Direct naar inhoud
www.kiesBeter.nl gebruikt analytische cookies om het gebruik van de website te analyseren en daarmee de website te kunnen verbeteren. Lees meer over cookies en hoe u cookies kunt uitschakelen. Sluiten

Anticonceptie: middelen met hormonen

In welke voorbehoedsmiddelen zitten hormonen?

Er zijn veel anticonceptiemiddelen die hormonen bevatten. De verschillende middelen kunnen worden ingedeeld in twee groepen:

  • Middelen met oestrogeen en progestageen.
  • Middelen met progestageen.

Er zijn verschillende soorten oestrogeen en verschillende soorten progestageen. In anticonceptiemiddelen zit vaak het oestrogeen ethinylestradiol en het progestageen levonorgestrel of desogestrel. Deze hormonen zijn synthetisch. Ze worden gemaakt in het laboratorium.

Anticonceptiemiddelen met oestrogeen en progestageen

De vrouwelijke hormonen oestrogeen en progestageen zorgen ervoor dat:

  • Er geen eicel vrijkomt.
  • De baarmoederwand minder slijm aanmaakt. Dan kan een bevrucht eitje zich niet nestelen.
  • Het slijm in de baarmoederhals dikker wordt. Dan kunnen zaadcellen minder makkelijk in de baarmoeder komen.

Tot deze groep behoren de:

  • Anticonceptiepil
    U slikt de pil dagelijks, steeds drie weken achter elkaar. Daarna is de stopweek. In die week wordt u ongesteld (menstruatie). Naast de ‘gewone’ pil (ook wel: combinatiepil of éénfasepil) zijn er pillen waarin de hoeveelheid oestrogeen en progestageen niet iedere dag hetzelfde is. Deze twee-, drie- of meerfasenpillen sluiten beter aan bij uw natuurlijke cyclus. Het is wel belangrijk dat u de pillen in de goede volgorde slikt.
    Lees meer over de anticonceptiepil
  • Anticonceptiepleister
    Iedere week plakt u een nieuwe pleister op uw huid. Na drie weken is de stopweek. In deze week wordt u ongesteld.
    Lees meer over de anticonceptiepleister.
  • Anticonceptie-ring
    De anticonceptie-ring plaatst u in de vagina. Tijdens het vrijen kunt u de ring misschien voelen, maar verder hebt u er geen last van. U draagt de ring drie weken. Daarna is er een stopweek, waarin u ongesteld wordt. Vervolgens brengt u weer een nieuwe ring in.
    Lees meer over de anticonceptie-ring.

Anticonceptiemiddelen met progestageen

Het vrouwelijke hormoon progestageen zorgt ervoor dat:

  • Er geen eicel vrijkomt.
  • Het slijm in de baarmoederhals dikker wordt. Dan kunnen zaadcellen er minder makkelijk doorheen komen.

Deze groep bestaat uit:

  • Anticonceptiestaafje (hormoonstaafje)
    De (huis)arts plaatst het anticonceptiestaafje in de bovenarm, onder de huid. Het staafje kan drie jaar blijven zitten. Daarna moet het vervangen worden.
    Lees meer over het anticonceptiestaafje.
  • Hormoonspiraal
    De arts plaatst een kunststof draadje in uw baarmoeder. Daar geeft het draadje (spiraal) progestageen af. De spiraal kan vijf jaar blijven zitten.
    Lees meer over de hormoonspiraal.
  • Minipil
    U slikt iedere dag dezelfde anticonceptiepil. Er is geen stopweek.
    Lees meer over de minipil.
  • Prikpil
    De huisarts geeft u iedere twaalf weken een injectie met het vrouwelijke hormoon progestageen.
    Lees meer over de prikpil.

Wat zijn de voordelen van anticonceptiemiddelen met twee hormonen? En de nadelen?

Voordelen:

  • Betrouwbaar.
  • Ongesteldheid (menstruatie) vermindert meestal: minder bloedverlies, minder pijn.
  • U kunt ongesteldheid uitstellen door de stopweek over te slaan.

Nadelen:

  • De pil moet u iedere dag innemen. Bij de pleister moet u wekelijks en bij de ring maandelijks aan uw anticonceptie denken.
  • Kans op bijwerkingen, zoals misselijkheid en gespannen borsten.
  • Beschermt niet tegen soa’s.
  • Verhoogde kans op aandoeningen als trombose en hart- en vaatziekten.
  • Gaat niet samen met borstvoeding.

Wat zijn de voordelen van anticonceptiemiddelen met alleen progestageen? En de nadelen?

Voordelen:

  • Betrouwbaar.
  • Ongesteldheid wordt minder, blijft soms zelfs helemaal weg.
  • Werken langere tijd (met uitzondering van de minipil).
  • Gaat samen met borstvoeding.
  • Er is geen risico op trombose en hart- en vaatziekten, zoals bij de middelen met twee soorten hormonen.

Nadelen:

  • Kans op bijwerkingen, zoals misselijkheid en gespannen borsten.
  • In het begin treedt onregelmatig bloedverlies op (‘spotting’).
  • Beschermt niet tegen soa’s.
  • De minipil moet u iedere dag innemen.
Deze pagina is voor het laatst gewijzigd op 25 oktober 2016.

Deel deze pagina via: