Een verloskundige begeleidt zwangere vrouwen voor, tijdens en na hun bevalling, en steeds vaker ook al voor de zwangerschap. Zij is verantwoordelijk voor de gezondheid van moeder en kind. Verder biedt ze de vrouw (en haar partner) informatie en ondersteuning.
De verloskundige is in de eerste plaats een medisch deskundige. Zij begeleidt en controleert moeder en kind tijdens zwangerschap en kraambed. Op grond van haar medische kennis is de verloskundige in staat om de juiste onderzoeken te doen, adviezen te geven en om te beslissen wanneer ze een vrouw moet doorverwijzen naar een gynaecoloog of andere specialist.

Maar een verloskundige is meer dan een medisch deskundige; zij is ook een coach tijdens de hele zwangerschapsperiode. In haar rol van coach is de verloskundige iemand die goed bereikbaar is en die tijd uittrekt voor haar cliënten. Zij is een bron van informatie op allerlei gebieden, van tot het regelen van kraamzorg. Daarnaast is zij een vertrouwenspersoon. Een goede vertrouwensband tussen cliënt en verloskundige kan het verschil uitmaken tussen een positief of negatief ervaren bevalling. Ook bij de begeleiding tijdens de zwangerschap is die vertrouwensband belangrijk, bijvoorbeeld wanneer er intieme of moeilijke kwesties rondom de zwangerschap moeten worden besproken.
De opleiding en de bevoegdheden van de verloskundige zijn gebaseerd op de (Wet BIG). In deze wet zijn zaken geregeld als vaardigheden en bevoegdheden van verloskundigen.
Sedert 1 januari 2006 is het Kwaliteitsregister Verloskundigen voor aanmelding geopend. Verloskundigen die hierin geregistreerd staan, werken volgens de standaarden en overige richtlijnen van de beroepsgroep en zorgen dat hun kennis en vaardigheden op peil blijven.
Tekst: Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV)
Laatste wijziging: 18 juni 2009