeelden). Bovendien zijn mensen met schizofrenie meestal niet in staat goed op hun werk te functioneren en relaties met anderen te onderhouden.

Zonder steun en behandeling kunnen mensen met schizofrenie zichzelf verwaarlozen en een gevaar voor zichzelf zijn. Ongeveer 10 procent van de patiënten pleegt zelfmoord (zie Zelfmoordpoging of zelfmoord).

De oorzaken

Er is geen afzonderlijke oorzaak van schizofrenie, maar erfelijke factoren lijken een aanzienlijke rol te spelen. Iemand die een naaste verwant met schizofrenie heeft, heeft een aanzienlijk verhoogde kans om de aandoening te krijgen.

Schizofrenie gaat gepaard met verstoorde hersenfuncties, waardoor het psychisch functioneren ernstig wordt belemmerd. Ook kunnen er afwijkingen van de hersenstructuur zijn, zoals vergrote ventrikels, die op verlies van hersenweefsel wijzen.

De symptomen

Schizofrenie ontwikkelt zich bij mannen in de tienerjaren of tussen de twintig en dertig, maar bij vrouwen vaak tien tot twintig jaar later. De aandoening begint meestal geleidelijk in enkele maanden of jaren met vermindering van energie en motivatie en toenemende teruggetrokkenheid. In andere gevallen verloopt de ziekte sneller en kan deze een reactie op stress lijken.

Sommige mensen met schizofrenie hebben perioden met de ziekte met daartussenin volledig herstel. In andere gevallen is de aandoening min of meer continu. Tot de symptomen behoren:

  • Stemmen horen;
  • Irrationele overtuigingen hebben, bijvoorbeeld dat gedachten en handelingen door machten van buitenaf worden bestuurd;
  • Grootheidswaanzin, waarbij iemand kan denken dat hij Napoleon is, of het idee dat triviale zaken een diepe betekenis hebben;
  • Verkeerde emoties, zoals lachen bij slecht nieuws;
  • Onsamenhangend spreken en van de hak op de tak springen;
  • Slecht concentratievermogen;
  • Langzaam bewegen en denken;
  • Opgewondenheid en rusteloosheid.

Iemand met schizofrenie kan depressief, sloom en teruggetrokken zijn en in zeldzame gevallen gewelddadig naar anderen toe worden. Vaak verwaarloost iemand met schizofrenie zich, zeker als de patiënt geen begeleiding krijgt.

Hersenactiviteit bij schizofrenie
Op deze PET-scans zijn, vergeleken met normale hersenen, grote gebieden met lage activiteit te zien in de hersenen van iemand met schizofrenie.
Hersenactiviteit bij schizofrenie
  1. Lage activiteit
  2. Hoge activiteit
  3. Lage activiteit
  4. Normale hersenen
  5. Hersenen bij schizofrenie

De diagnose?

Neem contact op met een arts als u vermoedt dat een vriend of familielid schizofreen is. De arts kijkt of er een breuk met de realiteit, een verstoord gevoelsleven en vreemde denkbeelden bestaan die maanden aanhouden, voor de diagnose schizofrenie kan worden gesteld. De arts zal aanvullend neuropsychologisch onderzoek en lichamelijk onderzoek laten uitvoeren.

De behandeling

Als schizofrenie wordt vermoed, wordt de patiënt geëvalueerd. Dat gebeurt al dan niet in een ziekenhuis. De patiënt krijgt waarschijnlijk antipsychotica voorgeschreven zodat hij meer controle over zijn gedachten krijgt. Voor de behandeling van de ernstigste symptomen zijn over het algemeen ongeveer drie tot zes weken nodig. Sommige medicijnen hebben lastige bijwerkingen, zoals beven of dik worden, maar de dosis kan zo nodig worden aangepast of er kan voor een ander middel worden gekozen.

Bij afname van de symptomen wordt de medicijnbehandeling met aangepaste doses voortgezet om terugkeer van de symptomen te voorkomen. Patiënten krijgen voorlichting omdat zij en hun familie moeten leren omgaan met de gevolgen van de ziekte.

Na de behandeling mogen mensen met schizofrenie meestal weer naar huis, maar het is van belang dat ze daar steun krijgen en in een rustige en veilige omgeving wonen. Soms is dit een beschermde woonvorm. Antipsychotische medicijnen moeten langdurig worden gebruikt, omdat het risico van een psychotische periode blijft bestaan. Tevens zullen ze onder controle van een arts blijven.

De patiënt en zijn gezinsleden kunnen gesprekstherapie krijgen. Blijf alert op tekenen die erop wijzen dat de symptomen terugkeren of dat de patiënt in apathie en zelfverwaarlozing verzinkt. Steun, aandacht en een rustige leefomgeving kunnen dat voorkomen.

De prognose

Meestal is schizofrenie een levenslange ziekte. Bij ongeveer 20 procent van de patiënten treedt de ziekte eenmalig op, waarna ze herstellen en weer een normaal leven leiden.

De meesten hebben echter een aantal episoden van ernstige symptomen, waarin opname noodzakelijk is, met tussenliggende herstelperioden. Medicijnen hebben de prognose verbeterd, evenals vroege behandeling meteen na het ontstaan van de eerste verschijnselen. De prognose is slechter voor mensen die op jonge leeftijd geleidelijk schizofrenie krijgen.

Risicofactoren

Leeftijd
Ontstaat meestal bij mannen van 18 tot 25 en vrouwen van 26 tot 45 jaar
Geen factor van betekenis
Erfelijkheid
Komt meer voor bij naaste verwanten van patiënten met schizofrenie
Geslacht
Geen factor van betekenis

Andere gerelateerde onderwerpen

U bevindt zich hier:

U gebruikt een verouderde webbrowser, wij raden u aan over te schakelen naar een van onderstaande moderne internetbrowsers.