
De prostaat is een klier met een doorsnede van 2 tot 3 centimeter. Deze klier produceert prostaatvocht dat bij een zaadlozing samen met zaadcellen uit de plasbuis komt.
De prostaat ligt onder de blaas, om de urineleider heen. Op oudere leeftijd, boven de 50 jaar, verandert de prostaat.
Door deze veranderingen kunnen plasproblemen ontstaan. Deze klachten hebben meestal niets met prostaatkanker te maken.

Prostaatkanker is de meest voor-komende soort kanker bij mannen. Jaarlijks wordt in Nederland bij bijna 8.000 mannen prostaatkanker ontdekt.
Prostaatkanker komt weinig voor bij mannen onder de 50 jaar. Daarna neemt het risico op de ziekte geleidelijk toe.
Prostaatkanker groeit doorgaans heel langzaam. Zo langzaam dat de meeste mannen met prostaatkanker er niets van merken en er nooit last van zullen hebben. Bij veel oudere mannen die zijn overleden aan iets anders is gebleken dat bij hen prostaatkanker bestond, zonder dat zij daar iets van gemerkt hebben. Veel oudere mannen overlijden aan iets anders, terwijl ze (zonder het te weten) prostaatkanker hebben.

Ongeveer tien van de honderd mannen met prostaatkanker krijgen op den duur klachten van prostaat-kanker en pas in een laat stadium.
Deze klachten zijn het gevolg van uitzaaiingen van de prostaatkanker en bestaan vaak uit botpijnen (in rug of heup), een verminderde eetlust en een algemeen gevoel van ziek zijn.
Bij een operatie blijft er een kans op impotentie en incontentie, maar deze kans kan wel zo klein mogelijk gemaakt worden.