Direct naar inhoud
www.kiesBeter.nl gebruikt analytische cookies om het gebruik van de website te analyseren en daarmee de website te kunnen verbeteren. Lees meer over cookies en hoe u cookies kunt uitschakelen. Sluiten

Brandwonden

Belangrijke thema's bij Brandwonden:

Een brandwond ontstaat als de huid beschadigd raakt door warmte, elektriciteit of een chemische stof. Niet alle brandwonden zijn even erg. De ernst hangt onder meer af van de grootte en diepte. Artsen onderscheiden drie soorten brandwonden:

Ook wel: epidermale verbranding

De huid is niet stuk. Wel rood en gezwollen. De verbrande plek doet pijn.

 

Ook wel: dermale verbranding

De wond ziet er nattig en roze/rood uit en glanst. Er kunnen blaren ontstaan. De verbrande plek doet pijn. Er zijn twee soorten tweedegraads brandwonden:

  • Oppervlakkige tweedegraads verbranding
    De bovenste laag van de huid (opperhuid) is weggebrand.
  • Diepe tweedegraadsverbranding
    Ook de volgende huidlaag (lederhuid) is beschadigd. In de wond zijn soms ook witte plekken te zien. De pijn is minder erg dan bij een oppervlakkige verbranding.

 

Ook wel: subdermale verbranding

Het bovenste deel van de huid (opperhuid) en de laag daaronder (lederhuid) zijn weggebrand. U kunt het onderhuids vetweefsel zien. Vaak is dat ook beschadigd. Het ziet er geelwit of bruin uit. De wond is droog en stug. U voelt bijna geen pijn, omdat de uiteinden van de zenuwen ook verbrand zijn.

Soms gaat de verbranding nog dieper. Er is dan ook schade aan spieren, pezen of bot. Dit heet ook wel een vierdegraads verbranding.

Bekijk een filmpje over de verschillende soorten brandwonden.

Verberg
  • Eerstegraads en oppervlakkige tweedegraads brandwonden doen erg pijn. Derdegraadsbrandwonden zijn erger, maar doen geen pijn. Dit komt omdat de zenuwen beschadigd zijn.
  • Iemand met grote brandwonden kan in shock raken. De bloeddruk gaat dan ineens sterk omlaag. Door een shock wordt iemand eerst suf. Daarna kan hij bewusteloos raken. Dit is een levensbedreigende situatie. Iemand die in shock is, moet zo snel mogelijk naar het ziekenhuis.
  • Tweedegraads en derdegraads brandwonden laten littekens na.
Verberg

Brandwonden kunnen verschillende oorzaken hebben. Verbranding door hete vloeistoffen komt het meest voor. Vooral bij kinderen. De huid kan al beschadigd raken bij een temperatuur van 40 graden Celsius.

Lees hoe u kunt voorkomen dat uw kind thuis brandwonden oploopt.

Brandwonden ontstaan opvallend vaak in of om het huis. Een ongeluk zit in een klein hoekje. U kunt een aantal maatregelen nemen om het risico te verlagen.

Bekijk tips voor brandveilig wonen.

Bekijk tips voor een brandveilig studentenhuis.

Verberg
  • Let als hulpverlener allereerst op uw eigen veiligheid!
  • Breng het slachtoffer buiten het gevaarlijke gebied. Maar alleen als dat kan. En kijk of u iets aan de oorzaak kunt doen. Bijvoorbeeld afsluiten van elektra of toevoer van giftige dampen.
  • Doof de vlammen (als die er zijn). Gebruik hiervoor een deken of een stevig stuk stof. Werk van het gezicht naar beneden.
  • Koel de wond. Dit kan bij de kraan. Gebruik zacht stromend lauw water. Richt de straal niet op de wond, maar op de huid erboven. Het water stroomt dan over de wond. Houd de brandwond ongeveer tien minuten onder het stromende water.
  • Zorg dat het slachtoffer niet onderkoeld raakt, vooral kinderen niet. Gebruik daarom lauw water.
  • Een luier moet direct uit.
  • Verwijder loszittende kleding en sieraden. Plakt er kleding aan de wond? Laat die dan zitten en maak het nat.
  • Blijf verder van de wond af. Doe er geen zalf op. Anders kan de arts de wond niet goed beoordelen.
  • Een open wond of blaren kunt u losjes afdekken met een schone (thee)doek, een steriel verband of plastic huishoudfolie.

Lees meer over eerste hulp bij brandwonden.

Verberg

Bel de huisarts of 112 in de volgende gevallen:

  • Als een baby of kind jonger dan 5 jaar een brandwond heeft opgelopen.
  • Als de brandwond groter is dan de hand van het slachtoffer.
  • Bij een tweedegraads verbranding van het gezicht, de handen of geslachtsdelen. De wond ziet roze/rood en is vochtig.
  • Bij een derdegraadsverbranding. De wond ziet geelwit of bruin en doet geen pijn.
  • Als het gaat om een elektrische of chemische verbranding.
  • Bij inademing van rook of hete gassen.
  • Als de klachten na een paar dagen erger worden.
  • Bel ook bij twijfel!

Wilt u iemand met een brandwond naar de huisarts of het ziekenhuis brengen? Laat het slachtoffer dan rechtop zitten.

 

Verberg

De arts bekijkt de wond. Ook vraagt hij wat er gebeurd is. Op die manier probeert hij een zo goed mogelijk beeld te krijgen van de ernst van de verbranding. Een brandwond kan erger zijn dan hij in eerste instantie lijkt. De arts wil meer weten over de oorzaak en de temperatuur. Ook probeert hij erachter te komen hoe lang de inwerktijd op de huid was. En welke eerste hulp er is gegeven.

Het verschilt per soort brandwond wat de beste behandeling is.

Een eerstegraads brandwond geneest vanzelf. U kunt er eventueel verkoelende crème opdoen om de pijn wat te verzachten. Dit helpt ook tegen het uitdrogen van de huid. Gebruik daarvoor geen boter. Dat vergroot de kans op infectie. Binnen een paar dagen zijn de klachten verdwenen.

Een kleine en oppervlakkige tweedegraads brandwond geneest vanzelf. U hoeft er geen verband omheen te doen. Er komt al snel een korst op de wond. Hebt u een brandblaar? De huisarts kan deze doorprikken. Daarna dekt hij de blaar af met een gaasje met vaseline. Daaromheen komt een verband. Binnen een week of twee zijn de klachten verdwenen.

Met grote of diepe tweedegraads brandwonden verwijst de huisarts u door naar het ziekenhuis. Daar wordt de wond eerst schoongemaakt. Daarna krijgt u een verband dat de aanmaak van nieuwe huid stimuleert. Zo’n verband heet ook wel een gelvormende wondbedekker. De verbanden moeten regelmatig vervangen worden. Soms wordt ook een stukje huid (van uzelf of van een donor) op de wond aangebracht.  

Met derdegraads brandwonden wordt u opgenomen in het ziekenhuis. Een derdegraads brandwond kan niet van binnenuit genezen. Daarom is bijna altijd een huidtransplantatie nodig. Hiervoor moet u een operatie ondergaan. Soms zijn meerdere operaties nodig. De behandeling duurt vaak lange tijd.

Na de behandeling kunnen littekens ontstaan. Littekens voelen vaak pijnlijk en strak aan. Ook kunnen ze jeuken. Misschien kunt u bepaalde bewegingen niet meer maken door een litteken. Soms vallen de littekens erg op. Ze zijn dan dik en bobbelig.

Uw arts probeert de vorming van (onregelmatige) littekens tegen te gaan. Bijvoorbeeld met behulp van drukkleding en speciale pleisters. Ook helpt het om de genezende huid vochtig te houden met een hydraterende zalf. Huidtherapie kan de klachten wat verlichten. Soms kan een plastisch chirurg de littekens verwijderen.

Lees wat een huidtherapeut kan doen bij littekens van brandwonden.

Verberg

Het ziekenhuis kan u doorverwijzen naar een brandwondencentrum. Die zitten in Beverwijk, Groningen en Rotterdam. De centra zijn gespecialiseerd in de behandeling van ernstige brandwonden. U krijgt begeleiding van verschillende soorten artsen en zorgverleners. Er is ook aandacht voor het leven na de behandeling. U kunt bijvoorbeeld hulp krijgen bij uw terugkeer in de maatschappij.

De arts in het ziekenhuis legt aan u uit waarom doorverwijzing wel of niet nodig is. Vaak hebben het ziekenhuis en het brandwondencentrum veel contact met elkaar. Uw arts kan om advies vragen bij de behandeling. Bij grote en diepe brandwonden gebeurt dit bijna altijd. Ook bij chemische en elektrische verbranding.

 

Verberg

Meer weten over brandwonden?

Bron: Brandwondenzorg Nederland

Deze pagina is voor het laatst gewijzigd op 09 juli 2018.

Deel deze pagina via: