Angiografie van het been (test)
Angiografie van het been is een röntgenonderzoek van de slagaders in de benen. Hiermee worden vernauwingen of afsluitingen opgespoord. De angiografie is het onderzoek zelf, het angiogram is het resultaat van het onderzoek (de foto). Bij een angiografie wordt altijd een contrastvloeistof gebruikt. Dit is een stof die röntgenstraling tegenhoudt. Hiervoor wordt een dun, buigzaam slangetje (katheter) in de slagader van de lies of de elleboog gebracht en van daaruit naar de benen geleid. Dit gebeurt onder plaatselijke verdoving. De contrastvloeistof wordt in het slangetje gespoten en verspreidt zich over alle bloedvaten in het been. Daarna worden er röntgenfoto’s genomen.
Angiografie wordt tegenwoordig vrijwel alleen nog gedaan als het van te voren zeker is dat dotteren of stentplaatsing nodig is. Dotteren is het ‘openmaken' van een vernauwd bloedvat door er een opgeblazen ballonnetje doorheen te trekken. Bij een stent wordt een opgevouwen metalen buisje in het vernauwde bloedvat geplaatst. Dit wordt met een ballonnetje uitgevouwen, zodat het daarna het bloedvat open kan houden.
- Tijdens het onderzoek
- Een katheter wordt hier via een slagader ingebracht (meestal via de lies) en door het lichaam geleid. Via de katheter wordt contrastvloeistof in de slagader gespoten.

- Laborant die contrastvloeistof inspuit
- Katheter
- Radioloog
- Monitor
- Plaats waar de katheter naar binnen gaat
- Punt van de katheter
- Route van de katheter
- Röntgenstraling
- Röntgenapparaat
- Angiogram van het been
- Deze foto toont een afsluiting in de hoofdslagader van het been. Zonder behandeling raken de weefsels permanent beschadigd. Nieuwe methoden zijn MRA (magneetonderzoek) en CT A (computerangiografie).

- Afsluiting van de slagader
- Bot
Andere gerelateerde onderwerpen