Voor iedereen die met een regeling via de BOPZ niet vrijwillig is opgenomen, bestaat er een mogelijkheid om te klagen bij de BOPZ-klachtencommissie. De BOPZ-klachtencommissie behandelt BOPZ-klachten. Dit zijn klachten die gaan over beslissingen om toe te passen. Bijvoorbeeld het toedienen van medicijnen tegen uw wil of separatie. Ook als u vindt dat u ten onrechte wilsonbekwaam bent verklaard of u bent het niet eens met het behandelplan, kunt u een klacht indienen. Naasten zoals ouders en medepatiënten, kunnen ook een klacht indienen bij de BOPZ-klachtencommissie. De klachtenregeling en het adres van de BOPZ-klachtencommissie kunt u bij de instelling opvragen.
De klachtencommissie moet uw klacht behandelen binnen een termijn van twee of vier weken. De kortere termijn geldt als u klaagt over een maatregel of beslissing die op dat moment nog wordt toegepast. De klachtencommissie kan de beslissing van de waarover u klaagt tijdelijk ongedaan maken (schorsen) en deze eventueel zelf opdragen om opnieuw een beslissing te nemen over het behandelplan of het behandelplan anders op te stellen. De uitspraak van de klachtencommissie is voor de zorgverlener of instelling bindend. Deze moet zich er dus aan houden.
Als de commissie niet tijdig een beslissing neemt of de klacht ongegrond verklaart, kunt u zelf een verzoek bij de rechter in dienen om de klacht te behandelen. U kunt ook een verzoek bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg indienen om dit aan de rechter te vragen. De inspecteur is niet verplicht dit te doen.