De ziekte van Parkinson
Wat is de ziekte van Parkinson?
De ziekte van Parkinson is genoemd naar de Engelsman James Parkinson, die deze ziekte heeft ontdekt. Bij de ziekte van Parkinson sterven bepaalde hersencellen langzaam af. Daardoor veranderen bewegingen, uiterlijk en gedrag. Van de duizend mensen hebben er een of twee de ziekte van Parkinson. De meeste mensen met de ziekte van Parkinson zijn ouder dan 65 jaar.
naar boven
naar boven
Waardoor komt het?
Bij de ziekte van Parkinson vermindert geleidelijk het aantal hersencellen dat dopamine maakt. Dopamine is een stof waarmee hersencellen signalen doorgeven aan andere hersencellen. Je zou dopamine een ‘boodschapperstof’ kunnen noemen. Door het tekort aan dopamine worden signalen in de hersenen niet of niet goed doorgegeven.
Bij de ziekte van Parkinson zijn er ook andere hersencellen en ‘boodschapperstoffen’ die minder goed gaan werken.
Het is niet precies bekend waarom de hersencellen die dopamine maken afsterven. Bij mensen die op jonge leeftijd de ziekte van Parkinson krijgen kan erfelijkheid een rol spelen.
naar boven
naar boven
Wat zijn de verschijnselen?
De ziekte van Parkinson begint vaak met verandering in de manier waarop u beweegt. De klachten beginnen meestal aan één kant. Een van uw handen gaat bijvoorbeeld trillen. Later kunnen de klachten ook aan de andere kant ontstaan. De ziekte van Parkinson wordt in de loop van jaren geleidelijk erger, waarbij er verschillende klachten kunnen ontstaan, zoals:
Hoe u beweegt: trillen, traagheid, minder bewegingen, stramheid, schuifelen, wankelen, moeilijk kunnen afremmen als u loopt, moeite met fietsen, moeite met schrijven (het handschrift wordt klein en kriebelig) minder uitdrukking in het gezicht (maskergezicht)
Hoe u zich voelt (stemming): depressief, verward, angstig, lusteloos
Hoe u zich gedraagt: vergeetachtig (dementie), in de war, dingen horen of zien die er niet zijn, moeilijk af te remmen behoefte aan eten, winkelen, gokken of seks
Hoe uw lichaam werkt: verstopping, verslikken, afvallen, kwijlen, plasproblemen, erectiestoornis, veel zweten, minder goed ruiken, duizeligheid
Hoe u slaapt: overdag vaak in slaap vallen, ’s nachts veel wakker worden en daarna moeilijk inslapen, nachtelijke onrust (krampen, rusteloze benen, moeilijk draaien, angst).
naar boven
naar boven
Adviezen
Bewegen: Probeer fit te blijven om zo lang mogelijk nog veel te kunnen blijven doen. Zorg dat u dagelijks minstens een halfuur beweegt (of bijvoorbeeld drie keer tien minuten). Ga bijvoorbeeld wandelen, fietsen, dansen of zwemmen. Als het bewegen ondanks de behandeling moeilijker gaat, kan de fysiotherapeut of ergotherapeut u advies geven en begeleiden. Soms zijn lichte hulpmiddelen nodig. Denk bijvoorbeeld aan ‘nordic walking’, waarbij u wandelt met twee stokken zodat u uw evenwicht beter kunt bewaren. Later kan een rollator een belangrijk hulpmiddel zijn om zo veel mogelijk zelfstandig te kunnen blijven doen.
Slapen: Door de ziekte van Parkinson of de medicijnen die u krijgt, kunt u overdag in slaap vallen. Daardoor lukt het vaak ’s nachts niet meer om te slapen. Probeer dan om overdag langer wakker te blijven en alleen tussen de middag kort te slapen.
Uitleg: Als het contact met anderen lastiger wordt, kunt u aan hen uitleggen hoe dat komt. U kunt deze brief gebruiken om te vertellen wat het betekent om de ziekte van Parkinson te hebben. Laat anderen eventueel deze brief lezen, zodat ze begrijpen wat voor problemen iemand met de ziekte van Parkinson kan hebben.
naar boven
naar boven
Medicijnen
Er bestaan geen medicijnen die de ziekte van Parkinson kunnen genezen of afremmen. Wel zijn er medicijnen die de klachten kunnen verminderen.
Meestal zal de neuroloog starten met medicijnen, bijvoorbeeld levodopa of een dopamineagonist, die het bewegen vergemakkelijken en het trillen verminderen. Medicijnen die gebruikt worden bij de ziekte van Parkinson kunnen bijwerkingen geven. Vaak is het lastig te onderscheiden of de klachten door de ziekte van Parkinson komen of door de bijwerking van de medicijnen.
Voorbeelden van bijwerkingen zijn: droge mond, misselijkheid, verstopping, duizeligheid, verwardheid, slapeloosheid of juist overdag in slaap vallen, onwillekeurige bewegingen, ongeremd gedrag. We proberen de medicijnen zo af te stemmen dat u zo weinig mogelijk klachten en bijwerken heeft.
Naast medicijnen tegen de bewegingsklachten kan de neuroloog ook middelen voorschrijven tegen andere klachten die bij de ziekte van Parkinson kunnen ontstaan.
naar boven
naar boven
Hoe gaat het verder?
De ziekte van Parkinson verloopt meestal geleidelijk. Na verloop van jaren worden de verschijnselen steeds erger. Hoe de ziekte verloopt, kan per persoon verschillen: Bij de een valt het trillen het meest op, bij de ander is vooral het evenwicht en het lopen een probleem. Er kan angst, somberheid en verwardheid ontstaan. Ook spreken en schrijven kan moeilijker gaan. Door de langzame achteruitgang ontstaat er steeds meer behoefte aan hulp van de mensen om u heen.
In het ziekenhuis controleert de neuroloog regelmatig of uw medicijnen goed werken en niet te veel bijwerkingen veroorzaken. Zo nodig worden de medicijnen aangepast.
In de huisartsenpraktijk kunnen we steeds samen bekijken hoe het u lukt om met de ziekte van Parkinson om te gaan. We bespreken eventuele problemen en lichamelijke klachten en kijken naar de (bij)werking van uw medicijnen. Zo nodig krijgt u hulp van andere zorgverleners, zoals een fysiotherapeut of een diëtist.
naar boven
naar boven
Meer informatie
Voor meer informatie over de ziekte van Parkinson kunt u terecht op: www.parkinson-vereniging.nl.
naar boven
naar boven
Heeft u nog vragen?
Als u na het lezen van deze brief nog vragen heeft, kunt u daar bij een volgend contact op terugkomen.
naar boven
naar boven