ADHD
Wat is ADHD?
ADHD is de afkorting van de Engelse term voor aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit (Attention-Deficit/Hyperactivity Disorder).
ADHD komt het meest voor bij kinderen tussen 4 en 16 jaar. Dat komt omdat het lange tijd gezien is als een psychische stoornis van
kinderen. Maar een aantal mensen houdt ADHD, ook als ze volwassen zijn. Als volwassenen ADHD hebben, dan hebben zij al die jaren de hele tijd de verschijnselen van ADHD gehad. Bij een stoornis als bijvoorbeeld depressie ligt dat anders: mensen kunnen wel van jongs af depressief zijn, maar dan zijn de
klachten in de loop van die jaren wisselend: de ene keer, de andere keer minder.
ADHD komt vaak samen voor met opstandig of agressief gedrag, waardoor het soms lastig is om ADHD vast te stellen. Dit is ook zo bij de combinatie met pdd-nos, een milde vorm van autisme.
Gaat het over?
Lange tijd is gedacht dat het over zou gaan, als kinderen eenmaal volwassen zouden zijn. Maar dat idee is veranderd. Van de mensen die
behandeld zijn, houdt eenderde ADHD, bij de helft blijven de verschijnselen bestaan in een mildere vorm, maar zijn nog wel hinderlijk. Bij eenderde verdwijnen de
verschijnselen helemaal.
Hoe vaak komt het voor?
3 tot 5% van de kinderen tot 16 jaar heeft ADHD. Dit zijn 60.000 tot 100.000 kinderen in Nederland. Van de jongvolwassenen heeft 1 tot 3% ADHD.
In een straat met 50 kinderen hebben er dus 1 tot 3 ADHD. Of: de kans is groot dat er in een schoolklas 1 kind is met ADHD.
Het aantal kinderen met ADHD is de laatste 20 jaar niet
toegenomen. ADHD wordt wel steeds beter herkend bij kinderen. Daardoor zijn er
meer kinderen die behandeld worden voor ADHD.
naar boven
naar boven
Hoe ontstaat ADHD?
Over oorzaken van ADHD bij kinderen en jeugdigen valt nog weinig te zeggen. Wel
zijn extra risico's bekend. Dat wil zeggen: er is meer risico in onderstaande gevallen. De extra risico's hebben te maken
met geslacht en leeftijd, met individuele kwetsbaarheid, met de omgeving. Bij het ontstaan speelt erfelijkheid een rol; bij het
blijven bestaan van ADHD speelt de omgeving een rol.
Daarnaast
zijn nog extra risico's bekend op het blijven bestaan van ADHD tot in
de volwassenheid.
Geslacht en leeftijd
- ADHD komt meer voor bij jongens dan bij meisjes: twee tot drie keer zo veel.
Bij kinderen die in behandeling zijn, zijn het vijf keer zo veel jongens als meisjes.
Individuele kwetsbaarheid
- Erfelijkheid speelt een belangrijke rol.
- Verschillen in hyperactiviteit, impulsiviteit en minder concentratievermogen zijn vooral erfelijk.
- Kinderen van ouders met ADHD krijgen het in de helft van de gevallen
ook.
- Broertje en zusjes van kinderen met ADHD hebben drie tot vijf keer
zoveel kans om het te krijgen.
- Neefjes en nichtjes hebben twee keer zoveel kans.
- Sommige hersendelen van kinderen met ADHD zijn kleiner dan bij andere
kinderen. Ook de hersenactiviteit in bepaalde delen van de hersenen zou bij ADHD minder zijn.
- Kinderen hebben meer risico op ADHD als hun moeder tijdens de zwangerschap
een hoge bloeddruk had, teveel rookte, of veel dronk.
- Kinderen die te vroeg zijn geboren, en met een te laag geboortegewicht lopen ook meer risico op ADHD.
- Kinderen met een verstandelijke handicap hebben net zo vaak ADHD als gewone
kinderen.
- In Nederland wordt bij allochtone kinderen bijna geen ADHD vastgesteld. Ze
worden er ook bijna niet voor behandeld. Het komt even vaak voor, maar het wordt waarschijnlijk minder vaak herkend.
- In andere culturen komen aandachtsproblemen ook even vaak voor.
Omgeving
De omgeving heeft geen grote invloed op het ontstaan van ADHD. Het heeft
misschien wel invloed op het blijven bestaan van ADHD.
- Een chaotische situatie in een gezin is vaak het gevolg van ADHD bij een van
de ouders. Dan is niet goed meer uit te maken of het komt door de situatie in het gezin, of door het erven van ADHD.
- Bepaalde dingen in het gezin maken de kans groter dat ADHD blijft bestaan.
Voorbeelden van zulke dingen: huwelijksproblemen, lage opleiding, laag inkomen, mindere maatschappelijke positie, groot gezin, criminaliteit
van de ouders, plaatsing in een adoptiegezin.
- De manier van omgang tussen ouders en kind maken de kans groter dat ADHD
blijft bestaan: agressie en strenge discipline, minder praten door vader met het kind, minder ?handige? manier van omgaan door de moeder met
de ADHD.
- Er is geen verband tussen het gebruik van suiker en gedragsproblemen bij kinderen.
Blijven bestaan tot in de volwassenheid
Kinderen met ADHD lopen meer risico dat het blijft bestaan in hun verdere leven
in de volgende gevallen.
- Het kind heeft meer en ernstiger verschijnselen van ADHD.
- Hij gedraagt zich agressief op jonge leeftijd.
- Hij is minder intelligent en heeft leerproblemen.
- Hij komt uit een gezin met problemen.
- Hij heeft slechte relaties met kinderen van dezelfde leeftijd.
- Hij heeft meer familieleden met ADHD.
- Hij heeft ook andere psychische stoornissen als gedragsstoornissen, depressie en angststoornissen.
naar boven
naar boven
Verschijnselen van ADHD
De verschijnselen van ADHD hebben te maken met aandachtsproblemen,
hyperactiviteit en impulsiviteit.
Aandachtsproblemen
Een kind heeft ADHD als hij zes of meer van de volgende aandachtsproblemen
heeft, en dat de meeste dagen van de week.
- Het kind heeft onvoldoende aandacht voor details, of maakt achteloos fouten.
- Hij heeft moeite om aandacht te houden bij dingen die gedaan moeten worden of bij het spelen.
- Hij lijkt niet te luisteren.
- Hij volgt aanwijzingen niet op of maakt opdrachten niet af.
- Hij heeft moeite met het organiseren van dingen die hij moet doen.
- Hij gaat dingen uit de weg die hij moet doen en die geestelijke inspanning vragen. Of hij heeft een hekel aan dat soort dingen.
- Hij raakt dingen kwijt die hij nodig heeft voor de dingen die gedaan moeten worden.
- Hij wordt makkelijk afgeleid.
- Hij is vergeetachtig als hij bezig is met dagelijkse dingen.
Een kind heeft ook ADHD als hij zes of meer verschijnselen van hyperactiviteit
of impulsiviteit heeft, en dat de meest dagen van de week. Die verschijnselen staan hieronder.
Hyperactiviteit
- Het kind beweegt onrustig met handen en voeten en zit te draaien op zijn stoel.
- Hij staat op, als hij moet blijven zitten.
- Hij gaat rondrennen of overal op klimmen op plaatsen waar dat niet hoort.
- Hij kan moeilijk rustig spelen of ontspannende dingen doen.
- Hij is de hele tijd in de weer en draaft maar door.
- Hij praat aan een stuk door.
Impulsiviteit
- Het kind antwoordt al, voordat de vraag helemaal gesteld is. Hij gooit het antwoord er als het ware uit.
- Hij heeft moeite om op zijn beurt te wachten.
- Hij verstoort bezigheden van anderen.
Veel van deze verschijnselen komen ook bij veel gewone kinderen voor. Bij het ene kind minder, bij het andere meer. Maar een kind heeft pas
ADHD, als het deze verschijnselen duidelijk meer heeft dan kinderen van
dezelfde leeftijd en als het dagelijks doen en laten er flink door beperkt wordt, en dat voor minstens zes maanden.
Verder moet het kind enkele verschijnselen al voor het zevende jaar hebben gehad.
Volwassenen kunnen ook ADHD hebben, maar alleen als ze het ook als kind hadden, en het altijd hebben
gehouden.
naar boven
naar boven
Hoe wordt ADHD vastgesteld?
ADHD wordt in de praktijk vastgesteld door een kort gesprek met ouders en kind.
Dat is een gesprek waarin een aantal vaste gespreksonderwerpen worden besproken, een zogenoemd semi-gestructureerd interview. Ook de klachten
worden doorgenomen.
Voor het vaststellen van ADHD is medische, maar ook
psychosociale deskundigheid nodig.
Aandachtspunten bij de diagnose zijn de volgende.
- De verschijnselen moeten op school voorkomen, en in het gezin en/of op straat. Daarom kan ADHD alleen vastgesteld worden na een gesprek met de ouders, een onderzoek bij het
kind (psychiatrisch en lichamelijk), en gesprekken met bijvoorbeeld leerkrachten.
- De informatie moet volgens een bepaalde methode en systematisch worden verzameld.
- ADHD komt vaak voor samen met andere psychische stoornissen. Deze moeten ook
onderzocht worden.
- Lichamelijke oorzaken van de verschijnselen moeten worden uitgesloten.
- De ernst van de verschijnselen, de gevolgen voor kind en gezin worden vastgesteld, en ook hoe lang het al duurt.
Er zijn diverse bruikbare vragenlijsten.
Een probleem bij het vaststellen van ADHD is dat kinderen, leerkrachten en
ouders nogal eens tegenstrijdige informatie geven.
Geven ouders en leerkrachten verschillende informatie, dan heeft de informatie van
leerkrachten in dat geval het meeste waarde. Omdat ADHD vooral problemen geeft
bij het doen van dingen op school.
Bij verschillende informatie van kinderen en ouders, dan heeft de informatie van ouders de meeste
waarde.
naar boven
naar boven
Behandeling van ADHD met therapie en met een combinatie van therapie en
medicijnen
Van de psychologische behandelingen bij ADHD zijn vooral cognitieve therapie en
gedragstherapie onderzocht. Andere vormen zijn nog niet genoeg onderzocht om iets over de werking te zeggen.
- Cognitieve therapie. Kinderen leren eerst na te denken voor ze reageren. Deze behandeling helpt niet tegen de ADHD, wel tegen bijkomende depressie en angststoornissen.
- Gedragstherapie. Gewenst gedrag
wordt beloond, ongewenst gedrag genegeerd of gestraft. Individuele gedragstherapie door een therapeut werkt wel in de therapie, maar niet
thuis of in de klas. Het effect verdwijnt ook snel als de therapie gestopt is.
Gedragstherapie door ouders en leerkrachten vermindert
de verschijnselen van ADHD. Ze moeten wel eerst getraind worden in deze
zogenoemde mediatietherapie. Daarnaast is er ook effect op opstandig en agressief gedrag. Er is geen effect op schoolprestaties en als de
behandeling stopt, verdwijnt het effect na enkele maanden weer.
Gedragstherapie werkt minder goed dan psychostimulantia.
Er is niet genoeg bewijs dat de combinatie van medicijnen met gedragstherapie voor elk kind effectiever is dan alleen medicijnen. Wel zijn
ouders meer tevreden, vooral over de aangeleerde sociale vaardigheden. Verder kan het zijn dat de dosis van de medicijnen in de
combinatietherapie wat omlaag kan. Dat geeft dan minder bijwerkingen.
De combinatietherapie lijkt vooral geschikt voor kinderen met
ernstige ADHD en ADHD met bijkomende stoornissen.
Elke behandelaar in de geestelijke gezondheidszorg moet werken volgens de Multidisciplinaire Richtlijn ADHD.
naar boven
naar boven
Behandeling van ADHD met medicijnen
De behandeling met medicijnen gebeurt meestal met zogenoemde psychostimulantia. Daar zijn twee soorten van: methylfenidaat (Ritalin en
Concerta) en dexamfetamine.
- Deze middelen genezen ADHD niet. Als kinderen stoppen met de medicijnen, dan
keren de verschijnselen van ADHD snel weer terug.
- De psychostimulantia stimuleren de rem op gedrag en emoties in de hersenen. Daarom worden kinderen met ADHD er rustiger van.
- In Nederland wordt methylfenidaat het meest gebruikt. Alleen als dat niet helpt of er ernstige bijwerkingen zijn, worden andere middelen
gebruikt.
- De middelen werken snel na inname. Ze moeten wel regelmatig worden ingenomen. Nu hebben mensen met ADHD nogal eens een vrij chaotische dagindeling. Dan is regelmatig innemen lastig.
Sinds kort is er een langwerkende vorm van methylfenidaat, die dat probleem oplost.
- Psychostimulantia vallen onder de Opiumwet.
Psychostimulantia werken goed bij ADHD. Het is de behandeling met het meeste
effect.
- Bij 70 tot 80% van de kinderen verbeteren de klachten flink.
- Bij volwassen is dat 50 tot 80%.
- De middelen werken goed op: hyperactiviteit, storend en chaotisch gedrag, agressie (lichamelijk en met woorden), afgeleid worden,
impulsiviteit, moeite om regels te volgen, prikkelbaarheid en emotionele onevenwichtigheid.
- De gunstige werking is merkbaar in het gezin, op school of werk en in omgang met kinderen van dezelfde leeftijd.
- De middelen werken niet of bijna niet op vergeetachtigheid, leerprestaties en sociale vaardigheden.
Het is niet bekend of ze helpen bij kinderen onder de 4 jaar.
De juist dosis van psychostimulantia hangt niet alleen af van het gewicht van het kind. De eerste tijd moet de arts dus goed in de gaten
houden of het werkt en hoe groot de bijwerkingen zijn. Dan kan de dosis worden aangepast.
Bijwerkingen
Psychostimulantia zijn veilig, in elk geval op korte termijn. Ze zijn nauwelijks verslavend. Een op de drie kinderen heeft milde
bijwerkingen. Dit zijn de belangrijkste.
- Minder eetlust. Bij 10 tot 46%.
- Problemen met inslapen. Bij 10-20%.
- Misselijkheid en maagpijn. Bij 20%.
- Hoofdpijn. Bij 15%.
- Psychische klachten, zoals emotioneel onevenwichtig, snel geïrriteerd, angstig, nerveus, minder spontaan. Deze bijwerkingen komen vooral
als het middel bijna is uitgewerkt. Tijdig innemen geeft minder kans op deze bijwerkingen. Overstappen op een langwerkend middel kan
ook.
Er is nog meer te zeggen over behandeling met psychostimulantia.
- Sommigen zien het als een bezwaar dat middelen worden voorgeschreven aan kinderen, die onder de Opiumwet vallen.
- Het is nog niet duidelijk of ze ook op langere termijn werken.
- Het is nog niet onderzocht of er ook bijwerkingen zijn die pas na lang gebruik gaan voorkomen.
Er is geen bewijs dat het gebruik van psychostimulantia de kans op misbruik van drugs of alcohol groter maakt. Het lijkt er eerder op dat
deze kans kleiner wordt.
Overige middelen tegen ADHD bij kinderen en jeugdigen
- Clonidine helpt tegen druk en impulsief gedrag bij mensen met ADHD, maar
door het grote aantal negatieve bijwerkingen wordt het afgeraden bij ADHD.
- Bepaalde antidepressiva worden regelmatig voorgeschreven aan mensen met ADHD, als psychostimulantia niet blijken te werken. Ze werken pas na een tot twee weken. Dit zijn met name de zogenoemde
tricyclische antidepressiva (TCA's). De zogenoemde selectieve serotonine-heropname-remmers (SSRI?s) werken niet bij ADHD. Voor andere antidepressiva is nog niet genoeg bewijs.
Elke behandelaar in de geestelijke gezondheidszorg moet werken volgens de Multidisciplinaire Richtlijn ADHD.
naar boven
naar boven
Alternatieve behandelingen en diëten bij ADHD
Voor de meeste alternatieve behandelingen bij ADHD is geen bewijs dat het
werkt. Dit kunnen de volgende behandelingen zijn: homeopathie, kruiden, ijzersupplementen en diëten. Bij dit laatste wordt wel gezegd dat
ADHD komt door een allergie of een voedselintolerantie.
- Over het effect van het zogenoemde Feingolddieet zijn wisselende berichten. Het is dus niet goed te zeggen of het werkt. Bij dit dieet
worden allergene stoffen vermeden. Vooral ouders melden dat het werkt.
- Een persoonlijk dieet op maat lijkt te helpen bij een kleine minderheid van jonge kinderen bij wie ook allergische klachten en migraine in
de familie voorkomen.
- Sporenelementen zouden kunnen helpen, maar alleen als er tekorten zijn in het bloed.
- Biofeedback vraagt nogal wat van ouders en kind, maar zou kunnen helpen als behandeling met medicijnen én gedragstherapie niet kan. Maar
of het echt helpt, is nog onduidelijk.
- Hypnotherapie kan bijkomende klachten als slaapproblemen en tics verminderen. Dan moet het wel deel zijn van een bredere behandeling.
Sommige alternatieve middelen, zoals antioxidanten, werken negatief op de werking van reguliere medicijnen. Artsen moeten daarom altijd
vragen naar het gebruik van alternatieve middelen.
naar boven
naar boven
Adviezen bij ADHD: cliënt
De kwaliteit van leven van kinderen wordt flink minder door ADHD. Ze doen het
minder goed in het onderwijs, en in contacten met anderen. Ze krijgen leerproblemen, en krijgen vaak een achterstand in hun ontwikkeling.
Kinderen met ADHD roepen door hun drukke, chaotische gedrag veel negatieve
reacties op uit hun omgeving, waardoor ze veel minder dan andere kinderen in staat zijn een goed gevoel over zichzelf te ontwikkelen. Ze zijn
vaak heel onzeker.
Blijven de verschijnselen bestaan tot de kinderen achttien tot twintig jaar zijn, dan blijven ze schoolproblemen
houden, hebben ze grotere kans op problemen met werk, blijven hun prestaties achter, hebben ze moeite met relaties, met hun rijvaardigheid,
grotere kans op ongelukken, en grotere kans op misbruik van tabak, drank en drugs. Dit heeft negatieve gevolgen voor de maatschappelijke
positie van de volwassene.
Adviezen voor de cliënt worden hier verder niet gegeven, omdat het om kinderen gaat.
naar boven
naar boven
Adviezen bij ADHD: school
Goede samenwerking tussen school en ouders is belangrijk voor een kind met ADHD. School en ouders moeten één lijn trekken. Onderwijzers moeten daarom weten hoe de ouders thuis met hun kind omgaan. Daarnaast
zijn voor scholen met leerlingen met ADHD de volgende tips handig.
- Plaats de leerling met ADHD dicht bij u.
- Zorg voor duidelijke structuur (bijvoorbeeld de tafels in rijen) en lessen in logische volgorde.
- Doseer het huiswerk en laat het kind het huiswerk in de agenda schrijven.
- Geef wekelijks verslagen voor de ouders mee over de voortgang op school.
- Help de leerling zijn impulsiviteit te onderdrukken via stop-luister-denk-doe.
- Bepaal samen met de klas wat wel en niet kan.
- Beloon gewenst gedrag.
- Geef de leerling bepaalde verantwoordelijkheden.
- Geef de leerling aan het eind van de les een paar minuten om boeken, schriften en dergelijke voor de volgende les klaar te leggen.
- Geef de schoolspullen een kleurtje zodat het kind weet wat bij wat hoort.
- Geef korte aanwijzingen.
- Hou de aandacht van de leerling vast (veel oogcontact).
- Geef de leerling geheugensteuntjes.
naar boven
naar boven
Adviezen bij ADHD: ouders
ADHD in een gezin heeft een enorme invloed, ook op broertjes en zusjes.
Ouders van kinderen met ADHD krijgen van hun omgeving vaak te horen dat ze hun
kind niet goed opvoeden. Hoewel ze dikwijls het gevoel hebben dat er iets niet goed gaat in de ontwikkeling van hun kind, zoeken ze de oorzaak
vaak bij zichzelf. Daardoor voelen ze zich vaak schuldig. Door de negatieve reacties uit de omgeving liggen eenzaamheid en ontmoediging bij
ouders op de loer.
Komt er niet voldoende steun uit de omgeving, dan kunnen ouders en kind en soms ook ouders onderling in een negatieve
spiraal terechtkomen waarbij ze elkaar beschuldigen en verwijten maken.
- Zorg dat u genoeg weet over ADHD en de mogelijke gevolgen. Er zijn
verschillende ADHD-sites.
- Doe uw eigen dingen, en doe de dingen die plezier en ontspanning geven. Dit voorkomt dat u zelf overbelast raakt.
- Zorg ervoor dat u zelf uw hart kunt luchten bij enkele mensen in uw omgeving. Houd ook contact met mensen buiten het gezin.
- Zoek mensen in vergelijkbare situaties, bijvoorbeeld via diverse ADHD-sites
of via Stichting Labyrint / In
Perspectief.
Een kind met ADHD heeft veel baat bij duidelijkheid. Hieronder volgen enkele
tips en adviezen.
- Geef uw kind complimenten en een beloning als hij iets goed doet. Zeg ook duidelijk als er iets fout gaat en leg uit waarom u dat vindt.
- Geef duidelijke beloningen, bijvoorbeeld iets lekkers, punten, iets voor zijn verzameling, een speelgoedje of geld.
- Probeer meer te prijzen en te belonen dan te straffen. Straffen alleen helpt niet om gedrag te veranderen.
- Wees consequent. Reageer altijd en overal hetzelfde op het gedrag van uw kind.
- Geen woorden maar daden. Lange preken hebben weinig zin.
- Bereid u voor op probleemsituaties. Bespreek van tevoren aan welke regels het kind zich moet houden. Niet meer dan twee of drie regels,
bijvoorbeeld: blijf bij me en doe wat ik zeg. Spreek af welke beloning het krijgt, bijvoorbeeld een ijsje op de terugweg. Houd u aan de
gemaakte afspraken.
- Denk eraan dat uw kind een handicap heeft.
- Denk niet dat u een slechte opvoeder bent als uw kind niet doet wat u graag wilt.
- Oefen vergevingsgezindheid. Richt u op wat wel goed gaat en sta niet te lang stil bij de dingen die fout zijn gegaan. Wees ook
vergevingsgezind ten opzichte van de fouten die u zelf hebt gemaakt
naar boven
naar boven
Patiënten- en belangenorganisaties ADHD
Uitgebreidere informatie op www.trimbos.nl, informatie voor professionals; onder andere over:
- verschillende typen ADHD;
- verloop;
- samengaan met andere psychische stoornissen;
- gevolgen van ADHD, maatschappelijk en voor de kwaliteit van leven;
- literatuurverwijzingen (van met name wetenschappelijk onderzoek).
Op www.trimbos.nl > psychische stoornissen > algemene informatie vindt u
uitgebreide informatie over ADHD bij volwassenen.
Elke behandelaar in de geestelijke gezondheidszorg moet werken volgens de Multidisciplinaire Richtlijn ADHD. De Richtlijn is gemaakt voor professionals.
De
Richtlijn kunt u bestellen bij het Trimbos-instituut.
Andere producten over ADHD? Ga naar www.trimbos.nl/producten, en zoek op ADHD.
naar boven
naar boven