Uitleg scoreberekening kwaliteitskaart thuiszorg
De ervaringen van cliënten worden weergegeven in sterren. Elke twee jaar houden thuiszorgorganisaties een uitgebreide enquête onder cliënten. Hierin geven cliënten hun mening over de zorg die zij krijgen. Bijvoorbeeld of ze inspraak hebben, of er genoeg privacy is en of ze vriendelijk behandeld worden. Over deze resultaten is een berekening toegepast die resulteert in een score.
- Altijd geldt dat hoe meer sterren er blauw gekleurd zijn, hoe beter de zorgorganisatie presteert.
- De sterrenscores zijn relatieve scores. Dat wil zeggen dat er is gekeken hoe goed de zorgorganisatie scoort vergeleken bij andere zorgorganisaties: gemiddeld, (veel) beter dan het gemiddelde of (veel) slechter dan het gemiddelde.
Voor het berekenen van de hoeveelheid blauwe sterren zijn het gemiddelde en het betrouwbaarheidsinterval van belang. Het betrouwbaarheidsinterval zegt iets over de betrouwbaarheid van de uitkomst. Bijvoorbeeld: de gemiddelde score is een 3 en het 95% betrouwbaarheidsinterval ligt tussen de 2,2 en 3,8. Dit wil zeggen dat we met 95% zekerheid kunnen zeggen dat de gemiddelde score ligt tussen 2,2 en 3,8. Hoe kleiner dit interval, des te betrouwbaarder het resultaat.

Afbeelding van het betrouwbaarheidsinterval
Op basis van de uitkomsten is een gemiddelde score berekend, een gemiddelde van de bovengrens en een gemiddelde van de benedengrens. De sterren worden bij de ervaringen cliënten berekend naar de positie van de score inclusief betrouwbaarheidsinterval:
- als de score inclusief interval boven de gemiddelde bovengrens van de intervallen ligt, krijgt de organisatie vijf sterren;
- als de score inclusief interval wel boven het gemiddelde ligt maar niet boven de bovengrens van de intervallen krijgt de organisatie vier sterren enzovoorts.
Bij kleine thuiszorgorganisaties kan de invloed van ‘toeval’ heel groot zijn. Kleine aantallen metingen (score gebaseerd op 1 meting) leveren sneller extreme en sterk schommelende waarden op dan metingen over grote aantallen (score is gebaseerd op 45 metingen). Dit heeft waarschijnlijk niet te maken met de kwaliteit van zorg. Voor het verschil in aantal metingen wordt gecorrigeerd met de ‘Empirical Bayes’-methode. Deze methode houdt bij de berekening van de indicatorwaarde rekening met het aantal waarnemingen en het landelijk gemiddelde.
Ga terug naar de (uitleg van de) kwaliteitskaart