Inhalatiemedicijnen
Vernauwing van de luchtwegen
Als een kind met astma benauwd wordt, komt dat doordat de luchtwegen zich vernauwen. De spiertjes rond de luchtwegen trekken samen. De slijmvliezen van de luchtwegen zwellen op en produceren meer slijm. Er kan dan minder lucht door de luchtwegen.

- Normaal
- Longblaasjes
- Vernauwing
- Vernauwing
- Slijm
naar boven
naar boven
Medicijnen
Om de klachten te verhelpen zijn er drie groepen medicijnen. De medicijnen werken het best als ze worden ingeademd.
Een luchtwegverwijdendmiddel zorgt ervoor dat de spiertjes rond de luchtwegen minder samentrekken. Het middel werkt binnen 10 tot 30 minuten. Mogelijke bijwerkingen zijn trillende handen, onrust en hartkloppingen. Deze bijwerkingen zijn vervelend maar kunnen geen kwaad.
Er zijn luchtwegverwijdende middelen die kort werken (2 uur) en die langer werken (12 tot 24 uur).
Een ontstekingsremmend middel vermindert (bij regelmatig gebruik) de zwelling van het slijmvlies in de luchtwegen en de slijmvorming. Het zorgt er ook voor dat de spiertjes rond de luchtwegen minder samentrekken. De meeste ontstekingsremmende middelen werken pas na een paar dagen. Mogelijke bijwerkingen zijn heesheid of een schimmelinfectie van de mond. Door telkens na het inhaleren de mond van uw kind goed te spoelen kan dit voorkomen worden.
Een combinatiemiddel bevat een ontstekingsremmend middel én een langwerkend luchtwegverwijdend middel. Combinatiemiddelen worden gegeven bij ernstige astma, als de ontstekingsremmers alleen niet genoeg helpen.
naar boven
naar boven
Benauwdheid
Als uw kind af en toe benauwd is, geeft u een luchtwegverwijdend middel.
Als uw kind binnen één week vaker benauwd is, dan heeft het ook een ontstekingsremmend middel nodig.
Als uw kind het ontstekingsremmend middel zorgvuldig en dagelijks gebruikt, dan heeft het steeds minder behoefte aan het luchtwegverwijdende middel. Blijf de ontstekingsremmer dagelijks gebruiken Houd de luchtwegverwijder bij de hand. Bijvoorbeeld om voor het sporten of voor de zwemles in te nemen.
naar boven
naar boven
Toedieningsvormen
De medicijnen zijn in te ademen met behulp van een spuitbusje (dosisaërosol) of met een poederinhalator.
naar boven
naar boven
Hoe werkt een dosisaërosol?
Een dosisaërosol is te vergelijken met een spuitbus. De dosisaërosol bestaat uit een metalen busje met vulling en een plastik houder. Het is belangrijk de aërosol steeds te schudden voor gebruik. Houd het apparaatje zo dat het mondstuk onderaan zit en het metalen busje omhoog wijst. Wanneer u het busje in de houder aandrukt, komt een wolkje medicijn vrij (één dosis). Na elke dosis moet u de aërosol opnieuw schudden.
Inhalatiekamer
Een aërosol werkt alleen maar goed als uw kind er een ‘inhalatiekamer’ bij gebruikt. De aërosol past precies in de opening van de inhalatiekamer. Tegenover die opening zit het mondstuk. Het medicijn wordt in de inhalatiekamer gespoten en via het mondstuk ingeademd. Voor baby’s zijn er inhalatiekamers met een zacht rubberen masker dat over de neus en mond past.
Toediening van één dosis met inhalatiekamer.
Het is belangrijk de instructies goed te volgen:
schud de aërosol;
zet de aërosol op de inhalatiekamer;
plaats het maskertje over de mond en neus van uw kind, zodat het goed afsluit (laat oudere kinderen de tanden op het mondstuk zetten en de lippen er omheen sluiten) ;
druk één keer op de aërosol zodat er een wolkje medicijn vrijkomt;
laat uw kind vervolgens rustig vijf keer diep in en uitademen, terwijl u het kapje goed (afsluitend) op zijn plaats houdt. Controleer bij grotere kinderen (ouder dan vier jaar) dat de lippen goed rond het mondstuk sluiten
naar boven
naar boven
Hoe werkt een poederinhalator?
Het poeder uit een inhalator moet krachtig worden ingeademd. Meestal kunnen kinderen vanaf zes jaar dit al. De meeste inhalatoren bevatten een poedervoorraad voor vijftig, zestig, honderd of tweehonderd inhalaties. Sommige inhalatoren werken met poedercapsules. Bij elk apparaatje staat op de gebruiksaanwijzing hoe u het gebruiksklaar moet maken. Tijdens het inhaleren kan het poeder kriebel in de keel veroorzaken. Bij sommige inhalators merkt uw kind niets van het poeder.
Toediening van één dosis met een poederinhalator:
Maak de poederinhalator volgens voorschrift klaar;
laat uw kind goed uitademen;
laat het vervolgens de tanden op het mondstuk zetten en de lippen rond het mondstuk sluiten;
laat uw kind diep inademen, terwijl u de poederinhalator horizontaal houdt;
na het inademen moet uw kind de adem tien tellen inhouden (tien tellen is ongeveer vijf seconden);
laat uw kind daarna langzaam uitademen, zo mogelijk door de neus;
na het inademen van een ontstekingsremmend middel moet uw kind de mond spoelen om achtergebleven medicijn te verwijderen.
naar boven
naar boven
Hoe gaat het verder?
Wanneer uw kind net met inhalatiemedicijnen is begonnen, komt u na twee weken weer naar de praktijk om te bespreken hoe het gaat. Neem de inhalatieapparaatjes altijd mee; dan kunnen we bekijken hoe goed uw kind daarmee kan omgaan.
Als uw kind slechts af en toe (een keer per week of minder) een luchtwegverwijdend medicijn nodig heeft, is één controle in de zes maanden voldoende. Maak een nieuwe afspraak als u merkt dat de klachten van uw kind verergeren, of als het vaker een luchtwegverwijder nodig heeft. Uw kind krijgt er dan (een verhoogde hoeveelheid) ontstekingsremmende medicijnen bij. Ontstekingsremmende middelen moeten meestal langdurig worden gebruikt. Een halfjaar of langer is heel normaal. Wanneer uw kind hiermee begint, komt het in principe om de drie maanden voor controle, daarna nog maar een of twee keer per jaar. We kijken dan of de medicatie weer moet worden aangepast (bijvoorbeeld verminderd).
naar boven
naar boven
Heeft u nog vragen?
Als u na het lezen van deze brief nog vragen heeft, kunt u daar bij een volgend contact op terugkomen.
naar boven
naar boven