Er zijn drie soorten bloedvaten: slagaders, aders en haarvaten. De lengte van alle bloedvaten samen bedraagt bijna vier keer de omtrek van de aarde. De kleinste bloedvaten, de haarvaten, zijn goed voor 98 procent van die lengte. De grootste slagader, de aorta, begint bij het hart en vertakt zich in een steeds fijner netwerk van kleinere slagaders om bloed naar elk deel van het lichaam te brengen. De kleinste slagaders vertakken zich tot haarvaten, die weer samenkomen tot grotere aders als het bloed weer richting hart stroomt.
- Slagaders in de schedel
- Deze röntgencontrastfoto toont de slagaders die onder de schedel liggen en de achterkant van de hersenen van bloed voorzien.

- Structuur van een slagader
- Slagaders hebben dikke, gespierde, elastische wanden die berekend zijn op de golf van bloed onder hoge druk die het hart bij elke slag wegpompt.

- Beschermende buitenlaag
- Kringspierlaag
- Elastische laag
- Slagaderwand
- De kleinste bloedvaten
- De slagaders vertakken zich in steeds kleinere vaten (arteriolen) die zich ten slotte tot haarvaten vertakken, waarvan de wanden slechts één cel dik zijn. De haarvaten komen samen in kleine adertjes (venulen), die weer samenvloeien tot grotere aders.

- WAND VAN HAARVAT: De dunne wanden van de haarvaten zijn doorgankelijk voor sommige stoffen
- Celkern
- Haarvat
- Venula (kleine ader)
- Netwerk van haarvaten
- Arteriola (kleine slagader)
- Capillary

- Oppervlakkige slaapslagader
- Inwendige halsader
- Bovenste holle ader
- Longslagader
- Armader
- Hart
- Nierader
- Darmbeenader
- Beenader
- Dijader
- Achterste scheenbeenader
- Kleine beenader
- Doorborende aderen
- Ader van de voetrug
- Slagader van de voetrug
- Achterste scheenbeenslagader
- Dijslagader
- Darmbeenslagader
- Darmscheilslagader
- Nierslagader
- Leverslagader
- Leverader
- Armslagader
- Longader
- Aorta
- Gemeenschappelijke halsslagader
- Spaakbeenslagader
- Onderste holle ader
- Structuur van een ader
- Aders hebben dunne wanden waardoor ze kunnen uitzetten en grote hoeveelheden bloed kunnen bevatten als het lichaam in rust is. Grote aders bevatten (ader)kleppen om te voorkomen dat het bloed terugstroomt.

- Buitenlaag
- Binnenwand
- Spierlaag
- Klep