Een verloskundige geeft informatie en begeleiding rondom de zwangerschap in verschillende stadia:
Het kinderwensspreekuur biedt de zorg die al voor de conceptie wordt gegeven. Het is een nieuw onderdeel in de zorg door verloskundigen dat nu nog niet standaard wordt aangeboden; vrouwen kunnen over dit onderwerp wel zelf contact opnemen met een verloskundige.
Het kinderwensspreekuur heeft twee doelen:
- voorlichting geven om de kans op een gezond kind te vergroten
- risico’s inschatten op mogelijke problemen of afwijkingen
Lees meer over het kinderwensspreekuur op de website van de KNOV.
naar bovenPrenatale zorg is de zorg tijdens de zwangerschap. In deze periode bezoekt de zwangere vrouw de verloskundige tien tot veertien keer; in het begin weinig, tegen het einde steeds vaker. Tijdens de zwangerschap heeft de verloskundige de volgende taken:
- ze let op of de vrouw goed gezond blijft en zich ook emotioneel goed blijft voelen;
- ze houdt in de gaten of het kind in de baarmoeder zich goed ontwikkelt;
- ze geeft voorlichting en advies om te voorkomen dat er iets mis gaat tijdens de zwangerschap;
- ze signaleert het op tijd als er complicaties dreigen en schat in of de vrouw moet worden verwezen naar een gynaecoloog (dit wordt risicoselectie genoemd);
- ze bouwt een vertrouwensrelatie op met de aanstaande ouders.
Rond de 12e week van de zwangerschap vindt laboratoriumonderzoek plaats, dat moet uitwijzen of u stoffen in uw bloed heeft zitten, die schadelijk zijn voor uw ongeboren baby: , , , en andere . Bij een positieve uitslag kunt u dan daarvoor nog tijdens de zwangerschap worden behandeld.
De kosten voor de onderzoeken zijn voor rekening van de AWBZ-verzekering en zijn dus niet van invloed op het verplichte eigen risico popup bij uw eventuele zorgverzekering.
naar bovenNatale zorg is de zorg tijdens de bevalling. De verloskundige houdt vanaf het begin van de bevalling tot en met de de toestand van de moeder en die van de baby in de gaten en grijpt in als dat nodig is. Ze ondersteunt bij het opvangen van de weeën en geeft aanwijzingen bij het persen. Als er complicaties optreden, raadpleegt ze een of laat de vrouw naar het ziekenhuis brengen. Na de geboorte controleert de verloskundige de gezondheid van moeder en kind.
naar bovenPostnatale zorg speelt zich af in de eerste zeven tot tien dagen na de geboorte. De verloskundige bezoekt de vrouw in deze periode zo’n vijf keer om haar en haar partner te begeleiden en ondersteunen. Bovendien speelt ze een belangrijk rol in het opsporen van eventuele complicaties, lichamelijk of psychisch, bij moeder en kind. Hoe eerder problemen worden opgespoord, des te beter kunnen ze worden behandeld. Ook de kraamverzorgende heeft hierin een belangrijke rol. Als zij iets signaleert, bespreekt ze dat met de verloskundige. De verloskundige beslist vervolgens hoe er wordt gehandeld.
De belangrijkste taken van de verloskundige in deze periode zijn:
- de vrouw ondersteunen bij het herstellen van de bevalling, zowel lichamelijk als emotioneel;
- ondersteuning bieden bij de borstvoeding;
- de gezondheid van de baby controleren. Hierbij let de verloskundige niet alleen op lichamelijke kenmerken, maar ook op het gedrag van het kind.

Op de vierde dag na de geboorte (waarbij de dag van geboorte dag telt als dag nul) worden de en uitgevoerd. Meestal zal een medewerker van de hiervoor een afspraak met u maken. Soms doet ook de verloskundige of huisarts de hielprik of het ziekenhuis als uw baby daar nog ligt. Na het afnemen van de hielprik wordt het bloed van uw baby in een laboratorium onderzocht om te zien of het een van de 17 aangeboren ernstige aandoeningen heeft waarop gescreend wordt. Bij een positieve uitslag krijgt u een doorverwijzing naar een kinderarts.
De kosten voor de onderzoeken zijn voor rekening van de AWBZ-verzekering en zijn dus niet van invloed op het bij uw eventuele zorgverzekering.
naar bovenOngeveer zes weken na de bevalling komt de moeder nog een keer langs voor een afsluitende controle. Tijdens dat laatste bezoek bespreken moeder en verloskundige de gang van zaken tijdens de zwangerschap en bevalling en stelt de moeder vragen die ze nog heeft. Als er complicaties zijn geweest, neemt de verloskundige ook met de moeder door wat voor gevolgen die kunnen hebben voor een volgende zwangerschap.
naar bovenTekst: Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV)
Laatste wijziging: 18 juni 2009