Iedereen mag zelf beslissen over behandeling of zorg. U moet toestemming geven voordat u zorg of een behandeling krijgt. Dat staat in de wet. Toch zijn er een paar uitzonderingen. In speciale gevallen kunt u gedwongen worden behandeld. Wanneer dit mag en op welke manier, staat in de wet. Hierna wordt uitgelegd wanneer gedwongen behandeling mogelijk is.
Een gedwongen behandeling mag alleen als er gevaar is of dreigt. Voor uzelf of voor anderen. Het mag alleen als er geen andere manier is om dit op te lossen. Het gevaar of de dreiging daarvan moet door de psychische stoornis komen.
In de Wet BOPZ staan regels voor de toepassing van dwang. Bijvoorbeeld over welke middelen de zorgverlener mag gebruiken en hoelang. In de wet staat ook dat de zorgverlener altijd met u moet overleggen. Ook als hij verwacht dat u het niet goed vindt. U kunt zelf ook van tevoren al afspraken maken over toepassing van dwang, zodra het slecht met u gaat. Dit heet een zelfbindingsverklaring.
Ook als u geen psychische stoornis heeft, is tijdelijke dwang soms nodig. Als er sprake is van gevaar. Het kan bijvoorbeeld dat u na een operatie in de war bent. En dat daarom het gevaar bestaat dat u het infuus uit uw arm trekt of uit bed valt. Dan beslist de arts of er een dwangmiddel moet worden toegepast. Zoals het vastmaken van uw armen. In de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO) staat dat dit kortdurend mag.
Soms is er sprake van een ernstige bedreiging van de volksgezondheid. Dan mag iemand ook gedwongen worden behandeld. Bijvoorbeeld om een levensbedreigende epidemie te voorkomen. Dit staat in de Infectieziektenwet.
Bent u niet tevreden? Heeft u nog vragen of twijfels? Vertel dit dan aan uw zorgverlener of zijn of haar leidinggevende. Zij weten vaak het meest over uw situatie. En ze kunnen vaak het snelste een oplossing of een antwoord geven.
Kunt u de zorgverlener zelf niet spreken? Of heeft u na een gesprek nog steeds vragen en twijfels? Bespreek het dan met een ondersteuner bij de zorgaanbieder of bij Zorgbelang.