Direct naar inhoud
www.kiesBeter.nl gebruikt analytische cookies om het gebruik van de website te analyseren en daarmee de website te kunnen verbeteren. Lees meer over cookies en hoe u cookies kunt uitschakelen. Sluiten

Onderzoeken tijdens de zwangerschap

Als u voor het eerst bij de verloskundige komt, stelt deze veel verschillende vragen. Bijvoorbeeld wanneer u voor het laatst ongesteld was. Ook wil ze weten of u gezond bent. En of u al eerder zwanger bent geweest. Door uw antwoorden krijgt de verloskundige een goed beeld van uw situatie. Zo kan zij bepalen of u extra zorg nodig hebt. Als u zelf niet gezond bent, stuurt ze u waarschijnlijk door naar de gynaecoloog in het ziekenhuis. Als er bepaalde ziekten in uw familie voorkomen, legt de verloskundige uit dat erfelijkheidsonderzoek mogelijk is.

Daarnaast rekent de verloskundige uit wanneer u ongeveer zult bevallen. Hiervoor maakt zij een ‘termijnecho’. Met behulp van geluidsgolven wordt het embryo zichtbaar op een beeldscherm. Op de echo is ook te zien of het hartje klopt en of het om één kind of een meerling gaat.

Lees meer over het echo-onderzoek tijdens de zwangerschap.

Standaardcontroles tijdens de zwangerschap

Daarna komt u regelmatig op controle. Hoe dichter u bij de bevalling komt, hoe vaker er controle is. Tijdens de controles doet de verloskundige lichamelijk onderzoek:

  • De verloskundige bekijkt en bevoelt uw buik. Zo kan ze nagaan of het kind goed groeit.
  • De verloskundige meet uw bloeddruk. Een te lage of te hoge bloeddruk kan problemen veroorzaken.
  • Vanaf de derde maand luistert de verloskundige naar de hartslag van het kindje.
  • Aan het eind van de zwangerschap controleert de verloskundige of het kind goed ligt (met het hoofd naar beneden). En of het is ingedaald (met het hoofd in het bekken).

Prenatale screening bij verhoogde kans op aangeboren afwijking

Naast de gewone controles kunt u een aantal aanvullende onderzoeken laten doen. De onderzoeken maken duidelijk of uw kind een verhoogde kans heeft op een aangeboren afwijking of aandoening. Bijvoorbeeld een open ruggetje of het syndroom van Down. Samen heten deze onderzoeken ook wel  prenatale screening.

Kiezen voor wel of geen screening kan lastig zijn. Het is belangrijk dat uw keuze past bij uw eigen gevoel en levensopvatting. Voorafgaand aan de screening krijgt u een uitgebreid gesprek met uw verloskundige, huisarts of gynaecoloog.

Als de screening duidelijk maakt dat er een verhoogd risico is, krijgt u de vraag of u ook prenatale diagnostiek wilt laten doen.

Prenatale diagnostiek bij verhoogd gezondheidsrisico voor het ongeboren kind

Prenatale diagnostiek is iets anders dan prenatale screening. Prenatale screening berekent de kans dat er iets mis is met uw kind. Met prenatale diagnostiek wordt onderzocht of uw kind ook echt een afwijking of aandoening heeft.

Prenatale diagnostiek is alleen mogelijk als er een duidelijke aanleiding voor is. Bijvoorbeeld als een bepaalde aandoening in uw familie voorkomt of als u schadelijke medicijnen gebruikt. Of als de prenatale screening er aanleiding toe geeft.

Richtlijnen voor goede zorg tijdens de zwangerschap

Voor zwangere vrouwen en hun naasten

Professionele richtlijnen (medische vaktaal)

Lees ook op KiesBeter over onderzoek bij

met richtlijnen voor goede zorg.

Deze pagina is voor het laatst gewijzigd op 14 mei 2018.

Deel deze pagina via: