Direct naar inhoud
www.kiesBeter.nl gebruikt analytische cookies om het gebruik van de website te analyseren en daarmee de website te kunnen verbeteren. Lees meer over cookies en hoe u cookies kunt uitschakelen. Sluiten

Bevalling

Belangrijke thema's bij Bevalling:

In Nederland zijn veel verschillende zorgverleners betrokken bij de geboortezorg. Binnen een regio werken zij samen in een Verloskundig Samenwerkingsverband (VSV). Hierin zitten onder meer verloskundigen, kraamverzorgenden, huisartsen, ziekenhuizen, gynaecologen en kinderartsen.

Afspraken over geboortezorg

In Nederland zijn afspraken gemaakt over hoe geboortezorg eruit moet zien. Zo weten alle zorgverleners wat zij op welk moment moeten doen. De veiligheid van moeder en kind staat voorop. De afspraken staan in de Zorgstandaard Integrale Geboortezorg. Enkele belangrijke afspraken zijn:

  • De zwangere vrouw krijgt goede voorlichting en begeleiding.
  • De zwangere vrouw heeft een vast aanspreekpunt. Meestal is dit de verloskundige of gynaecoloog. Hier kan zij terecht met al haar vragen.
  • Alle zorgverleners werken zo goed mogelijk samen.

Wat mag u nog meer mag verwachten van goede geboortezorg? Lees het in de Cliëntenversie van de Zorgstandaard Integrale Geboortezorg.

Verberg

Een bevalling is spannend en bijzonder. Na al die maanden wordt uw kindje geboren. Als alles goed gaat kunt u de baby eindelijk zien en vasthouden. Dat is een onvergetelijk moment.

Helaas zitten er ook minder leuke kanten aan een bevalling. Het kan lang duren. Bevallen kan pijn doen. En soms gaat er iets mis. Van tevoren is niet te voorspellen hoe de bevalling zal verlopen. U weet niet goed wat u te wachten staat. Misschien maakt dat u zenuwachtig en onzeker.

U kunt veel zelf doen om u goed op een bevalling voor te bereiden. Er is veel informatie te vinden. Met uw verloskundige kunt u bespreken hoe en waar u wilt bevallen. Er zijn zwangerschapscursussen die u voorbereiden op de bevalling. U kunt op zwangerschapsgym of zwangerschapsyoga. Door informatie te verzamelen weet u beter welke mogelijkheden er zijn en wat er allemaal kan gebeuren. Zo krijgt u een beter idee van de situatie.

Bekijk de brochure: Jouw bevalling: hoe bereid je je voor?

Lees de brochure: Vertrouw op jezelf en maak je eigen keuzes.

In een geboorteplan kunt u van tevoren uw wensen en verwachtingen over de bevalling opschrijven. Bijvoorbeeld hoe u wilt bevallen. En of u pijnbestrijding wilt. En ook waar u wilt bevallen. Zo’n geboorteplan heet ook wel een bevalplan. U stelt het samen met uw verloskundige of gynaecoloog op. Die heeft ervaring en kan met u meedenken. Tijdens de bevalling houden de zorgverleners die u helpen zoveel mogelijk het geboorteplan.

Lees meer over het geboorteplan.

Het geboorteplan of bevalplan is een onderdeel van het individueel geboortezorgplan. Hierin staan alle afspraken over de zorg tijdens zwangerschap, bevalling en kraamtijd. Bijvoorbeeld wanneer u op controle moet en wanneer u een echo krijgt. Eigenlijk is het een soort medisch dossier. U kunt het altijd inzien.

Verberg

Verloopt de zwangerschap normaal en bent u bij de verloskundige onder controle? Dan kunt u zelf kiezen of u thuis bevalt of in een geboortecentrum. Dat laatste is een soort hotel waar veel medische zorg aanwezig is. U mag ook in het ziekenhuis bevallen, onder begeleiding van uw eigen verloskundige. Al deze plekken zijn even veilig.

Voor het geboortecentrum of het ziekenhuis betaalt u wel een eigen bijdrage. Dit is onder meer voor het gebruik van de verloskamer.

Lees meer over de eigen bijdrage bij bevallen in het ziekenhuis of het geboortecentrum.

Wordt u tijdens de zwangerschap begeleid door een gynaecoloog? Of zijn er complicaties (problemen) tijdens de zwangerschap of de bevalling? Dan bevalt u in het ziekenhuis. Een ziekenhuisbevalling is dan medisch noodzakelijk. Bijvoorbeeld vanwege een stuitligging. Of omdat u hoge bloeddruk hebt. Of omdat u 2 weken na de uitgerekende datum nog niet bevallen bent. In dat laatste geval kan het nodig zijn om de bevalling ‘in te leiden’. De gynaecoloog zorgt er dan voor dat de weeën beginnen.

Soms wordt pas tijdens de bevalling duidelijk dat iemand naar het ziekenhuis moet. De verloskundige weet wanneer het nodig is om naar het ziekenhuis te gaan. Zij zal u op tijd daarheen sturen.

Als bevallen in het ziekenhuis medisch noodzakelijk is, hoeft u geen eigen bijdrage te betalen. Maar dus wel als u bij voorbaat al heeft gekozen voor bevallen in het ziekenhuis.

U kunt bijvoorbeeld hier een ziekenhuis zoeken om te bevallen.

Lees meer informatie over nog zwanger zijn voorbij de uitgerekende datum.

Verberg

Hulp bij bevallen thuis

De meeste vrouwen krijgen hulp van een verloskundige. Deze komt bij u thuis. Of ze gaat mee naar het ziekenhuis of geboortecentrum. Bij een thuisbevalling is ook een kraamverzorgende aanwezig. Zij helpt de verloskundige. En zij verzorgt u en uw baby na de bevalling.

Lees meer over begeleiding door de verloskundige.

Lees meer over het werk van de kraamverzorgende.

Hulp bij bevallen in het ziekenhuis

Moet u vanwege medische problemen (of kans daarop) bevallen in het ziekenhuis? Dan krijgt u tijdens de bevalling begeleiding van een verloskundige van het ziekenhuis of van een gynaecoloog. Kiest u zelf voor een bevalling in het ziekenhuis? Dan gaat uw eigen verloskundige mee.

Lees meer over het werk van de gynaecoloog.

Bij bevallingen in het ziekenhuis is ook een kraamverpleegkundige aanwezig. Dit heet ook wel een verpleegkundige obstetrie. Zij helpt bij de bevalling en verzorgt u en uw baby na de bevalling.

U kunt ook een doula inhuren. Zij biedt niet-medische begeleiding. Ze is een soort coach tijdens de zwangerschap en bevalling. Deze hulp wordt meestal niet vergoed door de zorgverzekering.

Lees meer over het werk van doula’s.

Vind een doula via de Nederlandse beroepsvereniging.

 

Verberg

Een bevalling doet pijn. Daarvoor kunt u pijnstilling krijgen. Maar in eerste instantie maken weinig vrouwen daar gebruik van. Het lichaam maakt stoffen aan die ervoor zorgen dat u met de pijn kunt omgaan. Ook zijn er allerlei methodes die helpen de pijn op te vangen. Bijvoorbeeld massage of in bad gaan.

Maar u kunt dus ook medicijnen tegen de pijn krijgen. Het gaat dan niet om gewone pijnstillers. Die hebben namelijk ook invloed op de baby. U krijgt speciale medicijnen via een ruggenprik, injectie of pompje. Hiervoor moet u naar het ziekenhuis. In een geboortecentrum kunt u wel lachgas krijgen.

Praat van tevoren met uw verloskundige of gynaecoloog over pijnstilling. U weet dan wat er mogelijk is. Goede informatie vindt u ook in de Behandelkeuzehulp pijn bij de bevalling. Waarschijnlijk wordt pas tijdens de bevalling duidelijk of u pijnstilling wilt. U kunt dan een beslissing nemen.

Lees meer over het omgaan met pijn bij de bevalling.

Bekijk de film over pijn tijdens de bevalling.

Lees informatie over pijnstilling tijdens de bevalling.

Verberg

Tijdens de bevalling staat er veel druk op de vagina. Soms is die druk zo groot, dat de huid en het onderliggende weefsel scheurt. Dit heet een ruptuur. Maar de meeste mensen noemen het uitscheuren. Soms loopt de scheur door tot aan de anus. Dan is sprake van een totaalruptuur. De verloskundige of gynaecoloog kan een totaalruptuur soms voorkomen door de vagina een stukje open te knippen. De meeste mensen noemen dit inknippen.

Van het inscheuren merken de meeste vrouwen op het moment zelf niets. Direct na de bevalling wordt u gehecht. Dat gebeurt ook als u bent ingeknipt. Later kan de wond pijn gaan doen. U krijgt dan pijnstillers. Bij een totaalruptuur krijgt u ook antibiotica om infectie te voorkomen. Het duurt gemiddeld 4 tot 6 weken tot de wond genezen is.

Lees tips om uitscheuren te voorkomen.

Lees meer over totaalruptuur.

Lees meer over het verzorgen van de hechtingen.

Sommige vrouwen houden klachten na een totaalruptuur. Ze hebben bijvoorbeeld moeite om winden op te houden. Oefeningen voor de bekkenbodem kunnen dan helpen. Hiervoor gaat u naar een speciale fysiotherapeut.

Lees meer over bekkenbodemklachten na de bevalling.

Lees meer over bekkenfysiotherapie en bevalling.

Na een totaalruptuur kunt u bij een volgende zwangerschap wel weer ‘gewoon’ bevallen. Alleen is het risico op een nieuwe (totaal)ruptuur dan wel iets groter. Maakt u zich zorgen hierover? Bespreek het dan met uw verloskundige of gynaecoloog. Dan kunt u samen beslissen wat het beste is.

Verberg

Bij de geboorte komt het hoofdje meestal eerst naar buiten. Al een paar weken voor de geboorte draait de baby in de baarmoeder met het hoofdje naar beneden. Maar dit gebeurt niet altijd. Sommige baby’s liggen met hun billen of benen naar beneden. Dit heet stuitligging.

Een stuitligging kan gevaarlijk zijn tijdens de bevalling. Misschien krijgt het kindje niet voldoende zuurstof. Ook kan de bevalling zwaarder zijn.

Lees meer over stuitligging.

De verloskundige kan proberen het kindje te draaien in de baarmoeder. Dit heet versie. De verloskundige duwt tijdens de versie heel hard tegen uw buik. Dat kan pijnlijk zijn. U kunt ook afwachten. Soms draait het kindje nog uit zichzelf om.

De verloskundige bespreekt de voordelen en nadelen van versie met u. Daarna beslist u of u het kindje wilt laten draaien. De Behandelkeuzehulp versie bij stuitligging kan u helpen om een besluit te nemen.

Lees meer over het draaien van de baby bij stuitligging.

De geboorte van een kind in stuitligging heet stuitbevalling. U kunt zelf kiezen op welke manier u wilt bevallen. Dit kan via een keizersnede of via een gewone, vaginale bevalling. U moet wel in het ziekenhuis bevallen. De gynaecoloog kan dan direct ingrijpen als er iets misgaat. Tijdens een vaginale bevalling blijkt soms dat toch een keizersnede nodig is. Dit gebeurt bij ongeveer 45 op de 100 vrouwen.

De gynaecoloog bespreekt de twee verschillende mogelijkheden met u. Zij legt uit wat de voordelen en nadelen zijn. Daarna neemt u een beslissing. U kunt de Behandelkeuzehulp stuitbevalling gebruiken om samen met uw gynaecoloog een keuze te maken.

Lees meer over stuitligging en stuitbevalling.

Verberg

Ook wel: sectio caesara

Een keizersnede is een buikoperatie. De gynaecoloog maakt een snee in uw buik en haalt het kindje uit de baarmoeder. Een keizersnede is een zware en risicovolle operatie. Daarom gebeurt het alleen bij medische noodzaak. Dat is veiliger voor u en uw kind.

Soms is van tevoren al bekend dat een keizersnede nodig is. Bijvoorbeeld omdat de placenta (moederkoek) voor het geboortekanaal ligt. Of omdat uw bekken te smal is. Dan bepaalt het ziekenhuis van tevoren het moment van de keizersnede. Dit heet primaire sectio. Op de afgesproken dag en tijd komt u naar het ziekenhuis om te bevallen. Maar vaak is een keizersnede niet gepland (secundaire sectio). Dan blijkt pas tijdens de bevalling dat een keizersnede nodig is.

Veel vrouwen vinden het vervelend dat een keizersnede zo ‘medisch’ is. Ziekenhuizen proberen hier rekening mee te houden. Ze zorgen voor een vriendelijke sfeer in de operatiekamer. Bijvoorbeeld door het licht te dimmen en muziek te draaien. De baby wordt direct op de buik van de moeder gelegd, net als bij een gewone bevalling. Soms kan de baby ook zelf uit de buik kruipen. Dit heet natuurlijke keizersnede (gentle sectio). Deze aanpak is alleen mogelijk bij een geplande keizersnede.

Lees meer over keizersnede.

Het kost tijd om te herstellen van een keizersnede. Misschien kunt u extra kraamzorg krijgen. Vraag dit na bij uw zorgverzekeraar.

Door de keizersnede ontstaat er een litteken in de baarmoeder. Dit levert bij een volgende zwangerschap soms problemen op. Misschien rekt de baarmoeder dan minder goed uit. En er is een klein risico dat het litteken scheurt tijdens de volgende bevalling. Daarom krijgt u tijdens de nieuwe zwangerschap begeleiding van de gynaecoloog. Ook moet u in het ziekenhuis bevallen.

U kunt bij een volgende zwangerschap zelf kiezen op welke manier u gaat bevallen. Dit kan via een keizersnede of op de gewone manier. De gynaecoloog bespreekt de voordelen en nadelen van beide manieren met u. Samen met de gynaecoloog maakt u een keuze. Gebruik hier eventueel de Behandelkeuzehulp baring na keizersnede bij.

Lees meer over bevallen na een eerdere keizersnede.

Verberg

Behandelkeuzehulp pijn bij de bevalling

Deze keuzehulp geeft uitleg over verschillende manieren om pijn bij de bevalling te verlichten. Wat zijn de voordelen en nadelen? Deze informatie van Thuisarts.nl kan u helpen om een bewuste keuze te maken.

Ga naar de behandelkeuzehulp Pijn bij de bevalling

Behandelkeuzehulp baby draaien bij stuitligging

Soms ligt een baby met de billen naar beneden. Dit heet een stuitligging. Een stuitligging kan de bevalling lastiger maken. Daarom kan arts proberen de baby te draaien. Dit heet versie. In deze keuzehulp krijgt u informatie over de voordelen en nadelen van deze behandeling. De keuzehulp kunt u gebruiken om het gesprek met uw arts voor te bereiden. Samen bepaalt u of deze behandeling bij u past.

Ga naar de behandelkeuzehulp versie bij stuitligging

Behandelkeuzehulp stuitbevalling

Bij een stuitligging zijn er twee manieren om te bevallen. Via de vagina of met een geplande keizersnede. In deze keuzehulp krijgt u informatie over de voordelen en nadelen van deze bevallingen. De keuzehulp kunt u gebruiken om samen met uw arts een keuze te maken.

Ga naar de behandelkeuzehulp stuitbevalling

Behandelkeuzehulp baring na keizersnede

Hebt u een keizersnede gehad en bent u opnieuw zwanger? Dan kunt u kiezen tussen een gewone bevalling of een keizersnede. In deze keuzehulp krijgt u informatie over de voordelen en nadelen van deze bevallingen. De keuzehulp kunt u gebruiken om het gesprek met uw arts of verloskundige voor te bereiden. Samen kiest u de bevalling die het best bij u past.

Ga naar de behandelkeuzehulp baring na keizersnede

Zoek en vergelijk zorginstellingen

Bekijk kwaliteit en kies welke zorginstelling het beste bij u past

Lees ook op KiesBeter over

Meer weten over zwangerschap en bevalling?

Bron: KNOV en RIVM

Deze pagina is voor het laatst gewijzigd op 14 mei 2018.

Deel deze pagina via: