Medicijnen bij hartritmestoornissen

Welke soorten medicijnen kunnen voor hartritmestoornissen worden gebruikt?

Afhankelijk van het soort ritmestoornis en de conditie van het hart kan de arts medicijnen voorschrijven, een elektrische stroomschok toedienen of een operatie uitvoeren, bijvoorbeeld voor een pacemaker. De geneesmiddelen die gebruikt worden bij hartritmestoornissen worden anti-arrhythmica genoemd.

Hartglycosiden
Digoxine regelt de hartslag en heft verschillende stoornissen in het hartritme op. Hierdoor wordt de hartslag langzamer. Een voorbeeld is digoxine.

Sotalol en andere bètablokkers
Bètablokkers regelen de hartslag en heffen verschillende stoornissen in het hartritme op. Hierdoor wordt de hartslag langzamer. De bètablokker die meestal wordt gebruikt bij hartritmestoornissen is sotalol: deze heeft meer invloed op het hartritme dan de overige bètablokkers. Voorbeelden zijn acebutolol, atenolol, metoprolol, oxprenolol, pindolol, propranolol en sotalol.

Calciumblokkers
De calciumblokkers verapamil en diltiazem regelen de hartslag en heffen verschillende stoornissen in het hartritme op. Hierdoor wordt de hartslag langzamer. Voorbeelden zijn diltiazem en verapamil.

Anti-arrhythmica
Anti-arrhythmica zijn middelen die diverse stoornissen in het hartritme opheffen. Welke geneesmiddel wordt voorgeschreven, hangt af van het soort ritmestoornis en waar in het hart de stoornis zich bevindt. Dit kan bijvoorbeeld in de boezems (`atriumfibrilleren`), of in de kamers (‘ventrikelfibrilleren`) van het hart zijn.

Voorbeelden van antiarrhythmica zijn:

  • flecaïnide: voorgeschreven bij snelle samentrekking van de kamers of van de boezems. Het wordt ook toegepast om hartritmestoornissen te voorkomen. Bij sommige hartritmestoornissen van ongeboren baby`s wordt het wel aan de moeder voorgeschreven.
  • amiodaron: voorgeschreven bij snelle samentrekking van de boezems of van de kamers. Het wordt ook toegepast om hartritmestoornissen te voorkomen. Bij sommige hartritmestoornissen van ongeboren baby`s wordt het wel aan de moeder voorgeschreven.
  • disopyramide: voorgeschreven bij snelle samentrekking van de kamers. Het wordt ook toegepast om hartritmestoornissen van zowel de boezems als de kamers te voorkomen.
  • propafenon: voorgeschreven bij snelle samentrekking van de kamers of van de boezems. Het wordt ook wel gebruikt als andere middelen onvoldoende helpen.
  • kinidine: voorgeschreven om hartritmestoornissen te voorkomen. Kinidine wordt ook toegepast bij een te snelle samentrekking van de kamers.
  • fenytoïne: voorgeschreven als andere middelen niet voldoende werken. Fenytoïne wordt ook wel gebruikt voor opheffen van hartritmestoornissen als een te hoge dosis digoxine is gebruikt.

Antistollingsmiddelen
Wanneer het hart door een ritmestoornis niet in staat is het bloed goed rond te pompen, ontstaat er in het hart gemakkelijk een bloedpropje. Dit bloedpropje kan vervolgens in de bloedbaan terecht komen en ergens in het lichaam een bloedvat afsluiten. Antistollingsmiddelen remmen de vorming van bloedpropjes af en verminderen zo de kans op afsluiting van een bloedvat.

Antistollingsmiddelen worden dus niet tegen de hartritmestoornis zelf gebruikt, maar om complicaties te voorkomen. Voorbeelden zijn acenocoumarol, fenprocoumon en dabigatran.

naar boven

Lijst met medicijnen voor hartritmestoornissen

naar boven

U bevindt zich hier:

U gebruikt een verouderde webbrowser, wij raden u aan over te schakelen naar een van onderstaande moderne internetbrowsers.