
Veel mensen vinden het min of meer vanzelfsprekend voor een naaste te zorgen. Deze zorg noemen wij mantelzorg of informele zorg. Het is zorg voor een ander, met wie je een persoonlijke relatie hebt, bijvoorbeeld voor een partner, ouder, broer of zus, vriend(in), buurvrouw of buurman.
Mantelzorgers (naasten) doen huishoudelijke taken, bieden hulp bij de lichamelijke verzorging, verrichten soms verpleegkundige handelingen en zijn vaak een soort spil in de zorg. Veel mantelzorgers hebben door hun persoonlijke relatie met de patiënt (en het gezin) een sterke band. Een band die verder gaat dan huishoudelijke taken en lichamelijke verzorging. Zij steunen als het moeilijk is, moedigen aan, luisteren en zoeken (samen met professionele hulpverleners en vrijwilligers) naar datgene wat verlichting kan geven. Ze zijn er voor de ander; niet zelden vanaf het begin tot aan het einde.
Soms is het goed stil te staan bij het zorgen voor de ander. Het is belangrijk niet onder morele druk of het oordeel van anderen de zorg op te nemen. Het is van belang dat mantelzorgers met anderen in hun omgeving en met eventuele professionele zorgverleners afspreken hoeveel zorg zij willen en kunnen geven. Zij moeten zich afvragen:
- kan ik de zorg (nog) aan?
- wil ik (nog) zorgen?
- weet ik voldoende?
Er kan behoefte zijn aan een gesprek hierover. Dit kan bijvoorbeeld met een ‘collega’ mantelzorger; iemand die in een vergelijkbare situatie verkeert. Via het steunpunt mantelzorg kan een mantelzorger in contact komen met een collega mantelzorger
Het geven van mantelzorg kan te zwaar worden en de problemen te omvangrijk waardoor het (eigen) huishouden, de zorg voor kinderen of het werk in de knel kunnen komen. De verzorging kan dan ten koste gaan van de gezondheid van de mantelzorger. Is dit het geval dan is het verstandig om hulp te zoeken bij de huisarts of wijkverpleegkundige. Ook kan het steunpunt mantelzorg hulp bieden. Daar kan de mantelzorger informatie krijgen, cursussen volgen of contact hebben met lotgenoten. Er bestaan ook mogelijkheden om de zorg tijdelijk over te dragen aan anderen om zelf even “bij te tanken”. Voorkomen is beter dan genezen.
Veelal op initiatief van provincies of zorgaanbieders zijn verschillende zorgvoorzieningen ontwikkeld voor tijdelijke overname van de zorg door naasten (bijvoorbeeld dagopvang, crisisopvang in verpleeghuizen of in hospicevoorzieningen). Dit wordt ook wel respijtopname genoemd.
Laatste wijziging: 3 april 2008