
De zorg thuis kan erg intensief zijn. Er kunnen vaak en veel hulpverleners over de vloer komen. Soms zijn medische hulpmiddelen nodig, zoals , bijvoorbeeld voor pijnmedicatie of zijn er aanpassingen in huis nodig om de zorg zo lang mogelijk en zo veilig mogelijk thuis te kunnen blijven geven. Als de patiënt dit wenst, zal iedereen zich inzetten om de speciale zorg die in deze laatste fase nodig is, zo lang mogelijk thuis te geven.
Soms wordt de zorg thuis voor de patiënt en naaste te zwaar en moet in de laatste fase gekozen worden voor een opname in een instelling, zoals een of verpleeghuis. Het is voor alle betrokkenen moeilijk dat zo’n ingrijpende verhuizing nog nodig is. Een naaste kan het gevoel hebben te falen omdat de patiënt niet thuis kan sterven. Ervaringen van anderen in gelijke situaties laten zien dat men achteraf opgelucht is als alles goed is verlopen en men nog lang op andere wijze voor de patiënt heeft kunnen zorgen. Goed overleg en samen beslissingen nemen is hierbij belangrijk.
Bij patiënten die zeer intensieve verpleging nodig hebben of afhankelijk zijn van speciale medische apparatuur kan het nodig zijn te kiezen voor opname in een instelling, bijvoorbeeld een ziekenhuis, verpleeghuis of .
De zorg moet voldoen aan bepaalde voorwaarden en kwaliteitseisen, ongeacht waar de zorg wordt gegeven.
Wil palliatieve zorg thuis slagen dan is de aanwezigheid van mantelzorg in de vorm van familie, vrienden, buren of vrijwilligers van groot belang. Daarnaast zijn behoud van autonomie, communicatie en afstemming, veiligheid, hulpmiddelen en voorzieningen, privacy, rust en sociale contacten belangrijk bij palliatieve terminale zorg, ongeacht de situatie waarin deze zorg plaatsvindt.
Belangrijke voorwaarde voor het goed verlopen van vooral de laatste periode thuis is de aanwezigheid van iemand. Vaak is dit de partner, daarbij ondersteund door kinderen en familieleden. Soms is dit om allerlei redenen niet mogelijk. Bijvoorbeeld wanneer naasten te oud zijn, zelf gezondheidsklachten hebben, al iemand anders verzorgen, te ver weg wonen, een eigen gezin hebben of omdat men bang is problemen op het werk te krijgen of zijn werk te verliezen. Het komt ook voor dat een partner of familielid de zorg niet op zich wil nemen, bijvoorbeeld door slechte familieverhoudingen. Soms is het dan nodig te kiezen voor opname in een gespecialiseerde palliatieve instelling, zoals een Bijna-Thuis-Huis, hospice of een verzorgingshuis.
Veel mensen geven aan de zorg zwaar te vinden. Als de laatste fase lang duurt, kunnen emotionele en lichamelijke uitputting optreden. Het is belangrijk om al in een vroegtijdig stadium te bekijken in hoeverre een beroep kan worden gedaan op buren, vrienden, vrijwilligers of professionele hulpverleners. Ook kan de inzet van technologie en hulpmiddelen een bijdrage leveren aan het volhouden van de zorg.
naar bovenAutonomie heeft te maken met ‘keuzes kunnen maken voor’ en met ‘de regie kunnen voeren over’ het eigen leven, de behandeling en de zorgverlening. Informatie en een respectvolle bejegening spelen hierbij een belangrijke rol.
naar bovenCommunicatie is een belangrijk aspect in de zorgverlening.
Communicatie is soms een probleem, omdat hulpverleners en patiënten of hulpverleners onderling niet dezelfde taal spreken. Het kan helpen de communicatie tussen hulpverlener en patiënt te verbeteren door bijvoorbeeld steeds na te gaan of de patiënt de informatie goed begrijpt, door de patiënt te laten vertellen wat hij gehoord heeft. Een goede coördinatie van de zorgverlening is ook belangrijk. Voor de patiënt en naaste moet duidelijk zijn wie wat doet.
naar bovenVeiligheid heeft vooral te maken met het altijd een beroep durven en kunnen doen op deskundige en meelevende hulpverleners. Hiermee kan de resterende energie aan andere belangrijke dingen worden besteed, zoals aan het samenzijn met dierbaren of het afscheid nemen van het leven.
naar bovenOm goede palliatieve zorg te kunnen geven is het vaak nodig dat de omgeving moet worden aangepast. Dit betekent dat de juiste, op individuele problemen afgestemde hulpmiddelen moeten worden aangevraagd. Bijvoorbeeld bij bedlegerige patiënten kan, voor het bevorderen van het comfort, een goed in hoogte te verstellen bed met anti matras nodig zijn. Tevens moet een kamer goed te luchten zijn. Voor niet bedlegerige patiënten is het belangrijk dat een toilet en wasvoorziening goed toegankelijk zijn (bijvoorbeeld op dezelfde etage)
naar bovenLaatste wijziging: 3 april 2008